Oculus (Mike Flanagan, 2013)

oculus2014419092849

Beoordeling: 6

Sinds James Wan en wat Spaanse kwaliteitsfilms de horror uit het verdomhoekje hebben gehaald lijken er steeds meer “goede” enge films te verschijnen. Oculus wordt in ieder geval onder die noemer verkocht. Ik ben niet helemaal overtuigd.

Een vreemde spiegel lijkt de oorzaak te zijn van veel ellende in het leven van Kaylie en Tim Russel (Karen Gillan en Brenton Twaites). Als kinderen maken zij door dat object allerlei akelige dingen mee die er toe leiden dat Tim wordt opgenomen omdat hij zijn vader heeft vermoord. In het heden probeert zijn zus zijn onschuld te bewijzen. Dat gaat niet echt zonder slag of stoot.

Oculus-2

Net als The Conjuring of Insidious houdt Oculus zich verre van de formulehorror zoals we die kennen uit de Friday-, Halloween- en Texas Chainsaw-series (niet dat daar iets mis mee is, maar gewoon voor de plaatsbepaling). Toch is het recept inmiddels een formule op zichzelf aan het worden: sfeervolle donkere ruimtes; tijd voor karaktertekening; psychologische worstelingen, ondefinieerbare entiteiten en zenuwslopende shockmomenten. Min of meer verstandige horror dus, voor de bloedarmoedige kijker.

En Oculus heeft binnen die context zeker wel wat te bieden. De sfeer is somber en effectief, de film neemt de tijd om karakters te introduceren en er zijn genoeg spannende momenten om het puntje van de bioscoopstoel naar behoren te belasten. Twee of drie scenes blijven ook na de titelrol nog in het hoofd rondspoken.

oculus-5

Daarnaast weet regisseur Mike Flanagan (die eerder de niet perfecte maar wel erg interessante lowbudgetfilm Absentia draaide) zijn verhaal sterk te vertellen. Met name het feit dat twee tijdlijnen non-lineair door elkaar lopen maakt de vertelwijze tot een leuk analyseobject. In één scene zie je bijvoorbeeld hoe hetzelfde karakter tegelijkertijd als jongeling de trap af loopt en als volwassene naar boven gaat. Dat zou verwarrend of anders wel geforceerd kunnen werken, maar Flanagan maakt er iets moois van.

Ook in andere technische opzichten is de film absoluut de moeite waard. Het camerawerk draagt in hoge mate bij aan de beklemmende sfeer in de film; met name de perspectivisch vertekende opnames van boven af vallen op, maar ook wel de belichting. Daarnaast is de muziek (deels soundscape en deels eenvoudige melodielijnen zonder veel bombast) van de Newton Brothers perfect op zijn plaats.

Oculus_podcast

Maar dan doen zich toch ook de nodige problemen voor. Boven alles nog wel de cast. Waar Katee  Sackhof een prima emotioneel verstoorde moeder neerzet en Rory Cochrane een voldoende geloofwaardige vader doen de twee volwassen hoofdrolspelers mij helemaal niets. Ze blijven erg teenie-jong (wat was het simpel geweest om ze tien jaar ouder en daardoor veel sterker te maken) en zijn ongeschikt om de complexe emoties te realiseren die hun karakters vereisen. Daardoor ga je nooit volledig mee in het verhaal. De kinderen doen het aanvankelijk veel beter maar zakken naar het einde toe sterk in niveau.

oculus3

En dan is er ook nog het verhaal. Enerzijds worden interessante vragen gesteld over wat werkelijkheid is en wat fantasie en zijn er ook wel wat bespiegelingen over psychiatrische stoornissen, maar echt diep gaat dat allemaal niet. Anderzijds zijn er wel barsten te slaan in de inhoud.

Niet zozeer dat de hoofdpersonages constant ruimtes betreden die ieder normaal denken wezen te allen tijde zou vermijden (kom op , het is horror, wat moeten ze dan doen, wegrennen? Is de film snel afgelopen). Wel het feit bijvoorbeeld dat de twee geniale onderzoekers de spiegel niet gewoon tijdens het eerste transport van een brug mieteren of anders een geweer gebruiken (er is immers een actieradius rondom de spiegel, ook al zoiets). En dan al die vragen die opgeroepen worden maar vervolgens in het niets oplossen. Marisol? Alle personages die de spiegel al heeft gedood? De achtergrond die Kaylie voor haar videocamera op bijna genante wijze opsomt maar daarna vergeet? Het feit dat op het laatst echt met geen mogelijkheid meer te beredeneren valt wat echt is en wat niet waardoor je je met elk einde bedrogen voelt?

Nee, het niveau van The Conjuring of Insidious haalt Oculus niet. Maar ach, het is in ieder geval horror.

Advertisements

I, Frankenstein (Stuart Beattie, 2014)

1391072029_fran

Beoordeling: 4

Echt waar: ik hou van strips, ben dol op oude horrorverhalen, heb niks tegen schaamteloze overdrijving en onvervalste stereotypen en kan probleemloos genieten van betekenisloze dialogen. Maar er zijn grenzen.

Aaron Eckhart is Adam, het monster van Frankenstein. Er zijn demonen en gargoyles en die vechten met elkaar om wereldheerschappij. Adam blijkt een spil te zijn. En hoppa: te veel woorden: vechten, explosies, vuur.

I-Frankenstein-Poster

Los van het feit dat de naam van het monster voor het eerst in de geschiedenis relatief goed wordt gebruikt, heeft de film weinig uit te staan met de toch al niet geweldige roman van Wolestoncraft Shelley, maar alles met de strip van Kevin Grevioux, die ook meewerkte aan het script. Daarom zijn er dit keer geen verwijzingen naar oude Griekse legendes maar wel een hoop verstandelijk zwaar beperkte verhaallijnen en veel steroide actiemomenten.

Een dergelijke aanpak hoeft niet meteen tot mislukking te leiden. In de Underworld-serie – van dezelfde producenten – levert het zelfs acceptabele karakters op en onderhoudend amusement. Maar dan moeten wel op z’n minst een paar basale eisen ingewilligd worden en dat is hier niet het geval. Verre van.

i-frankenstein-new-pic

Het verhaal zou te volgen moeten zijn en de karakter op z’n minst enigszins invoelbaar. Niets van dat alles hier. Je wordt als kijker plompverloren in het verhaal gedropt en voordat je kunt onderscheiden wie wie is zit je al midden in het eerste gevecht. Met enige fantasie kun je nog bedenken dat de blauwe ontploffingen gargoyles voorstellen en de rode demonen, maar waarom? Binnen welke context? Met welke bedoelingen? Het lijkt er weinig toe te doen. Later krijg je nog wel wat instructies om van alle details eetbare soep te trekken maar dan is het al te laat.

Daarnaast zijn de karakters zo plat en eendimensionaal dat je jeuk krijgt op plekken waar de zon nooit schijnt. Wat een verspilling van talent. Eckhart mag dan geen Lawrence Olivier zijn, hij kan beter dan dit. Mensen als Miranda Otto (wat was ze leuk in The Lord of the Rings) en Bill Nyghy (wat is die bijna altijd wel leuk) worden werkelijk totaal verkwist. Af en toe zit je met plaatsvervangende schaamte te kijken. Misschien dat een uitgetrokken hemd voor deze of gene nog verlichting brengt?

i-frankenstein-hi-res

En dan hebben we het allerergste nog niet gehad. De dialogen. Hou me vast en plet mijn hoofd tussen twee enorme rotsblokken zeg. De veel te serieuze en zwaar naar de basniveau’s getrokken manier waarop ze gedeclameerd worden is al een parodie op zichzelf. “THIS ENDS TONIGHT” is nog niet uitgesproken of daar is alweer het antwoord op “God should condemn you”: ‘HE ALLREADY DID”.

Dit leverde overigens wel het enige leuke moment in de film op. Nou, eigenlijk meer na afloop van de film. Toen hebben Jan en ik in de auto terug naar huis die toon overgenomen binnen alternatieve situaties, zoals een bestuursvergadering van de faculteitsraad of het voorlezen van het weerbericht. Toch nog wat plezier voor de aankoopsom van het kaartje.

i-frankenstein

Ik zou er misschien in een milde bui nog bij kunnen zeggen dat de decors hier en daar best fraai zijn (op een overdreven gotische en sterk gestileerde manier). Maar dat is toch echt een druppel op een gloeiende plaat en eigenlijk ook te veel eer.

It’s definitely not aliiiiiivvvvve!

Insidious chapter 2 (James Wan, 2013)

insidious-2-promet-frissons-et-chair-de-poule

Beoordeling: 5,5

Er waren hoge verwachtingen door Insidious 1 die ik heel aardig vond en vooral The Conjuring, die echt goed was. Maar helaas. Geen drie op een rij voor regisseur James Wan.

Insidious Chapter 2 begint waar deel 1 ophoudt en volgt de familie Lambert in hun geplaagde bestaan. Het punt dat in de eerste film leek te zijn gezet blijkt een komma en de beproevingen zijn nog lang niet voorbij. Dit keer staat de zoektocht naar de redenen achter de spookachtige gebeurtenissen uit deel 1 centraal: de doden en de overlevenden werken samen in een soort paranormaal CSI team en komen een macabere (en dode) serial killer op het spoor.

3S7C3257.CR2

Het eerste probleem is het begin. Zonder al te veel uitleg zit je midden in het verhaal en binnen de kortste keren vliegen de spookverschijningen je om de oren. Logisch misschien, omdat het een vervolg is en het weinig zin heeft alles weer eens netjes te herkauwen. Dan had ik hier geschreven: herhaalt de stappen uit deel 1. Maar het is daardoor wel moeilijk om langzaam meegesleept te worden en dat heeft zo’n film wel nodig. Anders haak je snel af.

Het tweede probleem is dat ergens na het eerste half uur de losse verhaallijnen zich opstapelen en de bijpassende decors wisselen als continenten in een James Bond film. Op die manier verliezen de verschillende vertellingen hun claustrofobische en beklemmende werking: telkens weer kun je even op adem komen en als je later in de film de draad weer oppakt is de spanning aanzienlijk gedaald. Plus natuurlijk: continuiteit: ho maar.

49471eZEJ9rZ_1299857_PL

Tenslotte is de geloofwaardigheid dit keer ver te zoeken. Dat begint al vroeg met de introductie van oubollige humor in de vorm van het onderzoeksteam Specs en Tucker (blèh), loopt door in de persoon van het overleden medium uit deel één dat monter en fris aan de speurwerkzaamheden deelneemt en culmineert in de genante scenes achter de rode deur aan het einde. Jammer, want Wan was juist een regisseur die op dit gebied in zijn vorige twee films een volstrekt acceptabele middenweg wist te bewandelen.

foto-insidious-2-19-461

Dat zou een 4 hebben opgeleverd als er niet toch ook wat lichtpuntjes waren. De acteurs zijn niet héél slecht (hoewel ook niet zo overtuigend als in deel 1) en de technische aspecten – cameravoering, montage, belichting – doorstaan de toets der kritiek met verve.

Het grootste pluspunt is echter dat de losse scenes op zichzelf vaak erg goed werken. Telkens opnieuw word je voor een korte tijd meegesleept, effectief bang gemaakt en kostelijk uit je stoel geshockt. Daarin is Wan een meester. Zijn opbouw kent geen smetten en hij heeft een gevoel voor timing waar je u tegen zegt.

insidious-chapter-2-2013-movie

Boven op de vier komt daardoor nog 1,5 punt extra en ook wel mijn oprechte bewondering. Het lijkt me niet makkelijk om tegenwoordig echt angstaanjagende momenten op het doek te zetten. Wan slaagt daar wél in.

Erg jammer dat de film verder weinig te bieden heeft.

You’re next (Adam Wingard, 2013)

164501.50499290_900

Beoordeling: 5,5

De film werd gehypt en de regisseur zou de nieuwe zegen zijn voor het horrorgenre. Bakken vol met lovende quotes. Echt? Voor mij is you’re next vooral een grote teleurstelling. Horror. HA!

De familie Davison komt bij elkaar in een afgelegen landhuis om de ouderlijke huwelijksverjaardag te vieren. Eufemistisch gezegd bestaat er weinig liefde of genegenheid tussen de broers en zussen en hun aanhang maar gelukkig zijn daar anonieme mannen in witte maskers die iedereen gruwelijk vermoorden. Eén wat onwaarschijnlijke gast verzet zich echter met succes en ontdekt een sinister plot.

you-are-next-movie-poster-13

De home-invasion film is zo langzamerhand uitgegroeid tot een subgenre binnen horror. Hoog boven aan de lijst staat Funny Games van Haneke als eenzaam meesterwerk, ergens in het midden zitten spannende films als The Strangers, Panic Room en The last house on the left en op de bodem liggen prenten als The Purge en You’re next. Telkens kun je je daarbij afvragen of het echt om horror gaat. Ja, de vormkenmerken en effecten van horror zijn aanwezig, maar nee, niks bovennatuurlijks, geen monsters, nergens een incestueuze kannibalenfamilie te bekennen. Hooguit een thriller dus.

En dan beginnen de problemen. Voor een thriller werkt you’re next erg slecht. Al voordat het eerste slachtoffer valt hoop je dat de hele familie snel wordt uitgemoord, want het zijn stuk voor stuk irritante etters. Weg identificatiepersonages waar je empathisch bang mee kunt zijn. En als het nou nog geloofwaardige etters zouden zijn, dan was er nog enige voldoening bij hun dood. Maar regisseur Wingard zet de onderlinge strubbelingen zo ongeloofwaardig en overdreven in de verf dat  je meteen afhaakt.

maxresdefault

Dan is er ook nog de misplaatste ruigejongens humor. Zodra het een beetje spannend wordt (wat soms stiekem toch wel even gebeurt) is er een “bevrijdende “ anarchistische lachmogelijkheid die alles bederft. Bot, genant en vooral ongrappig. Nou vooruit: de draad voor de deur levert wel een fraai zwart komisch moment op maar daarna is het toch vooral huilen met de pet op.

De acteurs dragen ook niet echt bij aan een spannende filmbeleving. De prestaties zijn erg matig tot af en toe hinderlijk slecht. Een plezierige uitzondering vormt  hoofdrolspeelster Sharni Vinson die een boeiend karakter tot leven brengt waar meer mee gedaan had kunnen worden.

youre-next-02

Grootste probleem is echter de opbouw van het verhaal. De indringers zijn misschien in het begin nog wel dreigend, vooral door hun maskers en enkele effectieve schrikscènes, maar zodra de maskers af gaan en duidelijk wordt dat het om een familiecomplot gaat (wat voor de meeste kijkers niet bepaald een verassing zal zijn) verdwijnt de spanning en kijk je eigenlijk alleen nog maar om de gore. Die is leuk, maar hij redt de film niet.

En dan ga je nadenken: als dit een huurklus is, hoe zit het dan met de opening van de film, waar dezelfde bende bij de buren twee slachtoffers maakt die niets met de familie te maken hebben? Als een soort van oefening? Zo dichtbij? Ja tuurlijk, zou ik ook doen.

Dat soort gedachtes moet je niet hebben bij een spannende film. Je moet zó in het verhaal op gaan dat gaten in het scenario niet meer belangrijk zijn. Vooral moet je echter op het puntje van je stoel zitten. Hier bleef de hele zitting warm.

The Conjuring (James Wan, 2013)

the-co10

Beoordeling: 7,5

Het is niet makkelijk een goede horrorfilm te maken. Er kan zo veel mis gaan: te veel, te weinig, niet eng, belachelijk. Des te plezieriger als het goed gaat.

Ed en Lorraine Warren (Patrick Wilson en vera Zunniga) zijn een door de wol geverfd paranormaal onderzoekersechtpaar. Als zij echter bij de familie Perron belanden in een spookhuis aan de rand van een meertje worden hun vaardigheden danig op de proef gesteld.

IMG_0278.dng

Eerst maar even de historische achtergrond, dan hebben we dat gehad. De familie perron bestaat écht en moeder Carolyn schreef een lijvige trilogie over hun bovennatuurlijke beproevingen – House of Darkness, House of Light – die regisseur James Wan gebruikte als basis voor zijn film. Ook het ghostbustersechtpaar Warren kan met foto’s en al via Google opgezocht worden (ze lijken wat op van die evangelische countryzangers). Zowel Carolyn Perron als Lorraine Warren traden op als consultants voor de film.

ed-warren-lorraine-warren (1)

Dat is  leuk en aardig voor mensen die dat nodig hebben en het vormt ook een belangrijk uitgangspunt voor de promotiecampagne, maar ik heb er niets mee. Psychopathologie komt voor in veel vormen en dit is er één van. Dat wil echter absoluut niet zeggen dat de film daarom slecht is. Integendeel.

The conjuring is wat mij betreft juist een van de betere horrorfilms van de laatste jaren. Erg sfeervol, absoluut angstaanjagend en uitzonderlijk goed gemaakt. Drie pluspunten dus, die ik graag één voor één bespreek.

Sfeervol. De film rust nergens op brute moorden of vakkundig uitgevoerde martelingen maar enkel en alleen op spanningsopbouw en extreem effectieve schrikmomenten. Het camerawerk is zowel in de buitenlocaties als de interieurs meesterlijk (diepe kniebuiging voor John R. Leonetti). Boven alles is het echter de keuze van Wan om de sfeer van de jaren zeventig te gebruiken – en nadrukkelijk ook van de horrorfilms uit die tijd – die de film tot flink boven de middelmaat verheft.

8-the-conjuring

Angstaanjagend. The conjuring zit van voor tot achter vol met spanningsmomenten die het haar in je nek recht overeind zetten. Het is absoluut allemaal eerder gedaan maar Wan doet het zó ontzettend goed… Of het nu gaat om de dovende lucifers en de beelden die je verwacht als een nieuwe wordt opgestoken, de blikken onder het bed en achter de deur, het fantastische spel met de klappende handen of de scene’s in de kelder: telkens weer zit je op het puntje van je stoel. Timing en uitvoering zijn om je vingers bij af te likken. Echt: chapeau. Mijn favoriete scene is waarschijnlijk het moment dat Carolyn op klaarlichte dag naar het meer loopt en als ze zich omdraait achter haar man een heks ziet hangen. Of nou: alleen twee benen eigenlijk. Ongelooflijk krachtig moment.

The_Conjuring_Trailer_Banner_4_2_13

Goed gemaakt. Technisch gezien heeft deze film alle troeven in de hand. Uitstekende acteurs die geloofwaardige karakters neerzetten, sterke timing, vakkundige montage, zorgvuldig uitgesponnen spanningsopbouw en sterke muziek en geluidseffecten. Zelfs in de climax, waar veel horrorfilms echt de mist in gaan door een overdaad aan effecten of het “tonen” van het monster –  weet Wan te verassen met een origineel gefilmd exorcisme en het heen en weer schakelen tussen drie verschillende perspectieven. Nou ja: ik vond dat erg boeiend, ik las ook recensenten die zich daar juist aan stoorden, maar dit is mijn blog dus dat zijn amateuristische azijnpissers.

Nee, Wan bewijst zich opnieuw. Na zijn meesterlijke en vernieuwende Saw en het zeer verdienstelijke Insidious laat hij wéér zien dat hij het horrorgenre niet alleen beheerst maar ook nog eens van nieuw bloed kan voorzien (pun intended). Ik ben benieuwd of hem dat met Insidious 2 opnieuw gaat lukken (lijkt me sterk, maar goed).

The-Conjuring

Niets dan lof? Nou ja, zoals gezegd: er is weinig nieuws onder de zon. Het is allemaal uitstekend gedaan maar de film voelt nergens fris of anders aan. En hoewel de climax zeker niet slecht is en absoluut niet zo teleurstellend als die in menige andere horrorfilm, mist hij toch wel een beetje de intensiteit van de rest van de film. Plus het moment daarná, als het gezin huilend op het grasveld nederzijgt en de Warrens op de Veranda glimlachend toekijken, dat had wel wat minder melodramatisch gemogen. Maar eerlijk gezegd maakt dat allemaal weinig uit. De rest van de film compenseert dat wel.

Ik kan het niet anders zeggen: ik heb genoten. Met kippenvel.

Dark Skies (Scott Steward, 2013)

 

20130421-171529

Beoordeling: 5

Science fiction gecombineerd met horror? Ik weet het niet. Alien ja, sterke film, en laten we Event Horizon vooral niet vergeten, maar noem er nog eens een? Dark skies is in ieder geval geen kandidaat.

De familie Barret woont in zo’n typisch Amerikaanse buitenwijk en worstelt met kleinschalige familieprobleempjes die het benoemen eigenlijk niet waard zijn. Dan gaat plotseling het alarm zo maar af en begint de jongste zoon met imaginaire vriendjes te praten. Enter de lange zwarte mannetjes.

Keri-Russell-in-Dark-Skies-jpg

Hobby’s van buitenaardse wezens in de doorsnee science-fiction film vervullen mij vaak met verbazing. Als ze de aarde niet leegplunderen maken ze wel vreemde cirkels in het graan of stapelen keukengerei in kunstige constellaties op elkaar. Het zal de verveling van zo’n lange ruimtereis zijn.

1167484_Dark-Skies

Dark skies blijft dat beeld in stand houden en wijkt nergens af van de conventies binnen de beide genres. De onverklaarbare geluiden, het contact met de kinderen, de vreemde gebeurtenissen, het ongeloof van de ouders totdat één van de twee (meestal de vrouw) toch overstag gaat, de bevestiging dat er wel degelijk vreemde krachten aan het werk zijn en tenslotte het felle licht achter de deur als het contact daadwerkelijk plaats vindt. Been there, seen that, don’t care.

Review of "Dark Skies"

Ook in de vorm kiest regisseur Scott Stewart voor platgetrapte paden. Denk Poltergeist meets Insidious en Paranormal Activity. Af en toe lijkt de film ondanks het trage tempo de aandacht even te vangen en er zijn ook zeker één of twee leuke schrikmomenten maar dan valt het verhaal toch weer plat en aan het einde denk je teleurgesteld: was het dit?

dark-skies-trailer

Stewart heeft in verdienstelijke B-films als Priest en meer nog Legion laten zien dat hij weet hoe hij zonder al te veel pretenties een leuk verhaal vertelt. Aan Dark Skies valt dat niet af te lezen.

 

Evil Dead (Fede Alvarez, 2013)

Evil-Dead-2013

Beoordeling: 8

Lange tijd waren horrorfilms poetisch en spookachtig. Evil Dead is weer eens ouderwets goor en hard. Godzijdank.

Vijf vrienden vinden in een hut in het bos een in mensenhuid gebonden boek waar je niet uit mag voorlezen. Uiteraard doen ze dat tóch en dan worden de demonen wakker. Tja.

Evil_Dead1

Mij kun je midden in de nacht wakker maken voor horror en de originele Evil Dead van Sam Raimi uit 1981 is altijd een van mijn favoriete films geweest. Vernieuwend, soms onthutsend, beweeglijk en effectief maar vooral gemaakt door een stel van vrienden van rond de twintig zonder groot geld en met een aanstekelijke liefde voor het medium. Natuurlijk maakten ze fouten, begrijpelijk als je pas begint, maar wat een energie.

Deze nieuwe versie – geproduceerd door Raimi en zijn vriend Bruce Campbell – moest tegen de nodige verwachtingen op boksen maar hij stelt mij niet teleur. Integendeel. Alleen komt dat niet door het verhaal.

Evil-Dead-Photo-01

Regisseur Fede Alvarez past weliswaar hier en daar wat aan: de context van de cold turkey detox zorgt voor narratieve verdieping, de cultelementen staan meer op de achtergrond en de climax kent nieuwe wendingen, maar dan nog. Het blijft een vreemd en simpel gegeven: een bizar boek, absurde gebeden en warrige lulverhalen over demonen die zieltjes komen stelen. Plus een groot aantal onwaarschijnlijkheden.

Maar dat is allemaal niet zo erg. Evil Dead komt namelijk volledig tot zijn recht in de sfeer. Die is rauw, verontrustend en ronduit goor.

Dat komt in de eerste plaats door de production design en het uiterst effectieve gebruik van locaties. Het sombere bos vol modder en regen, de naargeestige hut, de donkere, smerige en soms nauwe ruimtes waarin de hoofdpersonen hun toevlucht zoeken maar niet vinden. Steeds opnieuw knap in beeld gebracht met vaak lage camerastandpunten en altijd vies en onaangenaam.

evildead2

In de tweede plaats door de gore-effecten. De film kent waarlijk pijnlijke mutilaties en gruwelijke verminkingen die je maag regelmatig doen samentrekken. De trent van de laatste tijd was eerder spaarzaam, stil en computergestuurd, maar daar trekt Evil Dead zich niets van aan. Hier gaan alle registers open, blijven de Computer Generated Images beperkt tot een minimum en regent het letterlijk bloed.

martwe-zc582o-4

In de derde plaats door de soundscape. Zoals in elke horrorfilm is het geluid van groot belang bij de beleving en de spanningsopbouw. Hier is er sprake van een mooie mix tussen sfeervolle spanningsgeluiden, akelige natuur en keiharde shockmomenten. Je hoort het stanleymes door de tong glijden en het broodmes ratelen als het op een bot stuit. Op die manier kun je – zeker in de bioscoop – nergens ontsnappen aan de verhaalwerkelijkheid.

En in de vierde plaats door het tempo en de beweging. De film komt na de rustige karakterintroductie snel op gang en de locomotief blijft tot het einde lopen. Niet echt als een TGV, er zijn wel wat rustigere spanningsmomenten, maar wel als een solide stoomtrein die weet waar hij naar toe moet en daar op het juiste moment aankomt. De enige uitzondering vormen de momenten rondom het begraven maar die duren ook weer niet oneindig lang.

887296_465649086837707_1344029572_o

Op het scenario van Evil Dead mag misschien het een en ander op te merken zijn, zal best, maar de film gaf mij voor het eerst sinds lang weer eens het idee dat ik naar een echte, onverdunde horrorfilm aan het kijken was. En wat is dat toch een geweldig genre.

Community (Jason Ford, 2012)

130316113841683411

Beoordeling: 6.

Het was weer eens tijd voor een vreemde film. Vroeger vond je die in een donker hoekje van de videotheek, tegenwoordig is er gelukkig internet. En hop: daar is Community.

Twee studenten van een filmschool maken een documentaire over een afgelegen Engelse spookwijk. Zij ontmoeten akelige kinderen, ontaarde ouders, vreemd schreeuwende adolescenten en een sekteleider met een pruik. Daarnaast is er sprake van weedplanten die bemest worden met dieren- en mensenlijken, onduidelijk geschrijf op het behang en kanibalisme. Hoe een en ander precies samen hangt wordt nooit echt duidelijk.

community_2012

Community is indie-horrorfilm (hoodie-horror staat trots op de poster) met een boodschap. In een interview zegt regisseur en scenarioschrijver Jason Ford dat hij een sociaal relevante microbudgetfilm wilde maken met hoge production values en commerciele appeal. Dat is niet gelukt. De film gaat op vrijwel alle fronten de mist in maar vreemd genoeg blijft hij desondanks toch ook wel weer staan.

Wat valt er allemaal te bekritiseren? Het scenario rammelt aan alle kanten en kijkers die hun verhaal graag logisch verteld zien moeten vooral iets anders gaan zien. Er is weinig gore en echte schrikscènes ontbreken. Van werkelijke horror is dan ook nauwelijks sprake.  Originaliteit is daarnaast ver te zoeken en de productie gaat gebukt onder amateurisme en een erg laag budget.

41D9nvhcvcvmwoLtJSzn

Maar toch, maar toch. Als je eenmaal accepteert dat het eerder om een stijloefening gaat dan een echt goed ontwikkeld verhaal valt er best wel wat te genieten. De sfeer is allround akelig, grauw en groezelig. Het camerawerk mag binnen deze kaders heel behoorlijk worden genoemd. De acteurs zijn misschien geen grote sterren maar spelen absoluut niet slecht en de karakters hebben hier en daar cultpotentie. En dan zijn er nog de geluidseffecten: soms irritant simplistisch, dan weer krachtig en vervreemdend.

4hmdfdfsswoLuEAHk

Waarschijnlijk is het juist de rauwe en ongepolijste stijl die Community overeind houdt.  Het gebrek aan evenwicht tussen de eerste en de tweede helft van de film, de onheilspellende sfeer en de afwezigheid van betekenisvolle samenhang  zorgen voor een aangename eigenheid, die verloren gaat op het moment dat budgetten groeien en meer stuurlui op de brug gaan staan.

Community is geen goede film. Not by far. Maar ik kan er wel wat mee.

Hundstage (Ulrich Seidl, 2001)

COVER

Beoordeling: 9

Kan een film een regelrechte klap in het gezicht zijn? Kijk Hundstage en je twijfelt geen seconde meer. Wat een moker. En wat een juweel.

Tijdens een hittegolf in een Oostenrijkse buitenwijk vloeien zes verhaallijnen samen in een verpletterende helleschilderij van eenzaamheid, moderne vervreemding en menselijk onvermogen. Ik som op: een jonge vrouw met een erg foute vriend, een verstandelijk beperkte liftster die impertinente vragen stelt, een verkoper van alarminstallaties die een autokrasser op het spoor is, een weduwnaar die zijn huishoudster in de kleren van zijn overleden vrouw praat, een docente die misbruikt wordt door haar louche vriend en diens kompaan en twee echtelieden die na de dood van hun kind niet meer met elkaar praten.

03

Wanneer je het zo zegt klinkt het verdraaglijk en anekdotisch maar dan reken je buiten het duivelse talent van Seidl. Hier is het geheel definitief véél meer dan de som der afzonderlijke delen. Halverwege de film ben je al depressief genoeg om een deken over je hoofd te trekken en aan het einde spring je zó van een flat.

hundstage_bild_02

Hoe dat komt? Natuurlijk: de verhalen zijn stuk voor somber. Door die vreemde combinatie van herkenbare decors en doodnormale dagelijkse handelingen aan de ene kant en dan telkens weer – achter de dichtvallende blinden – extreme uitwassen aan de andere, word je als kijker onder gedompeld in een troosteloze wereld vol afstotelijkheid en ongemakkelijke situaties. Deprimerend, absoluut. Maar dat is het niet alleen.

Ik denk dat het ook met de vorm te maken heeft. De “normale lelijkheid” van de acteurs bijvoorbeeld, maar meer nog de visuele structurering en de opvallende herhalingen. Lange autoritten langs lege winkelcentra en industrieterreinen, doodstille tableaux vivants van zonnende, zwetende lichamen tegen beton, bedrukkende interieurs vol gruwelijke mogelijkheden tot geweld en afzondering. Samen met het stille geluidsspoor hypnotiseren ze de kijker die vervolgens nergens meer kan ontsnappen.

p3.jpg-r_640_600-b_1_D6D6D6-f_jpg-q_x-xxyxx

Plus: door de soms wat documentaire aanpak (vergelijk het oudere werk van Haneke en de films van Glawogger, ook allebei Oostenrijkers) dikt steeds meer het besef aan dat het hier geschetste beeld wel eens akelig realistisch zou kunnen zijn. Veel realistischer in ieder geval dan de onwerkelijke ideaalbeelden op tv en in bladen. Niets in deze film is ver weg; alles komt dichtbij. Horror in zijn meest essentiële vorm.

Wat een film. Wat een sociologische studie. En wat een regisseur.

Hansel & Gretel (Tommy Wirkola, 2012)

HanselGretel-Poster-610x956

Beoordeling: 4,5

Ik had echt zin een simpele, snelle, fastfoodfilm, dus daar ligt het niet aan. Toch viel Hansel und Gretel tegen. Wat zeg ik: flut met zweren.

Na hun hachelijke  avontuur met de heks dat we kennen uit het sprookje (we zitten dan koud 10 minuten in de film) groeien Hansel und Gretel op, trekken leren fetishpakjes aan en reizen van Middeleeuws Duits dorp tot Middeleeuws Duits dorp om á la Buffy heksen te slachten. Dan komen ze opperheks Famke Janssen tegen en die geeft zich niet zo snel gewonnen.

Famke-Janssen-in-Hansel-and-Gretel-Witch-Hunters-2012-Movie-Image-2

Pimp my fairytale dus. Helemaal geen slecht idee; laat komen die hap. Alleen blijkt dat niet zo makkelijk als het lijkt: regisseur Tommy Wirkola vertilt zich in ieder geval zwaar en weet nergens de juiste toon te treffen.

Grootste probleem is het scenario. Natuurlijk moet dit soort films het niet hebben van diepgang en karakterontwikkeling, maar er zijn wel regels. Bouw spanning op, zorg dat de kijker meeleeft met de karakters, maak schurken zo slecht dat je wilt dat ze worden afgemaakt. Gebeurt dat ook? Driewerf neen.

Het verhaal kent geen enkele uitgewerkte spanningsboog: voordat iets begint is het alweer afgelopen. De karakters zijn stuk voor stuk van bordkarton en het is je werkelijk worst wat er met hen gebeurt. En schurken? De opperheks is nergens slecht. Ja, je ziet het aan de make-up, maar ze vreet geen kindje op of martelt dieren, dat soort dingen. De enige echte schurk in het verhaal, de sherrif (Peter Stormare), wordt al vóór de helft vermoord: hoe fout kun je schrijven?

2013-01-27-Hansel_and_Gretel_84211357854544hg05563rv2_410

Ook de acteurs redden het niet. Janssen is leuk en onderkoeld als heks en Stormare is nu eenmaal Stormare, maar Gemma Atherton en vooral Jeremy Renner zijn totaal plat. Je denkt halverwege: het zou beter zijn geweest als de oorspronkelijke sprookjesheks in haar opzet was geslaagd.

Dan kun je nog hopen op de denderende actiescenes maar dat valt ook niet echt mee. De montage is zo snel (of misschien beter: zo slecht) dat je nauwelijks ziet wat er precies gebeurt. Harde geluidseffecten schreeuwen luidruchtig dat allerlei karakters donderende klappen krijgen, maar je ziet het niet. En dat er bij elke scene iets 3D in je gezicht valt gaat ook snel tegen staan.

hansel-and-gretel-witch-hunters-04

Hansel and Gretel heeft drie pluspunten: 1) de gore-effecten zijn adrenalinepompend lekker en harder dan je in mainstreamfilms verwacht; 2) de aankleding is erg fraai; decors, kostuums, effecten en belichting mogen er allemaal zonder meer zijn en 3) de film is maar heel kort.

Dit is zo’n typisch geval van trailerbedrog. Als je die bekijkt dan denk je: mhhh, veelbelovend, vlot, grappig. Maar eenmaal in de bioscoop zitten er tussen die hoogtepunten oninteressante en slecht uitgewerkte verhaalstukken en blijk je het beste al gezien te hebben.

Happy ever after? Neuh.