Oculus (Mike Flanagan, 2013)

oculus2014419092849

Beoordeling: 6

Sinds James Wan en wat Spaanse kwaliteitsfilms de horror uit het verdomhoekje hebben gehaald lijken er steeds meer “goede” enge films te verschijnen. Oculus wordt in ieder geval onder die noemer verkocht. Ik ben niet helemaal overtuigd.

Een vreemde spiegel lijkt de oorzaak te zijn van veel ellende in het leven van Kaylie en Tim Russel (Karen Gillan en Brenton Twaites). Als kinderen maken zij door dat object allerlei akelige dingen mee die er toe leiden dat Tim wordt opgenomen omdat hij zijn vader heeft vermoord. In het heden probeert zijn zus zijn onschuld te bewijzen. Dat gaat niet echt zonder slag of stoot.

Oculus-2

Net als The Conjuring of Insidious houdt Oculus zich verre van de formulehorror zoals we die kennen uit de Friday-, Halloween- en Texas Chainsaw-series (niet dat daar iets mis mee is, maar gewoon voor de plaatsbepaling). Toch is het recept inmiddels een formule op zichzelf aan het worden: sfeervolle donkere ruimtes; tijd voor karaktertekening; psychologische worstelingen, ondefinieerbare entiteiten en zenuwslopende shockmomenten. Min of meer verstandige horror dus, voor de bloedarmoedige kijker.

En Oculus heeft binnen die context zeker wel wat te bieden. De sfeer is somber en effectief, de film neemt de tijd om karakters te introduceren en er zijn genoeg spannende momenten om het puntje van de bioscoopstoel naar behoren te belasten. Twee of drie scenes blijven ook na de titelrol nog in het hoofd rondspoken.

oculus-5

Daarnaast weet regisseur Mike Flanagan (die eerder de niet perfecte maar wel erg interessante lowbudgetfilm Absentia draaide) zijn verhaal sterk te vertellen. Met name het feit dat twee tijdlijnen non-lineair door elkaar lopen maakt de vertelwijze tot een leuk analyseobject. In één scene zie je bijvoorbeeld hoe hetzelfde karakter tegelijkertijd als jongeling de trap af loopt en als volwassene naar boven gaat. Dat zou verwarrend of anders wel geforceerd kunnen werken, maar Flanagan maakt er iets moois van.

Ook in andere technische opzichten is de film absoluut de moeite waard. Het camerawerk draagt in hoge mate bij aan de beklemmende sfeer in de film; met name de perspectivisch vertekende opnames van boven af vallen op, maar ook wel de belichting. Daarnaast is de muziek (deels soundscape en deels eenvoudige melodielijnen zonder veel bombast) van de Newton Brothers perfect op zijn plaats.

Oculus_podcast

Maar dan doen zich toch ook de nodige problemen voor. Boven alles nog wel de cast. Waar Katee  Sackhof een prima emotioneel verstoorde moeder neerzet en Rory Cochrane een voldoende geloofwaardige vader doen de twee volwassen hoofdrolspelers mij helemaal niets. Ze blijven erg teenie-jong (wat was het simpel geweest om ze tien jaar ouder en daardoor veel sterker te maken) en zijn ongeschikt om de complexe emoties te realiseren die hun karakters vereisen. Daardoor ga je nooit volledig mee in het verhaal. De kinderen doen het aanvankelijk veel beter maar zakken naar het einde toe sterk in niveau.

oculus3

En dan is er ook nog het verhaal. Enerzijds worden interessante vragen gesteld over wat werkelijkheid is en wat fantasie en zijn er ook wel wat bespiegelingen over psychiatrische stoornissen, maar echt diep gaat dat allemaal niet. Anderzijds zijn er wel barsten te slaan in de inhoud.

Niet zozeer dat de hoofdpersonages constant ruimtes betreden die ieder normaal denken wezen te allen tijde zou vermijden (kom op , het is horror, wat moeten ze dan doen, wegrennen? Is de film snel afgelopen). Wel het feit bijvoorbeeld dat de twee geniale onderzoekers de spiegel niet gewoon tijdens het eerste transport van een brug mieteren of anders een geweer gebruiken (er is immers een actieradius rondom de spiegel, ook al zoiets). En dan al die vragen die opgeroepen worden maar vervolgens in het niets oplossen. Marisol? Alle personages die de spiegel al heeft gedood? De achtergrond die Kaylie voor haar videocamera op bijna genante wijze opsomt maar daarna vergeet? Het feit dat op het laatst echt met geen mogelijkheid meer te beredeneren valt wat echt is en wat niet waardoor je je met elk einde bedrogen voelt?

Nee, het niveau van The Conjuring of Insidious haalt Oculus niet. Maar ach, het is in ieder geval horror.

Advertisements

Noah (Darren Aronofsky, 2014)

Noah_poster-620x918

Beoordeling: 6

De verhalen uit het oude testament: prachtig. Darren Aronofsky: wauw. Crow en Connoly: mogen er allebei zijn. Plus een complete en computergegenereerde zondvloed: dat zou toch wat mogen opleveren. Nou, ja en nee.

Noah bouwt – samen met zijn gezin en wat stenen monsters uit the neverending story -een grote boot omdat God de mensheid vrijwel volledig van de aarde zal vegen. De praktische problemen worden door een verzameling wonderen opgelost maar dan zijn er natuurlijk ook nog innerlijke worstelingen, kannibalen en een turbulente gezinsdynamiek. De term biblical proportions was nog nooit zo van toepassing.

NUH-BU1

Ik wist niet precies wat ik ervan moest denken. Dol op de verhalen uit het oude testament en overtuigd van de talenten van veel betrokkenen had ik de recensies gelezen en die waren slecht noch goed: veel dat de moeite waard was maar ook dingen waar je van zegt: mwoah. Voor zover recensie al iets zeggen natuurlijk. Maar ik had er in ieder geval wel zin in.

En aan de ene kant viel het ook helemaal niet tegen. Misschien nog wel het meest door drie dingen: Aronofsky, de thematieken en de visuele verbeelding. Laat ik met die drie punten beginnen.

noah-2014-movie

Aronofsky. De man van Pi en Requiem for a dream. Geweldige films, bijzondere regisseur. Of moet ik zeggen van het verstoorde gedrag? Autisme, schizofrenie, verslaving, isolement, angst, er is bijna geen film te noemen waarin de personages niet lijden. En dat doet Noah ook. Het is een complex personage dat voortdurend worstelt met zichzelf en de wereld en af en toe nadrukkelijk afglijdt in donkere schaduwen. Prima dus.

De thematieken. Misschien nog wel het grootste pluspunt. Vaak word je als kijker losgetrokken uit het onmiddellijke verhaal en uitgenodigd na te denken over grote onderwerpen. Plicht, geloof, woede, humaniteit, overlevingsdrang, de manier waarop mensen om gaan met elkaar en met de wereld om zich heen. En minder dan je in een dergelijke film zou verwachten wordt je gedwongen te oordelen: in plaats daarvan mag je contempleren en eerder bij de vraag blijven dan bij het antwoord. Prachtig.

De visuele verbeelding. Meer dan aan vroege werken als Pi of Requiem leunt Noah aan tegen de beeldtaal van The Fountain. Mooie, poëtische sfeerbeelden, indrukwekkende timelapses, een opmerkelijke parallel tussen het scheppingsverhaal en de evolutietheorie (geweldig!) en ronduit adembenemende landschappen in Ijsland. Plus natuurlijk de spierballen van de special effects, die hier behoorlijk sterk zijn.

fotonoticia_20140404161003_800

Maar dan is er die andere kant. Laten we zeggen het verhaal. Niet, Noah is beslist geen eo-vertelling met een wereldvreemde witte baard, kamperen op zee en dan een duifje met een olijftak en een regenboog. Integendeel: harder, kouder, woester, zwarter. Maar het verhaal slaagt er desondanks niet in echt goed van de grond te komen. Soms is het acceptabel maar geregeld ontspoort het in betekenisloze tot ronduit belachelijke taferelen die je de tenen doen samenknijpen. Of in clichémomenten die zelfs potentieel aangrijpende situaties de spreekwoordelijke das om doen.

Is dat het scenario? Zou eigenlijk niet mogen, zeker niet als je nagaat dat Aronofsky er bijna 16 jaar aan heeft gewerkt maar ik vrees toch het ergste. Nog eens; de thematieken komen echt wel door, maar dan slaat zo’n slappe scene je vervolgens weer helemaal lam. Jammer en teleurstellend.

20131226_0010

Misschien zijn het dit keer ook de acteurs. Crowe en Connoly zijn allebei goede acteurs maar hier overtuigen ze toch niet echt. Vaak lijken ze er maar wat bij te lopen en op intensieve momenten slagen ze er nauwelijks in de essentie van de emotie over te brengen. De rest van de cast is zo mogelijk nog flauwer. Ray Winstone als Tubal-Caine is een uitzondering (hij heeft er als schurk en ongenode gast op de ark ook wel de rol voor) maar hij redt het ensemble niet.

Veel moois dus en zeker geen film om bij voorbaat van tafel te vegen. Maar ook een paar aandachtspunten die er niet om liegen. Voorlopig ben ik teleurgesteld. Over een jaar kijk ik nog eens. Misschien daalt de geest ondertussen over mij en zie ik het licht.