Noah (Darren Aronofsky, 2014)

Noah_poster-620x918

Beoordeling: 6

De verhalen uit het oude testament: prachtig. Darren Aronofsky: wauw. Crow en Connoly: mogen er allebei zijn. Plus een complete en computergegenereerde zondvloed: dat zou toch wat mogen opleveren. Nou, ja en nee.

Noah bouwt – samen met zijn gezin en wat stenen monsters uit the neverending story -een grote boot omdat God de mensheid vrijwel volledig van de aarde zal vegen. De praktische problemen worden door een verzameling wonderen opgelost maar dan zijn er natuurlijk ook nog innerlijke worstelingen, kannibalen en een turbulente gezinsdynamiek. De term biblical proportions was nog nooit zo van toepassing.

NUH-BU1

Ik wist niet precies wat ik ervan moest denken. Dol op de verhalen uit het oude testament en overtuigd van de talenten van veel betrokkenen had ik de recensies gelezen en die waren slecht noch goed: veel dat de moeite waard was maar ook dingen waar je van zegt: mwoah. Voor zover recensie al iets zeggen natuurlijk. Maar ik had er in ieder geval wel zin in.

En aan de ene kant viel het ook helemaal niet tegen. Misschien nog wel het meest door drie dingen: Aronofsky, de thematieken en de visuele verbeelding. Laat ik met die drie punten beginnen.

noah-2014-movie

Aronofsky. De man van Pi en Requiem for a dream. Geweldige films, bijzondere regisseur. Of moet ik zeggen van het verstoorde gedrag? Autisme, schizofrenie, verslaving, isolement, angst, er is bijna geen film te noemen waarin de personages niet lijden. En dat doet Noah ook. Het is een complex personage dat voortdurend worstelt met zichzelf en de wereld en af en toe nadrukkelijk afglijdt in donkere schaduwen. Prima dus.

De thematieken. Misschien nog wel het grootste pluspunt. Vaak word je als kijker losgetrokken uit het onmiddellijke verhaal en uitgenodigd na te denken over grote onderwerpen. Plicht, geloof, woede, humaniteit, overlevingsdrang, de manier waarop mensen om gaan met elkaar en met de wereld om zich heen. En minder dan je in een dergelijke film zou verwachten wordt je gedwongen te oordelen: in plaats daarvan mag je contempleren en eerder bij de vraag blijven dan bij het antwoord. Prachtig.

De visuele verbeelding. Meer dan aan vroege werken als Pi of Requiem leunt Noah aan tegen de beeldtaal van The Fountain. Mooie, poëtische sfeerbeelden, indrukwekkende timelapses, een opmerkelijke parallel tussen het scheppingsverhaal en de evolutietheorie (geweldig!) en ronduit adembenemende landschappen in Ijsland. Plus natuurlijk de spierballen van de special effects, die hier behoorlijk sterk zijn.

fotonoticia_20140404161003_800

Maar dan is er die andere kant. Laten we zeggen het verhaal. Niet, Noah is beslist geen eo-vertelling met een wereldvreemde witte baard, kamperen op zee en dan een duifje met een olijftak en een regenboog. Integendeel: harder, kouder, woester, zwarter. Maar het verhaal slaagt er desondanks niet in echt goed van de grond te komen. Soms is het acceptabel maar geregeld ontspoort het in betekenisloze tot ronduit belachelijke taferelen die je de tenen doen samenknijpen. Of in clichémomenten die zelfs potentieel aangrijpende situaties de spreekwoordelijke das om doen.

Is dat het scenario? Zou eigenlijk niet mogen, zeker niet als je nagaat dat Aronofsky er bijna 16 jaar aan heeft gewerkt maar ik vrees toch het ergste. Nog eens; de thematieken komen echt wel door, maar dan slaat zo’n slappe scene je vervolgens weer helemaal lam. Jammer en teleurstellend.

20131226_0010

Misschien zijn het dit keer ook de acteurs. Crowe en Connoly zijn allebei goede acteurs maar hier overtuigen ze toch niet echt. Vaak lijken ze er maar wat bij te lopen en op intensieve momenten slagen ze er nauwelijks in de essentie van de emotie over te brengen. De rest van de cast is zo mogelijk nog flauwer. Ray Winstone als Tubal-Caine is een uitzondering (hij heeft er als schurk en ongenode gast op de ark ook wel de rol voor) maar hij redt het ensemble niet.

Veel moois dus en zeker geen film om bij voorbaat van tafel te vegen. Maar ook een paar aandachtspunten die er niet om liegen. Voorlopig ben ik teleurgesteld. Over een jaar kijk ik nog eens. Misschien daalt de geest ondertussen over mij en zie ik het licht.

Advertisements

3 Days to kill (McG, 2014)

3daystokill_208gti

Beoordeling: 7

De critici maakten gehakt van 3 days to kill maar ik kan er niets aan doen: ik heb genoten. Ondanks minpunten en een hoog been there done that gehalte bleef ik tot het einde toe geboeid. Of nou, geboeid…laten we zeggen entertained. Je kunt het slechter treffen.

Kevin Kostner speelt Ethan Renner een CIA-agent die te horen krijgt dat hij nog maar kort te leven heeft. Hij wil zijn carriere vaarwel zeggen en trekt naar Parijs om daar hernieuwde banden aan te knopen met zijn vervreemde vrouw en dochter maar dan wordt hij toch nog gedwongen een laatste opdracht uit te voeren, waarmee hij overigens ook nog zijn leven kan verlengen. En wat doe je dan?

M-142_DF5E6415cc-r1-v3_rgb

Eén van de minpunten is misschien wel het verhaal. Om geloofwaardigheid hoef je beslist niet te komen in 3 days to kill. Het ene onwaarschijnlijke element stapelt zich op het volgende en de pulp stoomt de oren van het scenario uit. Daarnaast zijn er – je weet het eigenlijk wel met Luc Besson aan het schrijfstuur – vele zijlijntjes en onevenwichtige momenten.

Maar ik zeg misschien. Want eigenlijk wordt dat wat mij betreft allemaal gecompenseerd. Door twee belangrijke elementen: entertainment aan de ene kant en vakmanschap aan de andere.

Film Title: 3 Days To Kill

Eerst maar entertainment. De film heeft vaart en houdt je vast tot aan het einde. Ja, het is allemaal niet even waarschijnlijk of zelfs consequent, maar wat een aangename rit. Er zijn prachtige actiescenes (die met de fiets steekt er met kop en schouders boven uit), af en toe is de film aangenaam hard en de montage scheurt als een TGV.

Daarnaast weet regisseur McG (van de Charlie’s Angels film en een stevige batterij tv-series) een mooi evenwicht te bewerkstelligen door af te wisselen met plezierige humor en vooral sterk werkende familiescenes. Dat houdt je als kijker dicht bij de karakters en maakt dat je steeds wilt blijven weten hoe het verder gaat.

75696-Connie-Nielsen-es-Hailee-Steinfeld---3-nap-a-halalig

En dan vakmanschap. In dit geval gaat het me niet zozeer om de technische kant (hoewel die wat betreft camerawerk, montage en aankleding beslist in orde is) maar meer om de acteurs. Amber Heard (Femme Fatal Vivi Delay) laat nog wat steekjes vallen: ze speelt erg puppy, is te jong voor de rol en haar overtrokken look past meer in een stripverhaal. Maar dan de rest van de cast. Connie Nielsen heeft slechts een kleine rol maar zet de moeder sterk neer. Hailee Steinfield (uit de nieuwe True Grit) is geweldig en maakt van de dochter een volkomen geloofwaardige puber. Thomas Lemarquis als The Albona en Richard Semmel als The Wolf zijn heerlijke schurken.

De ster van de film is echter absoluut Kostner. Dat je ondanks alle onwaarschijnlijkheden toch met plezier het verhaal blijft volgen ligt grotendeels aan hem. Hij is volstrekt overtuigend in zijn rol als doorgewinterde cia-agent, draagt alle actie met verve maar weet vooral ook kwetsbaarheid en charmante onbeholpenheid te laten zien binnen de interacties met zijn vrouw en zijn dochter. Je kúnt niet ontkennen dat hij een geweldige acteur is.

3-days-to-kill-1

Dus ja. Pulp, entertainment, binnen een week vergeten waar het ook alweer precies over ging: allemaal waar. Er zitten fouten in het scenario, de onwaarschijnlijkheden vliegen je om de oren en van werkelijke diepgang is nergens sprake. Maar ik ga wel nog een keer kijken.

Non-stop (Jaume Collet-Serra, 2014)

non-stop

Beoordeling: 7

Moet een actie-thriller nou vooral spannend zijn of geloofwaardig en intern consequent? Ja natuurlijk, allebei als het kan, maar als ik dan tóch moet kiezen: geef mij dan maar spannend.

Air marshall Bill Marks (Liam Neeson) krijgt tijdens een transatlantische vlucht een tekstbericht dat elke 20 minuten een passagier wordt vermoord als de luchtvaartmaatschappij niet snel 150 miljoen over maakt. Vanaf dat moment begint een claustrofobisch kat-en-muis spel waarin de verdenking telkens op iemand anders valt. En dan zijn er ook nog demonen uit het verleden.

estreno

Na “Unknown” uit 2011 is dit de tweede samenwerking tussen de uitstekende Liam Neeson (die zich steeds vaker verdienstelijk als oudere actieheld blijkt te ontpoppen) en de weinig bekende regisseur Jaume Collet-Saura. Als Non-stop een indicatie is voor het niveau, mag dat van mij vaker gebeuren.

Wat de film wél is: een spannende en snelle thriller met veel vaart, een hoog meegisgehalte en een opzwepende spanning. Als kijker wordt je meegnomen op een wervelende pretparkattractie en je ziet wel dat de piraten gewoon poppen zijn, maar zolang de rit duurt is dat geen probleem. Collet-Saura is geen meesterverteller, maar hij kan spanning opbouwen als de beste, maakt effectief gebruik van de kwaliteiten van zijn acteurs en weet de benauwde en afgesloten ruimte van het vliegtuig op een maximale wijze te benutten. Daarnaast speelt hij dankbaar in op de achterdocht van de post 9-11 generatie. Daarin valt hem weinig te verwijten.

NonStop_thumbLG

Wat de film níet is: geloofwaardig, intern consequent en een warm bad van sterk ontwikkelde karakters. Om met dat laatste te beginnen: de acteurs zijn zeker niet slecht, maar de opbouw van personages gebeurt voornamelijk door wat simpele anecdotes. Neeson die een kleine meisje helpt haar vliegangst te overwinnen met behulp van een achtergelaten pop bijvoorbeeld, of de eisende vrouw die aan het raam wil zitten maar later wel aardig blijkt. Te aardig? Daarna neemt de spanning het snel over en verdwijnen karaktereigenschappen achter snelheid en actie.

Het grootste probleem (ja, probleem, wat vind je een probleem in dit soort films?) schuilt echter in de vele vragen die het scenario oproept. Kan dít? Is dát niet erg onwaarschijnlijk? Hoe zouden ze dat dan hebben kunnen doen? Plus in de afwikkeling van het verhaal. De verklaring voor alle ellende is erg geconstrueerd en ook wel teleurstellend, het tempo aan het einde lijkt niet helemaal in evenwicht (sommige dingen worden erg snel afgehandeld) en de kiss-of is – ik zeg het liever niet maar toch: – een beetje genant.

66336-Julianne-Moore---Non-stop-2014

Doet dat nou echt afbreuk aan de kwaliteit? Dat ligt er maar helemaal aan wat je graag wil zien in een thriller. Ik had met Jan een discussie achteraf en hij zegt: te veel onwaarschijnlijkheden en inconsequenties, plus die matige afwerkingen op het einde: een 6,5. Ik vind daar wel iets voor te zeggen, maar aan de andere kant: ik heb het grootste gedeelte van de film met plezier gekeken, braaf meegedaan met alle raadspelletjes (en niks goed geraden) en als ik eerlijk ben: ook behoorlijk genoten.

Voor mij is het dan ook wel een 7. Geen 8, daarvoor zijn de probleemgebieden te nadrukkelijk aanwezig, maar de film biedt wel krachtig amusement en doet wat hij moet doen. Niet meer, dat is waar. Maar zeker ook niet minder.

Plus Julianne Moore speelt mee. En tja.

Pompeii (Paul W.S. Anderson, 2014)

pompeii-poster

Beoordeling: 3

Een echte ouderwetse rampenfilm met veel natuurgeweld, instortende infrastructuren en spectaculaire doodsscenes: prima, teken ik voor. Of misschien moet ik zeggen: tekende ik voor. Toen ik 12 was. Dus óf ik ben zelf veranderd, óf Pompeii is gewoon héél erg slecht.

Slaaf annex gladiator Milo wordt verliefd op de dochter van zijn baas en ontsnapt met haar op een paard. Ondertussen explodeert de Vesuvius en wordt Pompeii in 3D vernietigd door tien rampen meer dan historisch verantwoord is. En dan zijn er nog de ontroerende begin- en eindbeelden van versteende pompeiianers. Of je het allemaal aan kunt zeg.

Pompeii-Movie-Scene-30

Pompeii is een regelrechte ramp. Toegegeven: slechte grap, maar het is wel wáár. En bovendien: als die zin in het scenario had gestaan, was het meteen het beste, meest scherpe, gevatte en intelligente stuk tekst uit de hele film geweest. Wat een verzameling lauwe lava bij elkaar.

Nou ja: de effecten zijn niet echt slecht, dat wil zeggen: je krijgt wel wat je verwacht. Waar vroeger twee en een half uur verhaal doorgaans uitmondde in een kleine tien minuten schudden en beven, mag je hier zeker een half uur genieten van machtige zonsverduisteringen, dodelijke meteorietenregens en verwoestende tsunami’s. Tsunami’s? Ja, tsunami’s ja, want dat wisten we nooit, maar in Pompeii hebben zelfs de schepen door de straten gevaren als gevolg van wild terugkerende watermassa’s. Logisch bij zo’n uitbarsting.

pompei4

Alleen: waar je vroeger ondertussen wel een relatie had opgebouwd met de hoofdpersonages en dus ook werkelijk bezorgd was of ze het zouden halen, ben je hier volslagen onverschillig geworden. Of onverschillig: na het zoveelste cliché (ik zeg maar iets: meisje valt op straat en dreigt te worden bedolven door de op hol geslagen massa maar wordt, nog net op tijd, gered door de – verrassingggg – stugge zwarte gladiator) is elke vorm van sympathie verdwenen en ben je blij met elk karakter dat kunstig naar het hiernamaals wordt gestuurd en niet meer verder hoeft te spelen.

Dat geldt dubbel en dwars voor de Romeo en Juliet van het verhaal, de wufte Kit Harington (die een ziekelijke trainigskuur schijnt te hebben ondergaan voor zijn rol en inderdaad beslist niet helemaal geestelijk gezond is) en de doodsaaie Emily Browning (die als ze aan het begin van de film terugkeert uit Rome na vele vervelende ervaringen met mannen binnen een halve seconde geschoten heeft dat paardenfluisteraarslaafgladiator Milo (Milo?) toch wel een brave inborst moet hebben. Ze zal het scenario hebben gelezen.). Als die twee aan het belachelijke einde in elkaars armen overspoeld worden door de rook/lava sta je inwendig te juichen.

pompeii-09

Lemen spel, een volkomen dood scenario en clichés die de gemiddelde keukenmeidenroman neergeslagen ogen van schaamte zouden bezorgen: je wilt met plezier om minder bedolven worden onder een dikke laag lava. Wat gerenommeerde acteurs als Kiefer Sutherland en Carrie-Ann Moss daar binnen te zoeken hebben is mij een raadsel.

En als je denkt alles gehad te hebben krijg je nog die minutenlange slotbeelden van het versteende, in elkaar verstrengelde liefdespaar. Of duurde het uren? Iemand zal gedacht hebben: dit is een ontroerend slot, want anders doe je zoiets toch niet? Nou, ik moest er inderdaad (bijna) van huilen.

The Monuments Men (George Cloony, 2014)

The-Monuments-Men-UK-Quad-Poster-1024x768

Beoordeling: 5

Vroeger keek ik er graag naar: films die van de oorlog een spel maken. De strategische zetten van The Longest Day, de heroiek van The great escape of de humor van Kelly’s heroes, allemaal goed te verteren. Maar tegenwoordig lijken ze wat verouderd. Nog steeds niets mis mee, maar dan moeten ze wel goed gemaakt worden. En juist daar laat The Monuments Men de nodige steken vallen.

Frank Stokes voert een onwaarschijnlijk maar historisch peloton van kunstminnende soldaten aan. Onder vaak hachelijke omstandigheden proberen zij kunstschatten uit de hele wereld te redden uit de handen van de Duitsers om ze terug te geven aan hun rechtmatige eigenaars.

52deaf7d010f3.image

Het basisidee is leuk, het gaat uit van historische feiten en stelt belangwekkende sociale en culturele thema’s aan de orde: wat is er gebeurd met grote kunstschatten, wie zijn de eigenaars en wat is de rol van kunst binnen grote politieke ontwikkelingen. Daarnaast maakt de film gebruik van een groot aantal vakmensen, zowel voor als achter de schermen. Je zou dan ook denken dat daar iets moois van te maken moet zijn.

Het ligt niet aan de techniek. Het camerawerk is geweldig, de montage prima en de historische aankleding wat mij betreft uitermate bevredigend. Daarnaast is het hoofdthema een van de leukste van de laatste jaren: bij de eindtitels fluit je het moeiteloos en geamuseerd mee. De score van Alexander Desplatt mag er ook op andere fronten zonder meer zijn: ik druk hier nog eens mijn bewondering voor deze componist uit: wat een vakman!

the-monuments-men-sortira-au-mois-de-mars

Bij de acteurs begint de schoen al meer te wringen. Grote namen die het vak echt wel verstaan laten het dit keer beschamend afweten. Ze brengen weinig diepte in de karakters en meer dan een lachje hier en een beginnend gevoel van sympathie daar weten ze nergens op te wekken. Vreemd. Want het ensemble mag er echt wel zijn en ik moet me toch sterk vergissen of hier was veel meer uit te halen geweest.

En dan is er nog het werkelijke probleem: het scenario. Er is geen plek voor rapport, de clichés stapelen zich op en zelfs intensieve scenes, zoals de dood van een teamlid of de ontdekking van kunstschatten, werken bedacht en ongeïnspireerd. Het einde waarin de vader van George Cloony zijn zoon op oude leeftijd speelt is zelfs ronduit genant.

Monuments-Men11

Ik wil niets afdoen aan de intenties van Cloony als regisseur. Hij liet de premiere uitstellen om effecten te verbeteren, zodat de film niet meer mee kon doen aan de oscaruitreikingen van dit jaar. Een tegendraadse zet. Daarnaast heeft hij in het verleden al laten zien dat hij ook in de regiestoel prima uit de voeten kan.

Maar met The Monuments Men levert hij geen goede film af. Dat is jammer. De boodschap verdient beter.

Old boy (Spike Lee, 2013)

kinopoisk.ruBeoordeling: 5

Wat moet je met remakes? Als ze te veel lijken op het origineel zijn ze overbodig, als ze er te veel van afwijken stellen ze teleur. Misschien als een regisseur van formaat het eens probeert? Nou, nee.

Joe Doucet (Josh Brolin) is een dronken klootzak die van het ene op het andere moment wordt opgesloten in een hotelkamer en pas 20 jaar later weer naar buiten mag. Dan begint een complexe en gewelddadige zoektocht naar de reden achter dit wrede mysterie.

josh-brolin-per-oldboy

Old Boy van Chan Wook Park uit 2003 was (en blijft) een bijzondere film met cultstatus. De half poëtische maar daarnaast ook extreem gewelddadige verkenning over Wraak was geplaatst binnen een typisch oosterse (Koreaanse) context en had behalve een uiterst origineel basisconcept – ja, gebaseerd op een manga-strip – behoorlijk wat bizarre en hermetische elementen (mieren uit de huid en in de metro, hypnose, het eten van een levende octopus, een zelfmoordenaar met een hondje op zijn arm). Het verhaal was sterk maar ik denk dat met name die vervreemdende elementen zorgden voor de impact.

Dat is bij Spike Lee helemaal verdwenen. Het verhaal blijft weliswaar op de hoofdlijnen gelijk maar de surrealistische momenten zijn weggehaald en de Amerikaanse versie kiest voor een doorzichtiger verhaal. Meer expositie van het hoofdpersonage en de achtergrondgeschiedenis, Amerikaanse locaties en een verzoenend einde. Je zou vanuit verteltechnisch perspectief zeggen: meer helderheid en dat is eigenlijk ook wel zo, maar het werkt juist contra-productief.

Oldboy-di-Spike-Lee-14

Old boy van Lee is makkelijker te volgend dan het origineel van Park, maar hij maakt nergens een connectie en hij blijft niet hangen. De versterking van het achtergrondverhaal bestaat vooral uit makkelijke clichés en daardoor verdwijnt elk mysterie. Wat overblijft is een zwaar fronsend hoofdpersonage dat met vuur en passie tegenstanders neermaait tot hij uiteindelijk bij zijn kidnapper aanbelandt en een onaangename waarheid onder ogen moet zien. Geen poezie meer, geen wanhoop of onbegrip, geen diepere overpeinzingen over wat wraak betekent.

Daar komt bij dat Lee in soms erg zwakke keuzes maakt. Met name als het gaat om de invulling van specifieke karakters. Brolin doet het niet onaardig (hoewel hij bij lange na de gekwelde waanzin van Min-Sik Choi laat zien) en Elisabeth Olsen is waarschijnlijk de sterkste troef in de film maar de uitwerking van de andere karakters is slecht. Zowel Samuel Jackson als de anders zo voortreffelijke Sharlton Copley zijn niet meer dan simplistische stripfiguren die elke vorm van werkelijke betrokkenheid in de weg staan.

Oldboy-movie-guide-932x525

Goed, het camerawerk is uitstekend, er zit genoeg vaart in de film (hij was oorspronkelijk 40 minuten langer maar de studio greep in) en sommige acteurs zijn niet slecht. Maar erg veel verder kom ik niet. Het verhaal is uiteraard niet meer origineel, Lee heeft er weinig nieuws mee gedaan en de paar veranderingen die wel zijn doorgevoerd werken niet of doen zelfs afbreuk. Daarnaast is alle poezie verdwenen en heeft de film niets vreemds of eigens meer.

Teleurstellend en overbodig.

I, Frankenstein (Stuart Beattie, 2014)

1391072029_fran

Beoordeling: 4

Echt waar: ik hou van strips, ben dol op oude horrorverhalen, heb niks tegen schaamteloze overdrijving en onvervalste stereotypen en kan probleemloos genieten van betekenisloze dialogen. Maar er zijn grenzen.

Aaron Eckhart is Adam, het monster van Frankenstein. Er zijn demonen en gargoyles en die vechten met elkaar om wereldheerschappij. Adam blijkt een spil te zijn. En hoppa: te veel woorden: vechten, explosies, vuur.

I-Frankenstein-Poster

Los van het feit dat de naam van het monster voor het eerst in de geschiedenis relatief goed wordt gebruikt, heeft de film weinig uit te staan met de toch al niet geweldige roman van Wolestoncraft Shelley, maar alles met de strip van Kevin Grevioux, die ook meewerkte aan het script. Daarom zijn er dit keer geen verwijzingen naar oude Griekse legendes maar wel een hoop verstandelijk zwaar beperkte verhaallijnen en veel steroide actiemomenten.

Een dergelijke aanpak hoeft niet meteen tot mislukking te leiden. In de Underworld-serie – van dezelfde producenten – levert het zelfs acceptabele karakters op en onderhoudend amusement. Maar dan moeten wel op z’n minst een paar basale eisen ingewilligd worden en dat is hier niet het geval. Verre van.

i-frankenstein-new-pic

Het verhaal zou te volgen moeten zijn en de karakter op z’n minst enigszins invoelbaar. Niets van dat alles hier. Je wordt als kijker plompverloren in het verhaal gedropt en voordat je kunt onderscheiden wie wie is zit je al midden in het eerste gevecht. Met enige fantasie kun je nog bedenken dat de blauwe ontploffingen gargoyles voorstellen en de rode demonen, maar waarom? Binnen welke context? Met welke bedoelingen? Het lijkt er weinig toe te doen. Later krijg je nog wel wat instructies om van alle details eetbare soep te trekken maar dan is het al te laat.

Daarnaast zijn de karakters zo plat en eendimensionaal dat je jeuk krijgt op plekken waar de zon nooit schijnt. Wat een verspilling van talent. Eckhart mag dan geen Lawrence Olivier zijn, hij kan beter dan dit. Mensen als Miranda Otto (wat was ze leuk in The Lord of the Rings) en Bill Nyghy (wat is die bijna altijd wel leuk) worden werkelijk totaal verkwist. Af en toe zit je met plaatsvervangende schaamte te kijken. Misschien dat een uitgetrokken hemd voor deze of gene nog verlichting brengt?

i-frankenstein-hi-res

En dan hebben we het allerergste nog niet gehad. De dialogen. Hou me vast en plet mijn hoofd tussen twee enorme rotsblokken zeg. De veel te serieuze en zwaar naar de basniveau’s getrokken manier waarop ze gedeclameerd worden is al een parodie op zichzelf. “THIS ENDS TONIGHT” is nog niet uitgesproken of daar is alweer het antwoord op “God should condemn you”: ‘HE ALLREADY DID”.

Dit leverde overigens wel het enige leuke moment in de film op. Nou, eigenlijk meer na afloop van de film. Toen hebben Jan en ik in de auto terug naar huis die toon overgenomen binnen alternatieve situaties, zoals een bestuursvergadering van de faculteitsraad of het voorlezen van het weerbericht. Toch nog wat plezier voor de aankoopsom van het kaartje.

i-frankenstein

Ik zou er misschien in een milde bui nog bij kunnen zeggen dat de decors hier en daar best fraai zijn (op een overdreven gotische en sterk gestileerde manier). Maar dat is toch echt een druppel op een gloeiende plaat en eigenlijk ook te veel eer.

It’s definitely not aliiiiiivvvvve!

Homefront (Gary Fleder, 2013)

tv-spot-for-statham-and-francos-homefront

Beoordeling: 6

Sommige films kijk je omdat je weet wat je kunt verwachten. Geen verassingen en geen originaliteit maar puur entertainment in hapklare brokken. Helmaal niks mis mee.

Jason Statham speelt een ex-agent die samen met zijn dochter de rust opzoekt van een kleine plattelandsgemeenschap om vijanden uit het veleden kwijt te raken. Als zijn dochter de zoon van een lokale drugsbaas tegen de grond slaat zorgt diens moeder er voor dat ze toch weer in beeld komen. Jammer voor Statham, leuk voor de kijker.

9383_w800

Het scenario van Homefront is van Sylvester Stallone, die het oorspronkelijk schreef als onderdeel van de Rambo-reeks. Dat is ook wel herkenbaar, zeker als je de uitstekende “First Blood” er naast zet: stille, teruggetrokken ex-professionals, die eigenlijk vooral rust willen maar dan toch door een vijandige en agressieve omgeving uitgedaagd worden om hun oude talenten nog eens in te zetten. Puur uit zelfverdediging natuurlijk.

Statham doet het helemaal niet onaardig. Anders dan in de veel hoger (mis-)grijpende Hummingbird gaat hij hier niet op de filosofische toer en hoeft hij alleen maar laten zien dat hij goede vader is en een aanwinst voor de gemeenschap, met leuke vriendschappen en een gezond oogje op de schoolpsychologe. Dat gaat hem prima af.

homefront-jason-statham-1

Daarnaast is het psychologische stramien van het verhaal aangenaam simplistisch en voorspelbaar. Eerst wordt de dochter volstrekt onheus bejegend, vervolgens laat Statham zelf allerlei onaardigs over zich heen komen en als je als kijker echt vurig brandt van verlangen naar woeste klappen slaat de vlam ook daadwerkelijk in de pan. Heerlijke handgevechten, aangenaam harde geweldsuitbarstingen en bevredigende shoot-outs. Zoals het hoort.

Het probleem is eigenlijk vooral dat afgezien van die leuke primaire verhaallijn verder niets is uitgewerkt. De karakters hebben erg te leiden onder gebrek aan achtergrond en het verhaal kent te veel schurken. Kate Bosworth speelt een overtuigende bitch maar zou beter in de verf gezet kunnen worden en dat geldt ook voor het personage van haar man (Marcus Hester). Vervolgens blijkt echter haar broer (James Franco) een veel grotere schurk. Of is het toch diens vriendin (Wynona Ryder)? Of nee, misschien de corrupte sherrif? Of de bendeleider uit Stathams verleden? Stuk voor stuk effectieve kanonnenvoerpersonages maar dramatisch hebben ze weinig te bieden.

home6

Hetzelfde geldt voor de lijnen in het verhaal die wat meer bespiegelend moeten lijken. De stukjes over opvoeding en de liefde tussen een vader en zijn kind bijvoorbeeld. Die zou je met plezier fast forwarden maar ze duren nooit lang genoeg om de afstandsbediening op te pakken, zelfs als die direct naast je hand ligt. Of de stukjes die voor afronding moeten zorgen: altijd al clichés maar hier ook vaak wat genant.

Toch maakt dat onder de streep niet veel uit. Laten we eerlijk zijn: wie dit soort films kijkt weet welk vlees er in de kuip zit en als je daar vervolgens over gaat zitten zeuren moet je gewoon naar prisoners kijken.

Dus een 6 ja, maar wel een dikke, vette, lekkere zes. Met ballen.

47 Ronin (Carl Rinsh, 2013)

47-ronin-japanese-poster

Beoordeling: 7

Toen ik de trailer voor het eerst zag dacht ik: daar heb ik wel zin in. Naarmate het langer duurde voordat de film in premiere ging nam de twijfel toe: zou het een soort airbenderdisaster worden? Bij het verlaten van het theater waren er gemengde gevoelens: 1) viel dat even mee en 2) wat had dit nog veel beter kúnnen zijn.

47 ronin is een oerjapans verhaal van een groep verstoten samoerai die een wrede Shogun trotseren om de eer van hun meester te herstellen. Daarbij moeten ze niet alleen diep door de knieen maar ook de strijd aanbinden met een overweldigende meerderheid aan tegenstanders en zelfs bovennatuurlijke krachten.

47-ronin-photo-2

De debuutfilm van regisseur Carl Rinsh is de inmiddels de zevende adaptatie van het in Japan “wereldberoemde” en in de kern waargebeurde verhaal van de 47 Ronin maar de eerste Hollywoodversie. Daartoe zijn wat nieuwe karakters geïntroduceerd (waaronder dat van de bastaard Kai – Keaunu Reeves – en dat van de heks – Rinku Kikoshu). Puristen zullen dat vreselijk vinden en daar kan ik me beslist iets bij voorstellen maar eigenlijk valt het best mee.

Dat hangt natuurlijk ook sterk af van wat je wilt zien. Ben je op zoek naar filosofie, geschiedenis en strakke beschouwelijke contemplatie over begrippen als eer en loyaliteit, dan kom je er hier wat bakaaid vanaf. Ze zijn er wel, maar toch sterk ten dienste van het spectakel en de wensen van een groter publiek. Voor wie diepgang wil in dit soort thema’s is er gelukkig altijd nog een meesterwerk als Harakiri van Masaki Kobayashi.

Als je daarentegen gewoon een spannende en goed gemaakte samoeraifilm wilt zien, met flitsende gevechten, sterke special effects (beter dan de trailer doet vermoeden) en toch nog hier en daar wat Japanse smaakjes, dan is 47 Ronin beslist geen tegenvaller. Wat zeg ik: dan heeft hij heel wat te bieden.

47-ronin-two-action-packed-tv-spots

Vakmanschap is er vrijwel op alle terreinen. Misschien wat minder in de regie van debutant Rinsh, die ongetwijfeld onder druk van producenten vaak behaagzuchtig de jonge westerse kijker wil plezieren maar wel op alle andere vlakken. De technische kant is uit de kunst. Ik noem maar eens wat.

De sets werden verzorgd door de Nederlander jan Roelfs die eerder films als Gattaca en Alexander hun typische uiterlijk gaf maar die vooral beroemd werd als vaste decorman van Peter Greenaway. Samen met kostuumontwerpster Penny Rose, die voor elke belangrijke acteur een aangepast kostuum maakte weet hij de sfeer van het oude Japan perfect op te roepen.

47-Ronin-HD-screenshots-16-800x450

Ook de andere technische aspecten zijn zwaar in orde. Het camerawerk, het geluid, de zware maar prachtige muziek en de effecten: om je vingers bij af te likken. In een film als deze zijn die elementen zeer bepalend voor je plezier als kijker en dat het af en toe door de reisscenes lijkt of je naar een Japanse versie van Lord of the Rings aan het kijken bent, neem je dan graag op de koop toe.

En natuurlijk de acteurs. Mijn ideeën over de acteerprestaties van Keanu Reeves heb ik al eerder uit de doeken gedaan, maar laat ik hier eens aardig zijn en zeggen dat je hem een volgens mij oprecht interesse in martial arts en Japanse cultuur niet kunt ontzeggen. Dat laat niet verlet dat hij af en toe toch wel ijdeltuitert en daarnaast compleet wordt weggespeeld door de Japanse cast, hoofdrolspeler Hyroyuki Sanada (Oishi) voorop. Maar zelfs acteurs van het tweede en derde plan (zoals bijvoorbeeld Shihoko Nagai, die de vrouw van Oishi speelt, nota bene zonder credits) streven hem op alle fronten voorbij.

filmz.ru

Ook de gevechten zijn erg mooi uitgewerkt. Wervelend en vlot, voldoende psychologisch ingebed en emotioneel bevredigend. De spanning is goed verdeeld, het tempo valt niet tegen en de opbouw is gericht op een voortdurend duidelijker in zicht komende climax die vooral in de belegering van het kasteel erg choreografisch en indrukwekkend wordt verbeeld.

Blijft alleen dat ene probleem over: die kniebuiging voor het grote publiek. Niet zozeer de toevoeging van bovennatuurlijke elementen of de nadruk op effecten, dat werkt voor mij wel. Ik bedoel de simplificatie van culturele elementen, de wat houten uitwerking van karakterconflicten, het gebrek aan poezie (anders dan in de mooie beelden). En misschien nog wel het meest: de manier waarop thema’s als trouw en loyaliteit behandeld worden: als bijzaken.

Plus: wat zou het indrukwekkend zijn geweest als die sepukus mooier en indringender in beeld waren gebracht. Daar kun je werkelijke pijn en opoffering laten zien. Nu snijdt de regisseur weg voordat er iets gebeurt. Kijk dan toch maar naar Haikiri. En zoiets hád het misschien wel kunnen worden. Frustrerend.

Riddick (David Twohy, 2013)

RIDDICK

Beoordeling: 6,5

De trilogie is compleet. Regisseur Twohy (die alle drie de delen maakte) keert na een pompeus tweede deel weer wat meer terug naar de geest van het origineel. Jammer dat Vin Diesel inmiddels een ster is.

Aan het begin van de film is Riddick meer dood dan levend gestrand op een vijandige en woeste planeet. Nadat hij in de eerste 45 minuten de lokale fauna heeft overleefd moet hij het hoofd bieden aan een team premiejagers en een groep soldaten met een link naar zijn verleden. En dan zijn er ook nog – net als in het origineel – hordes vleesetende beesten.

riddick_1

Voor mij was Pitch Black in 2000 een aangename verassing. Natuurlijk, een B-film, maar wel een van het betere soort. Wat me boven alles aansprak was het feit dat regisseur David Twohy destijds zijn relatief beperkte budget (23 miljoen) omboog van probleem naar kracht. Geen geld voor al te veel special effects? Dan maar alles in het donker. Plus de sfeer en de intensiteit van de film: ik kan er nog steeds goed naar kijken.

Daarom was deel twee, Chronicles of Riddick, ook zo’n teleurstelling. Veel te groot, volledig gefocust op de inmiddels tot ster uitgegroeide Diesel en tot aan de nok toe vol met semi-intellectuele religiekritiek. De complete aantrekkingskracht van het origineel lag te grabbel.

Riddick haalt dat gelukkig wel weer wat terug. In plaats van sektes en mensenmassa’s zijn we hier weer terug op een geïsoleerde, woeste planeet met een beperkt aantal personages, binnen een veel kleinere vertelling. Dat brengt absoluut winst. Er is spanning en vaart, de personages lijken goed op hun plek binnen de onherbergzame omgeving en Riddick is weer een ruige rakker.

riddick_7_20130618_1841853574-1024x429

In drie min of meer gescheiden delen tijgert hij zich net als in deel één door schier onoverkomelijke tegenslagen. In het eerste deel vecht hij tegen de elementen en vijandige dieren, in het tweede deel is er sprake van een onderhoudend kat-en-muis-spel met premiejagers en in het derde deel vindt de spectaculaire shootout tussen alle betrokkenen plaats.

Al die delen kennen hun momenten en de rode draad blijft steeds (zij het met moeite) overeind. Tegelijkertijd is geen enkel deel zonder fouten. Als kijker word je dan ook regelmatig heen en weer geschud tussen plezier en teleurstelling (of plaatsvervangende schaamte). Nooit helemaal over de rand van de afgrond, maar soms wel akelig dichtbij.

De effecten zijn niet altijd even geslaagd. Ik las een recensie waarin daarover juist de loftrompet werd afgestoken, maar ik kon er niet altijd even goed van genieten. De dieren zijn mooi maar de motortochten laten te wensen over en de landschappen lijken hier en daar wel erg original Star Trek.

riddick-4

Erger is het feit dat Diesel nu een grotere ster is. Mooi natuurlijk dat hij door een cameo in Tokyo Drift de rechten voor Riddick kon opkopen en de laatste twee delen mee produceerde (en deels mee financierde), maar de extra aandacht voor zijn karakter is niet het sterkste punt uit de film. De relatie met de hond uit het eerste deel (om toch wat sympathie te kweken) werkt niet, de vele puberale oneliners gaan irriteren en acteren? Laat ik geen onnodig zout in open wonden strooien.

En nog erger: over de hele linie wordt de film geplaagd wordt door een vreemd soort onvolwassen machismo. Vreemd, omdat het hier en daar wel degelijk werkt, maar dan weer afzakt naar het niveau van de dertienjarigen in het publiek. Het zit hem in sommige dialogen, in de seksuele toespelingen naar het personage van Dahl (een volstrekte verspilling van de uitstekende Katee Sckoff) en ook wel in het simplisme van enkele teamleden.

Riddick_Sackhoff_2_6_17_13

Toch heb ik voor een groot gedeelte met plezier naar de film gekeken. Opgelucht dat de bombarie uit deel twee was verdwenen en tevreden over het feit dat een deel van de kracht van Pitch Black weer op het scherm te zien was. Een klein deel, maar alla.