The Grand Budapest Hotel (Wes Anderson, 2014)

The-Grand-Budapest-Hotel-WeLiveFilm-Review-Poster

Beoordeling: 8

Natuurlijk zijn er altijd wel thema’s hinein te interpretieren maar het lijkt er toch sterk op dat de films van Wes Anderson nagenoeg volledig uit vorm bestaan. Is dat een probleem? Integendeel: een genot.

The Grand Budapest Hotel vertelt het verhaal van de legendarische conciërge Gustave H. (Ralph Fiennes) en diens vriend Zero (Tony Revolori). Al na vijf minuten wordt de werkelijkheid in de kelder opgesloten en starten talloze gecompliceerde verwikkelingen die er welbeschouwd nooit echt toe doen. Ze zijn enkel bedoel om een in zichzelf gesloten wereld te creëren en die wereld is een bezoek meer dan waard.

item3.rendition.slideshowWideVertical.grand-budapest-hotel-set-04-hotel-lobby

De wereld van Wes Anderson is bijzonder en origineel. Natuurlijk zijn er raakvlakken met de werkelijkheid (disfunctionele families, menselijke interactie, uitzonderlijke karaktertrekken) maar wat vooral opvalt is een strakke en inventieve stilering. Of het nu gaat om ouder werk als The Darjeeling Unlimited en The life Aquatic, om een recentere film als The Fantastic Mister Fox of zijn voorlaatste prent: The Moonrise Kingdom: telkens weer kijk je je ogen uit.

Dat geldt voor The Grand Budapest Hotel misschien wel in de overtreffende trap. Prachtig gestileerde decors, fris geverfde muren, opulente kostuums en strak gepleisterde gezichten wedijveren om de aandacht van de kijker. Het ene moment kijk je naar een poppenhuis, het andere wandel je door een geschilderd landschap en daarna geniet je van de prachtige lounge in een obsessief-compulsief schoongehouden hotel. De kleuren, de details, de inventiviteit: je blijft genieten als je van dit soort dingen houdt. En ik lust er wel pap van.

Budapest-Hotel-Sets-Domaine2

De karakters en de avonturen die zij beleven zijn van hetzelfde laken een pak. Meer dan mensen van vlees en bloed waar je een emotionele band mee krijgt zijn het typetjes en decorstukken, die vooral dienen om de in zichzelf gesloten wereld van beweging te voorzien. Echt betrokken raak je er niet bij, maar amusant zijn ze wel. Of ik moet het anders zeggen, want anders klinkt het denigrerender dan ik het bedoel: ze passen precies bij de visuele stilistiek en ze versterken en accentueren die.

Het is alsof je kijkt naar zo’n grote automaat die vroeger in warenhuizen stonden, waar je een muntje in kon stoppen zodat een orkest met aapjes begon te spelen. Oók zo’n in zichzelf gesloten wereld, maar hoe sprookjesachtig en wat kon je daar bij wegdromen. Soms lijkt het door de uitgekiende en aanstekelijke humor ook wel op de slapstick uit de zwijgende cinema. Andere keren waan je je in een onbestaanbare sprookjeswereld die vertrouwd en tegelijkertijd vreemd is. Magisch.

item5.rendition.slideshowWideHorizontal.grand-budapest-hotel-set-06-hotel-dining-room

Het heeft – naast de visuele en inhoudelijke elementen – ook veel te maken met de structuur die Anderson kiest. In veel van zijn films gaat het om het vertellen van verhalen, maar hier al helemaal. Nog voordat de film begint weet je al dat het scenario geschreven is door Anderson, die zich echter baseert op de verhalen van Stefan Zweig. Dan zie je in de eerste en de laatste scene hoe een meisje een boek leest met als titel: The Grand Budapest Hotel. Dat boek is van een schrijver die ooit te gast is geweest in het hotel. Die schrijver krijgt het eigenlijke verhaal te horen van één van de hoofdpersonages. Verhaal in verhaal in verhaal in verhaal.

Om het nog leuker te maken spelen in de films zoveel belangrijke acteurs mee dat ze bij elkaar 17 oscarnominaties in de wacht hebben gesleept. Het is bijna een quiz om ze allemaal te herkennen en ze spelen stuk voor stuk aangenaam schmierend. Ik kan het niet anders zeggen: een feest.

The-Grand-Budapest-Hotel-Poster-slice-1024x723

De discussie die ik achteraf met Jan had ging over het feit dat er door de kunstmatigheid een soort afstand ontstaat en geen echte emotionele binding mogelijk is. Voor Jan was dat reden om een 6,5 te overwegen. Veel vakmanschap, knap, maar het raakt niet echt en wat moet je ermee? Ik kan me daar wel iets bij voorstellen.

Maar ik ervaar het anders. Anderson maakt geen naturalistische verhalen met personages waar je je mee kunt identificeren. Hij sluit veel meer aan bij de traditie van het ludieke absurdisme en creëert fantastische, sprookjesachtige visuele werelden waar je graag in wilt verdwalen. Dat doet hij wat mij betreft goed. Erg goed.

The secret life of Walter Mitty (Ben Stiller, 2013)

The_Secret_Life_of_Walter_Mitty_1274874

Beoordeling: 5,5

De oude met Danny Kaye was ook geen meesterwerk maar die had tenminste nog iets aandoenlijks. En hij leek thematisch wat hechter. Deze nieuwe valt zwaar tegen.

Walter Mitty (Ben Stiller) is een dagdromer die zijn leven in de kelders van Life-magazine langzaam laat leeglopen als een bad zonder stop. Dat verandert allemaal als hij verliefd wordt op een collega. Of nee, als hij door zijn nieuwe baas gepest wordt. Of nee, als hij tot de conclusie komt dat er nu echt iets moet veranderen door “Major Tom” van David Bowie. En dan springt hij uit een helicopter in een wilde zee, scateboardt naar een werkende vulkaan en beklimt de volledige Himalaya.

the-secret-life-of-walter-mitty

Oude films hebben dat: ze mogen onbeschaamd simpel en belachelijk sentimenteel zijn zonder dat je ze meteen van tafel veegt. Tóen was dat nu eenmaal zo. En bovendien: wie was je nu helemaal toen je die prenten voor het eerst zag? Een heel ander set van criteria was nog van kracht. Dat waren nog eens tijden.

Bij nieuwe films wordt dat lastiger. Vooral in combinatie met de ogen van de kijker die je na 50 jaar bent geworden. Enerzijds moet het allemaal spectaculairder, beter, groter, en anderzijds natuurlijk ook graag psychologisch strak en narratief verantwoord.

WManqQL-1024x576

De Walter Mitty uit 1947 was dromerig en rustig. Gezapig tegenover de nieuwe versie. Maar hij hád wat. Of in ieder geval herinner ik hem me zo graag, want het is al lang geleden dat ik hem zag. De held was herkenbaar teruggetrokken en een wereld van mogelijkheden hing tastbaar in de lucht.

De nieuwe is schreeuwerige en potsierlijk. Ik begrijp dat de fantasieën spectaculair moeten zijn, maar er is geen sprake van enige opbouw. Meteen na tien minuten begint de eerste en die komt volledig uit de lucht vallen. Dat geldt ook voor alle vervolgfantasieën. Ze zijn vreemd onspectaculair. Niet door de special effects: geen klagen daar, maar meer door de relatief korte duur, de weinig onderbouwde inzet en de focus op “spider-man” grandeur. Ze zeggen niets over het karakter of de voortgang van het verhaal, worden niet ingebed. Ach ik weet het ook niet: ze werken gewoonweg niet.

En dan is er – nog veel erger – het magere verhaal. Enerzijds baal ik van het psychologische inconsequentie: moet ik nu echt geloven dat iemand die zijn leven lang niks heeft ondernomen plotseling 180 graden omdraait en allerlei werkelijk spectaculaire stunts gaat uithalen? Waarom? Anderzijds irriteer ik me aan de simpele en sterk geromantiseerde uitwerking van het prachtige Life motto: to see the World, to find eachother and to feel. That is the motto of  Life. In de film worden dat vooral lege, opeengestapelde banale clishés. Voetballende Afghanen. Ha!

2013-07-30-secret_life_of_walter_mitty-e1375223868319

Treurig. Terwijl met zo’n verhaal over een dromer die de kracht vindt om zijn leven om te buigen volgens mij echt veel te doen zou zijn. En dat had gekúnd. De film bevat duidelijke aanwijzingen dat er sprake is van een getalenteerde crew.

Het camerawerk is bij tijd en wijle fantastisch (komt ook wel door de Noordelijke landschappen maar dan nog), de muziek is heerlijk en wordt goed gebruikt en in individuele scenes laat Stiller als regisseur zien dat hij weet wat timing is en dat hij atmosfeer en verhaalopbouw beheerst.

Het beste voorbeeld is de scene die begint in de IIslandse bar met de lokale karaokezanger (de mij onbekende maar absoluut geniale Olafur Darri Olafsson). Humor, krachtige verhaallijnen, perfecte timing. En vanaf het moment dat de denkbeeldige Cheryl (Kristen Wiig) Major Tom begint te zingen – wat een geweldig nummer is dat toch – start een filmische kinetiek die zeldzaam meeslepend samenwerkt met muziek en tempo. Ik zeg recht uit mijn hart: een fantastische scene.

the-secret-life-of-walter-mitty-movie-still-21

Ook andere elementen zijn om van te smullen. De opening credits plus een paar scenes met in het scherm geschreven woorden en de aftiteling: wauw! Wat een creativiteit en een krachtig toegepast vakmanschap. Zoiets bekijk je met plezier.

En zelfs de acteurs zijn niet slecht. Nou ja, Sean Penn is onuitstaanbaar (gelukkig maar kort in beeld) maar verder zie je weinig mensen slecht spelen. Kristen Wiig is sprankelend, Adrian Martinez ontroerend, Shirley MacClain good as always en Adam Scott een vreselijk arrogante baas. Zelfs Stiller weet zijn rol leuk weg te zetten.

inspiring-full-trailer-for-the-secret-life-of-walter-mitty-5

Des te bedroevender dat er niet meer uit de op zichzelf boeiende vertelling van James Thurber gehaald is. Een duidelijk geval van gemiste kansen.

BROs before HOs (Steffen Haars en Flip van der Kuil, 2013)

bros_before_hos_2013_poster

Beoordeling: 7

Van Bart moest ik hem minstens een 8 geven want: “je hebt zo hard gelachen, het was af en toe zelfs irritant”. En het klopt: regelmatig bleef ik er in, ook als de rest van het publiek al stil was. Maar die romantiek hè.

De broers Max (Tim Haars) en Jules (Daniel Arends) houden van drank, joints en vrouwen. Ooit hebben ze een pact geloten om nooit een relatie te beginnen want daar komt toch alleen maar gezeik van. Dan loopt Anna (Sylvia Hoeks) hun leven binnen.

BBH-0630

Bro’s before Ho’s komt uit de koker van Steffen Haars en Flip van der Kuil, het illustere duo dat verantwoordelijk is voor New Kids. Ik had de tv-serie nooit gezien maar viel als een blok voor de films. Botte, anarchistische humor van het laagste plan die niets van doen wil hebben met alles wat cultureel verantwoordelijk of politiek correct is. Heerlijk!

En Bro’s before ho’s pakt die draad gelukkig probleemloos op. Geen hogere dimensies hier, maar scheten, foute grappen over seksueel gefrustreerde mongolen, masturbatie om de drie scenes, alle vrouwen zijn kuthoeren en dialogen van het type: Douwe Kroese met aids maar zonder condoom of Viola van Emmenes overreden door een vrachtwagen maar met het onderlijf nog perfect intact (Douwe Kroese). Doodgewone maandagmiddagse mannendingen eigenlijk.

62479_754231257926576_400007291_n

In die stukken zijn Haars en Van der Kuil meesterlijk. Ja, het is de goedkoopste vorm van humor, maar hij is bevrijdend eerlijk en werkt aanstekelijk enthousiasmerend. Het tempo is steeds hoog, de timing perfect en het anarchisme uit New Kids blijft overeind.

Nóg beter zijn de wtf-moment. In de eerste New Kids was dat de hond die plotseling uit het niks wordt neergeschoten en hier vooral de geweldexplosies van de seksueel gefrustreerde Huub Smits en het moment dat Clint Eastwood wordt besproken op het balkon en Henry van Loon uit het niets naar beneden duikt.

Trouwens: Van Loon als de huisvriend Rene: geweldig! Zijn misplaatste rappersteksten maar vooral zijn relatie met de nuffige Suzanne (een heerlijk schmierende Jennifer Hoffman) behoren tot de hoogtepunten van een toch al erg leuke film. Vooral omdat hij als cabaretier exact weet hoe hij zijn teksten moet uitspreken en wat hij er bij moet doen: een groot komisch talent. En dan hebben we het nog niet eens gehad over de bijrol van Theo Maassen. Of die van Birgit Schuurmans: een zelfgeschreven verjaardagskaartje is nooit meer hetzelfde.

BBH-0855

En als filmliefhebber geniet je natuurlijk in overdrive van alle verwijzingen naar klassiekers als First Blood, Escape from Alcatraz, Clerks en Dirty Dancing. Wat dat betreft is de aftiteling meer dan de moeite waard. Daarin worden beroemde filmscenes  à la “Be Kind, rewind” nagespeeld – inclusief New Kids – door verstandelijk beperkte medemensen (niet de term die in de film wordt gebruikt). Dus blijf even zitten.

Dat is ook wel een groot pluspunt: het absolute plezier aan het filmmaken dat werkelijk van alle scenes af spat. Chaos ja, weinig subtiliteit, geen hoge filmkunst, maar een grote liefde voor het medium en een compleet gebrek aan respect voor alles wat met normen en waarden te maken heeft.

bro-s-before-ho-s-1

Tenminste: als daar niet dat onzalige idee was geweest om toch óók een romantische komedie te maken. Een lief verhaaltje waarin uiteindelijk de hoofse liefde zegeviert. Getverderrie. Let op: ik heb daar zo doordeweeks niets op tegen, maar hier is het wel een beetje de spreekwoordelijke tang op het varken.

En laat dan dit varken maar gewoon rustig zelfstandig in de modder rondwentelen. Daar is beslist geen tang bij nodig.

Last Vegas (John Turtletaub, 2013)

826bdc2a7e21bf0b3d6c02cd421c447d

Beoordeling: 6,5

Vier acteurs van dit kaliber bij elkaar in één film, dan valt er wel wat te smullen zou je zo denken. En dat is ook zo. Plus de nodig humor, zwembaden en gokkasten. Mooi allemaal, maar helaas is er ook nog het verhaal.

Las Vegas is een mannenfilm. Vier jeugdvrienden doen in de herfst van hun leven nog één keer een verwoede poging om voor korte tijd te ontsnappen aan de sleur van het dagelijkse leven. Wanneer één van hen trouwt reizen ze naar Las Vegas voor een vrijgezellenfuif. Drank, vrouwen, 50 cent en een confrontatie met het verstrijken van de tijd.

1_3116

Het grootste pluspunt van de film is de cast. Vier kanonnen – De Niro, Kline, Douglas en Freeman – plus de weergaloze Mary Steenburgen bij elkaar: wie wil dat nou niet zien? En het moet gezegd: de heren (en de dame) zijn op dreef: tijdens de beste momenten spelen ze hun beroemdheid zó weg uit je belevingswereld en zelfs als ze vreselijk clichématige dialogen moeten uitspreken weten ze nog steeds tot op zekere hoogte overtuigen. Daarnaast hebben ze zichtbaar lol aan de samenwerking, wat zich vertaalt in een enthousiasmerende en aanstekelijk warme sfeer.

1380508824695_bo-lao-xi-tin-last-vegas-e2b041

Ook als komedie blijft de film tot aan het einde overeind. De humor is nergens subtiel maar ook niet grof of bot. Het gaat eigenlijk altijd om het beruchte Peter Pan syndroom en de scenarioschrijver Dan Fogelman weet hier vooral in de dialogen maar ook wel in de situaties veel waarde alle geinvesteerde dollars te realiseren. De trailer geeft een indruk  van de scherpte en dimensies maar sommige scenes moet je in de opbouw zien.

Een goed voorbeeld is de zwembadscene, waarin de heren out of the blue een bikiniwedstijd jureren. Welbeschouwd is daar niet zo heel veel grappigs aan, maar de medewerking van LMFAO en vooral het plezier dat de acteurs tentoon spreiden werkt echt ontwapenend. Onwillekeurige begin je mee te bewegen en “everybody’s shuffeling” te neurieen. Plus kijk die Michael Douglas toch eens op zijn kruk op en neer wippen.

last-vegas

Maar dan is daar toch het verhaal. Dat blijft van voor tot achter plat, eendimensionaal en storend oppervlakkig. Met zo’n cast zou dat echt niet nodig zijn. Soms lijkt het even een beschouwelijke of wat meer schrijnende kant op te gaan maar het duurt nooit lang of een gemeenplaats smoort die potentie volledig in de kiem. Snelle oplossingen, wandtegelfilosofietjes en scenariotruckjes. Vooral tegen het einde moeten de losse eindjes bij elkaar worden geknoopt en dat gebeurt niet echt genuanceerd. Jammer.

960x595

Ach ja. Je verveelt je niet. En het korte optreden van 50 cent is alléén al de prijs van het kaartje waard.

The Family (Luc Besson, 2013)

the-family-poster

Beoordeling: 5

Flauw, oninteressant en saai. Dat somt het eigenlijk wel op. Ondanks drie rasacteurs, een leuk concept en een regisseur die vaak toch van wanten weet. You can’t win ‘m all.

Robert de Niro speelt een maffiabaas (neuh!) die met zijn gezin naar Zuid-Frankrijk wordt geplaatst in het kader van een witness-protection program. Daar blijkt het moeilijk aanpassen want oude gewoonten verdwijnen niet zo snel.

the-family-movie-poster-17-1024x491

De premisse is heel aardig en als je enkel naar de trailer kijkt lijkt het ook best wat op te leveren: leuke grapjes, botte brutaliteit en politiek incorrecte communicatie met de lokale Franse bevolking. Dat zal dan komen omdat alles in twee en een halve minuut wordt samengebald, want in de film zelf werkt het voor geen meter.

Ja, soms zijn de grapjes leuk (de supermarkt die in de fik gaat, het gesprek met de baseballknuppel, sommige situaties op school) maar ze verdrinken in een batterij onamusante momenten zoals de flauwe beschouwingen van de Amerikanen over de Fransen en vice versa en de niet altijd even sprankelende conversaties met de lokale bevolking. Nergens slaat de vlam echt in de pan.

The Family

En dan heb ik het nog niet gehad over het verhaal. Dat is veel te lang en hangt aan elkaar van oninteressante momenten en slappe karakters. Na een kwartier heb je nog hoop maar tegen de grens van dertig minuten weet je: dit gaat het niet worden. Eigenlijk blijft er nog maar één ding over: uitzitten.

De Niro, Pfeiffer en Jones maken dat nog enigszins de moeite waard. Het zijn fantastische acteurs en ik zal niet zeggen dat ze hier slecht spelen, maar toch lijken ze geen vat te krijgen op hun karakters. De stereotypen en maniertjes vliegen met bakken van het scherm en ondanks het zichtbare plezier dat de spelers hebben blijft het toch plat en eendimensioneel. Dat zal ook wel in het script hebben gestaan: de film probeert immers overal de genreregels te parodiëren (samen kijken naar goodfella’s: ah, oke, dat is best grappig) maar kom op zeg: dat kan toch ook anders?

The Family

Geef mij maar de Besson van Nikita, Leon en The Fifth Element of (als schrijver) van Taken, Taxi en The Transporter. Daarin voel je vuur en vaart. In The Family vooral verveling.

Blue Jasmin (Woody Allen, 2013)

blue-jasmine-sortira-le-25-septembre-en-france

Beoordeling: 6

Woody Allen maakte 46 films in vijftig jaar. Dat noem ik nou een prestatie van niveau. Temeer omdat er een paar klassiekers bij zitten en ook behoorlijk wat “reguliere” kwaliteitsfilms. Blue Jasmin heeft zo z’n charmes maar zingt toch duidelijk een toontje lager.

Nadat haar man is betrapt op financiele malversaties verwisselt Jasmine (Cate Blanchet) gedwongen door geldgebrek de jetsetwereld van New York voor de veel bescheidenere woning van haar zus (Sally Hawkins) in San Fransisco. Hier probeert ze het hoofd en haar geestelijke gezondheid boven water te houden maar dat wil niet echt lukken.

Blue-Jasmine-

Alle thema’s van Allen zijn aanwezig: de liefde voor de stedelijke woonomgeving, vrouwen, complexe relaties, neuroses en onzekerheden, eigentijdse communicatie. Ook in de vorm sijpelt de Amerikaanse meester uit alle porieen: vanaf de zwarte achtergrond met dezelfde witte letters in het begin en aan het einde , via de jazzmuziek, de gefragmenteerde en anecdotische opbouw tot aan de boeiende vrouwenrollen. Alles wat in meesterwerken als Annie Hall of Manhattan zit, is hier ook aanwezig. En toch…

Blue Jasmin is een lichtgewicht. Hier en daar lijkt een pittig thema boven tafel te komen (sociale ongelijkheid, psychiatrie, miscommunicatie en onbegrip) maar voordat het al te serieus kan worden steekt een kwinkslag of een grappige sidekick daar wel een stokje voor. En zo kabbelt het verhaal luchtig van de ene naar de andere anecdote.

bluejasminesallyadc

Dat gebeurt overigens niet slecht. Allen weet natuurlijk inmiddels wel hoe hij een modern verhaal moet vertellen en je blijft dan ook met redelijk wat plezier kijken. Daar staat tegenover dat je nooit echt gegrepen wordt door emoties en nergens kletsend om de oren word geslagen met scherpe humor. De hele film is netjes zindelijk getraind.

Blue Jasmin zou ondanks verdienstelijk vakmanschap snel uit het geheugen verdwijnen als er niet één groot pluspunt was. Cate Blanchet. Wat een geweldige actrice en wat doet ze het hier ongelooflijk goed. Meer dan het scenario of het vluchtige verhaal, zorgt zíj er door haar werkelijk fenomenale acteerprestatie voor dat Jasmin een vrouw van vlees en bloed wordt, die voortdurend geloofwaardig is en die zowel in haar arrogantie als haar kwetsbaarheid weet te boeien en te ontroeren. Dit is niet Woody Allens film, maar de hare.

93

Nou ja, plús die van Sally Hawkins als haar naieve maar eigenlijk veel wijzere zus. Oók een dikke pluim. En – maar dan hou ik er ook echt mee op – van het magistrale einde. Blanchet op die bank in die wanhopige monoloog. De beweging van de camera naar haar gezicht toe. Blue moon. Duisternis. Wát een mooie scene. Kippevel.

We’re the Millers (Rawson Marshall Thurber, 2013

2296080

Beoordeling: 7

Komedies hebben niet zelden een simpel verhaal en weinig eeuwigheidswaarde. Dat geldt voor We’re the Millers óók, maar als je dat op de koop toe neemt hou je wel een erg grappige film over. You know what I’m sayin?

David Clarke (Jason Sudeikis) is een smalltime drugdealer die bij een overval zijn buit verliest en daardoor in de problemen komt met zijn opdrachtgever. Met het mes op de keel neemt hij een klus aan waarbij hij een enorme hoeveelheid drugs over de Mexicaans-Amerikaanse grens moet smokkelen. Dat lukt vast stukken beter – denkt hij – als hij zich samen met zijn stripper buurvrouw (Jennifer Anniston) , de eenzame en naieve zoon van de onderburen en een jonge zwerfster, voordoet als een modaal gezin.

we-re-the-millers05

Qua onwaarschijnlijkheid en simplisme doet “We’re the Millers” weinig onder voor de slechte “identity Thief” van eerder dit jaar: het gaat duidelijk om een geconstrueerde situatie die in de werkelijkheid nooit op deze manier voor zou komen. Blijven over: de kracht van een goed scenario, perfecte timing en komisch getalenteerde acteurs. Drie maal de spijker op de kop.

Het scenario behelst weliswaar een onmiddellijk na de aftiteling te vergeten verhaal, maar het geeft de karakters kans om te ademen, voorziet ze van grandioze dialogen en mijdt al te gladde oplossingen. De personages zijn allemaal niet erg sympathiek en kiezen regelmatig voor eigen gewin of pragmatisme, wat een verademing is binnen de lauwwarme Amerikaanse moraliteitscultuur.

Het maakt de toon van de film realistisch. Of realistisch, natuurlijk hebben we het hier over een komedie, maar op een of andere manier voelen de karakters écht aan en blijf je benieuwd hoe ze op situaties zullen gaan reageren. Telkens opnieuw maken ze daarbij keuzes of zeggen ze dingen die je net niet verwacht, die harder of botter zijn dan je in het genre gewend bent, die je onwillekeurig – of je dat nu wilt of niet – soms hardop doen lachen.

5E0A6256.dng

De timing is ongemeen goed. Vlot, altijd spot on the mark en niet zelden staccato. Telkens weer hebben blockbusters deze zomer laten zien dat humor veel moeilijker is dan het lijkt. Percy Jackson en The Lone Ranger verloren het gevecht tegen de humor niet alleen door flauwheid maar ook door verkeerde plaatsing, pijnlijke stiltes en genante overaccentuering. We’re the Millers laat zien hoe het wel moet.

De acteurs zijn sterk en doen stuk voor stuk verschillende duiten in het zakje. Sudeikes is een goede komiek, maar ook Anniston, die ik lang niet altijd even leuk vind, weet hier de plank altijd raak te slaan. De twee kinderen: eveneens niets te klagen. Emma Robberts (van Nancy Drew) is leuk en adequaat vervelend als opgroeiende tiener, maar Will Poulter steelt de show: toegegeven hij krijgt de beste momenten, maar hij weet ze ook met verve in te vullen. Zowel zijn reactie op de tarantulabeet als de rap in Waterfalls zijn nu al klassiek.

73594_10151571465678461_1664032562_n

Geen meesterwerk en ook niet zo doorwrocht (of genderkritisch) als The Heat, maar wel absoluut de moeite waard. Goed gemaakt, grappig, onderhoudend. En voor de mannen die dat verder weinig kan schelen is er altijd nog de striptease van mevrouw Anniston. Maar die is in de trailer ook al even te zien.

RED2 (Dean Parisot, 2013)

red2-poster-950

Beoordeling: 6,5

In 2010 maakte Robert Schwentke (van RIPD) de leuke stripverfilming RED. Nu is er het vervolg met een groot deel van de oude cast, een andere regisseur en nieuwe boeven. Een herhalingsoefening, maar zeker geen slechte.

De gepensioneerde CIA-agent Frank Moses (leuke rol van Bruce Willis) ziet zich gedwongen zijn burgerbestaan met Sarah (nog leukere rol van Mary Louise Parker) aan de wilgen te hangen en zijn oude team weer bij elkaar te roepen. Gezamenlijk binden ze de strijd aan met Anthony Hopkins die een nucleaire bom in het Kremlin wil laten ontploffen. En dan worden ze ook nog achterna gezeten door een aantal fantasierijke schurken.

Red-2

RED2 wil de spionagefilm net als de oorspronkelijke RED niet naar een tinkertailersoldierspyniveau tillen. Wat zeg ik: tegenover RED2 is James Bond een realistische documentaire en dat zal menige kijker wegstoten. Iedereen die op zoek is naar realisme – hetzij extern, hetzij binnen de verhaalwerkelijkheid zelf – heeft hier weinig te zoeken.

Wie daarentegen wil genieten van vermakelijke en goed gemaakte wervelende actie, kan het zonder meer slechter treffen. Net als Schwentke weet ook zijn collega Dean Parisot (van Galaxy Quest) een leuke verhouding te vinden tussen humor en actie en maakt hij goed gebruik van chemie tussen de verschillende karakters. Dat het verhaal volstrekt ongeloofwaardig is, weinig interne consequentie kent en soms erg snel verspringt is daarbij nauwelijks van belang.

red2-helen-mirren-guns

RED2 is een achtbaan die je het beste kunt ondergaan door het verstand op nul te zetten en gewoon languit te genieten. Ten opzichte van de oorspronkelijke RED zijn zowel de actie als de humor verdubbeld en ligt het tempo een stuk hoger. Logisch ook, want inmiddels zijn de karakters bekend en hoeft er geen tijd meer te worden besteed aan uitgebreide achtergronden.

De plezierige toon in de film is echter vooral te danken aan een krachtige team van rasacteurs. Zij lijken stuk voor stuk erg veel lol te hebben in elke over the top actiescene waarin ze verwikkeld raken. Morgan Freeman is in het eerste deel overleden, maar verder geeft iedereen acte de presence. Zoals gezegd spelen Willis en Parker erg goed, maar opnieuw krijgen Malkovich en Mirren veel ruimte en dat is bepaald geen slechte zaak.

red2-legends

Daarbovenop introduceert de film een aantal zeer vermakelijke nieuwe schurken. Anthony Hopkins is misschien wel wat karikaturaal (hoewel de scene in het vliegtuig veel goed maakt) maar Catherina-Zeta Jones als uberbitch en Byun Hung Lee als ijskoude martial-artskiller stelen de show. Daarnaast heeft ook David Thewlis een leuke rol als wijnkenner met bijzondere hobby’s.

Vlot, snel, grappig, onderhoudend. Probleemloos amusement. Goed, weinig nieuws en hier en daar misschien wel erg overtrokken, maar hé: het is zomer! Plus: de nieuwe overgangen met striptekeningen werken beter dan die met ansichtkaarten uit de voorganger. Toch blijft die wat mij betreft nét iets beter.

RIPD (Robert Schwentke, 2013)

poster-ripd

Beoordeling: 5

De trailer is erg leuk, zeg ik niks van. Maar dan blijken er in de film zelf allemaal stukjes tussen te zitten die niet deugen. En steeds opnieuw heb je het leukste al wel gezien. Geen goede zaak.

Als politieagent Nick (Ryan Reynolds) door zijn partner (Kevin Bacon) wordt vermoord, belandt hij in het hiernamaals bij het RIPD, het Rest in Peace Department. Samen met de onwillige Roy (Jeff Bridges) bindt hij de strijd aan met overleden misdadigers en natuurlijk stuit hij daarbij op zijn moordenaar. Gebaseerd op de succesvolle strip van Peter M. Lenkov (die ik nooit gelezen heb).

RIPD-bridges-movie-1

Het idee klinkt niet slecht, de keuze om er een komedie van te maken is logisch en de acteurs hebben in het verleden stuk voor stuk leuke dingen laten zien. Dan is er een budget van 130 miljoen voor aankleding en effecten en een regisseur die eerder RED maakte, dus hop: waar is dat feestje?

Nou, nergens. De hoop blijft na de matige opening nog even leven bij de eerste scenes in het hiernamaals (waar vooral Mary-Louise Parker als nuffige kantoorbediende erg leuk blijkt), maar dan denk je al snel: dit heb ik eerder gezien met Will Smith en Tommy Lee Jones. Naarmate de film vordert komt die gedachte steeds vaker terug (zelfde wapens, zelfde soort tegenstanders, zelfde dialogen), tot iets na het midden: dan wordt het meer Ghostbusters.

2_232

Niet dat RIPD volstrekt onverdienstelijk is. De effecten zijn aardig en regisseur Schwentke houdt de vaart in het verhaal: je hoeft je niet te vervelen. Daarnaast zorgt de humor die voortvloeit uit de relatie tussen Reynolds en Bridges af en toe ook wel voor een beginnende glimlach (en soms – nou vooruit dan – ook wel voor een wat harder uitgevallen “ha”) maar het houdt niet over.

screen-shot-2013-04-17-at-10-10-53-pm1

Alles wat nieuw is en potentieel interessant (het idee van een hiernamaalse politie-eenheid, de grappige manier waarop de agenten door de levenden worden waargenomen) valt in het niet bij het feit dat alles al eerder en beter is gedaan. Men in Black en Ghostbusters waren misschien geen meesterwerken maar op het moment dat die films uitkwamen was er nooit iets vergelijkbaars geweest: daardoor voelden ze toen fris en origineel aan. Dat is bij RIPD beslist niet het geval.

1366277329_ripd24

Gelukkig hebben we de trailer nog.

The Heat (Paul Feig, 2013)

BnnEDiyivbo

Beoordeling: 8

Hardop lachen terwijl je in je eentje naar een film zit te kijken: mij gebeurt het niet vaak. Nu wel en niet één keer maar voortdurend. The Heat is dan ook wat mij betreft de leukste komedie van deze zomer.

Sandra Bullock speel de nuffige FBI-agente Ashburn die erg goed is in haar werk maar niet kan opschieten met haar collega’s. Voor de zoveelste keer? Ja, maar kop dicht: ze kan dat als geen ander. Haar baas stuurt haar naar Boston om een drugsdealer op te sporen. Daar ontmoet ze de eigenzinnige Mullins (Melissa McCarthy) en zoals dat in het buddy-buddy genre hoort kunnen ze aanvankelijk elkaars bloed wel drinken.

sandra-bullock-melissa-mccarthy-the-heat

Meer hoef je eigenlijk niet te weten. Want hoewel het verhaal helemaal niet onaardig is en de aandacht goed weet vast te houden gaat het natuurlijk om de manier waarop de tegengestelde karakters met elkaar omgaan. En dat zit echt helemaal absoluut 100% volledig goed.

Scenarioschrijfster Katie Dippold is nieuw in het vak maar van mij mag ze nu al een standbeeld hebben. Ze wilde een buddycopfilm maken die zich kon meten met Running Scared of Lethal Weapon en dat is haar prima gelukt. Op het gebied van de komedie overtreft ze die twee met verve en eigenlijk alles wat er verder nog op dat terrein gemaakt is.

The-Heat

De humor is ruw maar intelligent en wordt volledig verweven in het verhaal. Geen bizarre situaties maar strak uit de personages voortvloeiende dialogen en handelingen. Het niveau is hoog en de timing ronduit perfect. Telkens denk je: nu zakt het in, nu zal de nadruk wel naar het verhaal verschuiven of nu ben ik er aan gewend en verliest het zijn effect, maar nee. Het scenario legt achter iedere nieuwe bocht een nieuwe humoristische verrassing.

Vanzelfsprekend heeft dat veel te maken met de actrices. Bullock en McCarthy zijn echt aan elkaar gewaagd en de chemie spettert van het scherm af. Dat is niet zonder meer vanzelfsprekend. Beide actrices kenden in het verleden hun mindere momenten en McCarthy stelde onlangs zelfs nog erg teleur in de volledig mislukte Identity Thief. Nou, hier revancheert ze zich. En hoe.

the-heat-5

Én het heeft te maken met regisseur Paul Feig. Komend uit de tv-wereld (Arrested Developement, Weeds, Nurse jackie en The Office) maakte hij in 2011 de erg aardige Bridesmaids (ook al met McCarthy) en zette zichzelf meteen overtuigend op de kaart. The Heat is nog een tandje beter en bevestigt zijn reputatie.

Tenslotte vond ik de soundtrack erg aardig. Herkenbare nummers als More than a Feeling en de hilarische dans op Groove is in the Heart wisselen af met moderne vrouwelijke rap Van Azealia Banks die het wat ruige en eigentijdse karakter volledig onderstrepen. Plus: er is echt wel wat te zeggen over de vrouwelijke toon in de film: die is verrassend gendernuchter en heerlijk relativerend. De sterke hoofdpersonages, de scenarioschrijfster, de wereld van vrouwen binnen een mannencultuur: prachtig en intelligent uitgewerkt zonder zeurderige problematisering. Ik laat de duiding over aan de sociologen maar: chapeau!

the-heat-still-2

En de balls-monoloog. Don’t get me started.  Ga kijken!