De top 10 van 2013

 2013_0

Lijstjes. Ah. En dan mijn persoonlijke filmtoptien van dit jaar. Oehhh.

Er zitten films niet tussen die ik met pijn en moeite weg heb geschoven, weer terug heb gehaald en dan toch maar definitief in de steek heb gelaten. Allemaal goed voor een 8 of soms een 7,5 maar toch sterk. Mud, American Mary, Craiglist Joe. Oeh en Pieta, Iron man 3 en World war Z. The promised land, Elena, The Conjuring, Prisoners en Everyday. Captain Phillips of de schitterende remake van The Evil dead. En The Place Beyond The Pines en La vie d’Adele. Om er maar een paar te noemen.

Daar staan ook films tegenover die ik met een duivels genoegen naar de vuilnishoop verwijs. Voorop Borgman, de grootste kitchkledder van dit jaar. Of de zwaar overschatte Grande Belleza, die ongetwijfeld in alle highbrowlijstjes prominent het voortouw zal nemen. De waardeloze Springbreakers en de saaie The Butler. De vele teleurstellende blockbusters, zoals Pacific Rim, Die Hard 5 of Oblivion. En dan zijn er nog de echte sofs als A Haunted House (mijn enige 1 dit jaar) of The Purge.

Maar blablabla en yaddayadda. Linksom of rechtsom, het blijft een hoogst subjectieve zaak. Daar gaan we:

10: Avant l’Hiver

Door de manier waarop Claudel zijn thema behandelt ontstaat een krachtige en indrukwekkende film. Rustig, met aandacht voor details en vol stiltes. Dat kan ik niet genoeg benadrukken. Er is muziek (mooie droevige pianowalsjes van André Dziezuk), er zijn – vaak stuntelige en volstrekt ontoereikende – dialogen maar de belangrijkste momenten in de film worden vooral gekenmerkt door stiltes en een absoluut onvermogen om wezenlijke zaken verbaal over te brengen.

https://smulstromstallet.wordpress.com/2013/12/28/avant-lhiver-phillipe-claudel-2013/

9: Only God forgives

Only God forgives past uitstekend in dat rijtje. Vervreemdend, existentialistisch en extreem gewelddadig. Het is zo’n film die kijkers verdeelt en uitnodigt tot pittige discussies. Voor mij over filmtaal, ethische kwesties en in laatste instantie over het leven zelf. Maar voor anderen waarschijnlijk ook over de vraag of je wel geld moet betalen voor je filmkaartje.

https://smulstromstallet.wordpress.com/2013/06/09/only-god-forgives-nicholas-winding-refn-2013/

8: The Heat

De humor is ruw maar intelligent en wordt volledig verweven in het verhaal. Geen bizarre situaties maar strak uit de personages voortvloeiende dialogen en handelingen. Het niveau is hoog en de timing ronduit perfect. Telkens denk je: nu zakt het in, nu zal de nadruk wel naar het verhaal verschuiven of nu ben ik er aan gewend en verliest het zijn effect, maar nee. Het scenario legt achter iedere nieuwe bocht een nieuwe humoristische verrassing.

https://smulstromstallet.wordpress.com/2013/07/09/the-heat-paul-feig-2013/

7: Sightseers

Ik kan er niet de vinger op leggen waar dat precies aan ligt. Veel zaken komen in aanmerking: de combinatie van bevrijdende humor en gruwelijke moorden (wees gewaarschuwd, niet voor de weekhartigen), de cameravoering, die nu eens amateuristisch aan doet bij sommige interieurs en dan gewoonweg fantastisch is in landschappen en portretten, het tempo dat afgemeten strak werkt of de opbouw van het scenario, dat je binnenlokt met beentheredonethatsituaties om vervolgens genadeloos verrassend toe te slaan.

https://smulstromstallet.wordpress.com/2013/02/01/sightseers-ben-wheatley-2012/

6: Django Unchained

Toen ik aan deze drie uur durende film begon was het half een in de nacht en de volgende morgen zou de wekker om half zeven gaan. Ik dacht: dan kijk ik nu wel de helft en morgenavond de andere. Om half vier rolde ik klaarwakker in bed terwijl de cheezy muziek van de end credits nog in mijn hoofd klonk: “Who’s the guy who’s riding to town..in the prairy-sun”. Ahhh: ongefilterd filmplezier.

https://smulstromstallet.wordpress.com/2013/01/07/django-unchained-quentin-tarantino-2012/

5: Searching for Sugar Man

Als je van muziek houdt: kijken. Als je op zoek bent naar een fantastische documentaire die nieuwe feiten aan het licht brengt: kijken. Als je tegelijkertijd in het hart geraakt wilt worden: kijken. En als je wilt nadenken over de kern en het wezen van documentairefilms: kijken. Teleurstelling is hoe dan ook geen optie.

https://smulstromstallet.wordpress.com/2013/01/04/searching-for-sugar-man-malik-bendjelloul-2012/

4: The Hobbit, the desolation of Smaug

Wat is dat toch met de Lord of the Rings trilogie en nu met de Hobbit films? Ik ben er weerloos tegen. Vanaf de openingsscene word ik meegesleept en als de aftiteling begint denk ik: nee, verder, het moet verder. Ondertussen maak ik werkelijk fysiek deel uit van de wereld die me wordt voorgeschoteld en kijk ik met de ogen van een kind dat niet in staat is technieken en filmische trucks te onderkennen. Of niet in staat: ik sluit me er voor af. Geen bewuste handeling, het gebeurt gewoon. En het is heerlijk.

https://smulstromstallet.wordpress.com/2013/12/14/the-hobbit-the-desolation-of-smaug-peter-jackson-2013/

3: Gravity

De indruk die de film nalaat. Misschien vooral dat je bij de laatste beelden mee naar adem hapt. Dat je het idee hebt een originele, nieuwe film te hebben gezien. Dat je grote waardering opbrengt voor de geleverde acteerprestaties. Dat je de minpunten met het allergrootste gemak naast je neerlegt. Dat je denkt: ja, dit is wat film kan zijn.

https://smulstromstallet.wordpress.com/2013/10/07/gravity-alfonso-cuaron-2013/

2: Paradies Hoffnung

Ik denk dat Seidl een van de belangrijke filmmakers van de nieuwe tijd is. Zijn vakmanschap en beheersing van technische middelen staan buiten kijf. Daarnaast is zijn trilogie Paradies net als de Decaloog van Kieslowski een belangrijk sociologisch commentaar op het moderne leven. Dit is materiaal voor de geschiedenisboekjes.

https://smulstromstallet.wordpress.com/2013/06/15/paradies-hoffnung-ulrich-seidl-2013/

1: Inside Llewin Davis

Maar het is toch vooral de overstijging. De metafysiek van de Coens. Het feit dat zij iets ogenschijnlijk gewoons tot iets universeels weten te verheffen. Ik denk dat het komt doordat ze vrijwel altijd films maken over Amerikaanse werelden die inmiddels zijn verdwenen, maar op zo’n manier dat het ook voor niet-Amerikanen herkenbaar is. Het onafwendbare verstrijken van de tijd. Niets vast kunnen houden. Alles voorbij moeten laten gaan. En dat niet erg vinden. Niet echt.

https://smulstromstallet.wordpress.com/2013/12/16/inside-llewin-davis-joel-and-ethan-coen-2013/

Advertisements

Avant l’Hiver (Phillipe Claudel, 2013)

20131125_Avant-l-hive

Beoordeling: 8

Is het leven dat je nu leeft het leven dat je wilde gaan leven toen je 20 was? Dat is volgens regisseur Philippe Claudel de vraag die in Avant L’hiver centraal staat. Misschien vind ik de film daarom wel zo mooi. Of is het toch iets anders?

Chirurg Paul is 62 en begint vraagtekens te zetten bij de betekenis van zijn leven. Op het oog lijkt alles in orde – getrouwd, goede baan, zoon met vrouw en kind, trouwe beste vriend, mooi huis – maar er ontbreekt iets. Twee dingen ontwrichten de toch al weinig stabiele situatie: de vele bossen rozen die anoniem bezorgd worden (van wie zijn ze?) en een jonge vrouw die zegt ooit door Paul geopereerd te zijn (wat ziet hij in haar? Waar staat ze voor?).

3_kristin_scott_thomas_et_daniel_auteuil_c_fabrizio_malteze

Claudel is een bijzondere man. Schrijver, regisseur, scenarioschrijver, professor in de literatuur. Met zijn roman Grijze Zielen en vooral zijn film Il y a long temps que je ’t aime wist hij mij al eerder stevig te raken. Zonder meer door zijn thematiek: vaak melancholie, mensen in transitie, vergankelijkheid. Dat is in Avant l’hiver niet anders.

De existentiële vragen waar Paul mee worstelt zijn universeel en herkenbaar. Als verwende westerse zestiger ontbreekt het hem aan niets maar net als vele generatiegenoten twijfelt hij toch. Waar is de echte betrokkenheid, waar de hartstocht, de warme energie die op twintigjarige leeftijd door het leven leek te stromen? En waarop berusten de keuzes die ooit gemaakt zijn?

Universeel en herkenbaar maar ook bijna lachwekkend clichématig. En al zo vaak eerder vertoond dat ik me afvraag of zóiets nou echt bepaalt of ik een film mooi vind. Natuurlijk is psychologische herkenbaarheid en aansluiting op wat je zelf denkt en voelt een criterium bij waardering, maar enkel dat?

262095_af31a1399f27b80e25017ba86ac87cf8

Ik denk het niet. Dan zouden films als The Bucket List of Last Vegas me ook op een dieper niveau moeten raken en dat doen ze niet. Er is dus duidelijk ook iets anders. De manier waarop het thema wordt behandeld, de vormgeving en misschien nog meer een vaag en moeilijk te concretiseren begrip als sfeer. In dit geval de typische Claudel-sfeer. Een verstilde, contemplatieve sfeer vol droevige helderheid en innerlijke berusting. Ik probeer.

Door de manier waarop Claudel zijn thema behandelt ontstaat een krachtige en indrukwekkende film. Rustig, met aandacht voor details en vol stiltes. Dat kan ik niet genoeg benadrukken. Er is muziek (mooie droevige pianowalsjes van André Dziezuk), er zijn – vaak stuntelige en volstrekt ontoereikende – dialogen maar de belangrijkste momenten in de film worden vooral gekenmerkt door stiltes en een absoluut onvermogen om wezenlijke zaken verbaal over te brengen.

Een grandioos voorbeeld is de wandeling die Paul en Lucie ergens vlak na het midden door de omgeving rond hun huis maken. Het verstilde beeld: een mistig landschap met vage bomen op de achtergrond van een afstand statisch gefilmd. Lucie komt links in beeld en een meter of 5 daarachter volgt Paul. Geen woord wordt gewisseld en de opname duurt totdat beide personages rechts weer uit het beeld zijn verdwenen. Ongemeen effectief.

Belangrijk is ook de werkelijk schitterende vormgeving die het thema sterk ondersteunt. Als je er van uit gaat dat Claudel de relatie tussen Paul en Lucie wil ontleden dan zijn zowel de röntgenfoto’s als het glazen huis, een waar aquarium vol koude meubels, en zelfs de gangen van het ziekenhuis met hun genadeloze zicht op alles, prachtige metaforen. Om van de scheidingswanden (van glas, dus ogenschijnlijk onzichtbaar) nog maar te zwijgen.

avant-l-hiver-27-11-2013-2-g

Rustige beelden, stille geluiden, trage montage, een laag tempo. Waarschijnlijk stoot het sommige kijkers af. En eerlijk: zelf dacht ik in het midden ook af en toe wel eens: ja, nou weten we het wel, maar achteraf ervaar ik dat anders: het is precies zoals het hoort. Je kunt dit thema niet afraffelen, zelfs niet als het betekent dat je snelheid en bondigheid opoffert. Kern van dit verhaal is juist dat je soms teruggeworpen bent op de afwezigheid van prikkels. Alleen met de gedachten in je hoofd en veroordeeld tot contemplatie. Laat de kijker dat inderdaad maar voelen.

En dan hebben we het nog niet eens gehad over de manier waarop de acteurs met hun houding en gezicht weten over te brengen wat nauwelijks in woorden te vatten is. Daniel Auteuil toont opnieuw dat hij innerlijke conflicten perfect en uitermate geloofwaardig kan neerzetten zonder de hulp van uitgekiende dialogen en Leïla Bekthi is fantastisch als de mysterieuze en geplaagde Lou. Maar Kristin Scott Tomas is voor mij de ster van deze film. De manier waarop zij de onmacht en de stille wanhoop van de echtgenote weet te vangen snijdt door merg en been, vooral in de laatste blik in de slotscene.

3832.113117.lg

De slotscene, nog zoiets. Eigenlijk denk je in het politiebureau al: mooi als het hier zou eindigen bij de fade-out, maar nee, hop nog een afronding. Aanvankelijk lijkt die vooral een positieve toon te zetten met hervonden harmonie, zonlicht en een gezellig familiediner totdat een relatief kleine en op zichzelf ondramatische gebeurtenis alles weer scheef zet: meesterlijk.

De thematiek, ja. Maar meer nog de manier waarop het thema vorm en gestalte krijgt. De onzegbare dingen. De sfeer. Avant l’hiver is een prachtige film.

Frozen (Chris Buck, Jennifer Lee, 2013)

FROZN_014M_G_ENG-GB_70x100.indd

Beoordeling: 7,5

Meestal heb ik wat minder met de echte meisjesfilms van Disney. Dat gold destijds voor klassiekers als Assepoester en Doornroosje en later ook voor Pocahontas en Rapunzel.  Frozen is dan toch weer erg leuk.

Anna en Elsa zijn lieve prinsessenzussen maar het botert niet. Dat komt door een geheim dat Elsa met zich meedraagt: zij bezit magische ijskrachten die ze niet onder controle heeft. Als haar geheim op een noodlottige dag spectaculair naar buiten treedt besluit zij zich in eenzaamheid terug te trekken om niemand meer tot last te zijn. De ondernemende Anna gaat naar haar op zoek met de hulp van de ruige bergheld Kristoff, diens amusante rendier Sven en de hilarische sneeuwman Olav.

Frozen-wallpaper-winter_arendelle-1280x800

Ik moet eerlijk zijn: toen na de aardige, zij het niet echt overweldigende eerste tien minuten meteen al het eerste zoetsappige liedje op z’n musicals losbarstte werden al mijn vooroordelen over Disneyfilms voor meisjes meteen in alle hevigheid bevestigd. Het had niet veel gescheeld of ik was snel aan een nieuwe aflevering van Breaking Bad begonnen.

Gelukkig ben ik blijven kijken. Met name het karakter van Anna ontwikkelt zich in eerste instantie heel aardig met een grappige bad-hair day die je in animatiefilms niet heel snel ziet en een leuke mengeling van jeugdig ongeduld en prettige naïviteit. Als vervolgens na de mooi geanimeerde coronation day scene het tempo flink omhoog gaat en eerder geïntroduceerde karakters meer gewicht krijgen wordt het kijken een plezier.

"FROZEN" (Pictured) ELSA. ©2013 Disney. All Rights Reserved.

Enerzijds door het bijzondere personage van Elsa. In de eerste versie van het scenario zou zij eigenlijk de schurk van de film worden, maar later besloot Jennifer Lee (schrijfster én de eerste vrouwelijke regisseur van een Disneyfilm) vooral haar innerlijke strijd te laten zien en thema’s als sociale en persoonlijke plichten te benadrukken. Dapper. Als je het mij vooraf had gevraagd, zou ik hebben gezegd: niet doen. Disneyfilms ontlenen veel van hun glans aan illustere booswichten en zo’n belangrijk element amputeren is niet niks.

Maar het blijkt een goede keuze. In een mum van tijd ontstaat een mooi verhaal over de zoektocht naar identiteit, innerlijke twijfel en morele dilemma’s met een focus op de kloof tussen persoonlijke ontplooiing en plichten ten opzichte van familie en gemeenschap. En een voor animatiebegrippen invoelbaar en leuk uitgewerkte parabel over twee zussen die ondanks tegenstellingen een weg naar elkaar vinden.

FROZEN

Anderzijds door de bijzonder plezierige side-characters. The Duke of Wezelton als onderschurk is misschien wat karikaturaal maar kristoff en vooral zijn rendier Sven vormen een plezierig tegenwicht voor de wat serieuze zussen. Het is echter vooral de blijmoedige sneeuwman Olav die de show steelt. Het feit dat hij voortdurend lichaamsdelen verliest in combinatie met zijn onvoorwaardelijk positieve maar volstrekt wereldvreemde levenshouding en zijn heerlijke oneliners (“I’ve always loved the idea of summers and all things hot”) maken de film ouderwets plezierig.

maxresdefault

Verder is technisch alles zwaar in orde. De karakters zijn aangenaam cartoony en de natuur is misschien niet zo exuberant als in Brave maar verre van armoedig. Het team is op werkbezoek geweest  In Canada en Noorwegen om het licht in sneeuwlandschappen te bestuderen en dat kun je zien. Veel om van te genieten dus.

Alleen die liedjes. Pfff. Zouden meisjes dat nou echt leuk vinden?

Lee Daniels’ The Butler (Lee Daniels, 2013)

The_Butler_poster

Beoordeling: 5

Bijna 100 jaar Amerikaanse rassenhaat en het ontstaan van de Civil Rights Movement. Wat moet je daar van denken? Een belangwekkend en intrigerend onderwerp. Maar levert dat ook een goede film op? Niet bepaald.

Forest Whitacker speelt de rustige en onderdanige Cecil Gaines die – losjes gebaseerd op de werkelijk bestaande Eugene Allan – als butler onder acht Amerikaanse presidenten werkt. Ondertussen maken hij en zij vrouw  Gloria (Oprah Winfrey) van dichtbij mee hoe de blanke bevolking van Amerika zich in de loop van de moderne geschiedenis opstelt tegenover aanvankelijk niggers, vervolgens negroes, dan Blacks en tenslotte African Americans.

Butler_Whitaker_08_17_124-1024x677

Het valt niet te betwijfelen: een diepzwarte (!) pagina uit de Amerikaanse geschiedenis. Of een pagina: zeg maar rustig een compleet hoofdstuk. Ach wat: waarschijnlijk deugt het hele boek niet. En als we dan toch bezig zijn: dit soort zaken beperkt zich absoluut niet tot Amerika of Zuid-Afrika. Ik moet de eerste samenleving of sociale gemeenschap nog zien die zich niet in meerdere of mindere mate bezondigt aan socio- en etnocentrisme, aan discriminatie en uitsluiting, aan vervolging en xenofobische haat.

Goed dat het aan de kaak wordt gesteld, want bewustzijn is op z’n minst een eerste stap naar mogelijke verbetering. In die zin kun je de film van Lee Daniels de nodige lof toe zwaaien: hij gaat onaangename aspecten van een samenleving niet uit de weg en probeert er eetbare soep van te koken.

Dat doet hij door het verhaal te centreren rond een eenvoudige boerenjongen die ontsnapt van een plantage en na omzwervingen en een aantal baantjes in steeds chiquere hotels tenslotte wordt aangenomen als butler in het witte huis. Van Eisenhower tot Obama maakt hij alle politieke ontwikkelingen mee. Alles wat hij dan nog mist wordt opgevangen door het personage van zijn zoon die samen werkt met Martin Luther King en daarna lid wordt van de black panthers.

the-butler-winfrey-whitakerjpg-55e38ee5b5004301

Het idee is intrigerend en biedt ongekende mogelijkheden maar toch zijn er beren op de weg. Hoewel individuele gebeurtenissen indruk maken en historische evenementen van beelden en kleuren worden voorzien ontstaat onwillekeurig toch al snel een vreemd soort afstandelijkheid die werkelijke betrokkenheid in de weg staat.

Misschien is het de korte tijd die belangrijke ontwikkelingen op het scherm bedeeld krijgen. Presidenten komen en gaan, bussen worden in brand gestoken, vredelievende demonstranten worden in elkaar geslagen, haat tiert welig maar nergens slaat de vlam echt fel in de pan. Telkens weer kabbelt het verhaal verder en neemt de geschiedenis haar loop zonder echte contemplatie of werkelijke bezinning.

download

En dan wordt het – durf ik het te zeggen bij zo’n thema – gewoon ronduit saai en wacht je tot de trage 2 uur en een kwartier eindelijk voorbij zijn. Ja natuurlijk, een geschiedenisboek met plaatjes en oh ja, daar is Kennedy die natuurlijk wél heel zuiver op de graad was (hm) maar bwoah. Bo-ring!

Het heeft ook wel iets te maken met de versimpeling van ingewikkelde processen en het gebrek aan risico in de film. Alles is voorspelbaar en er wordt netjes binnen de lijntjes van een voorgedrukte morele verontwaardiging gekleurd. Onwillekeurig denk je bij de scene met de verplichte discussie over Sidney Poitier als “the white man’s negroe” dat met de film hetzelfde aan de hand is: The Butler is de protestfilm van de salonmoralist.

De acteurs zijn geweldig, daar niet van. Whitacker zet een krachtige Gaines neer en niets kwaads over Oprah Winfrey, want ze speelt uitstekend. Dat geldt ook voor alle presidenten (hoewel Cusack als Nixon miscast is). En het hoogtepunt vormt wel de keuze voor de rol van aartsliberaal Nancy Reagan: de linkse militante activiste Jane Fonda. Geniaal!

presidents-in-the-butler

Maar ondanks dat, en gooi daar dan ook nog maar wat verdienstelijke technische credits bij voor decors, kostuums en muziek, blijft The Butler uiteindelijk een saaie, oninteressante en onbedoeld afstandelijke film. Alsof je naar een matige tv-productie zit te kijken.

Een onderwerp als dit verdient beter.

BROs before HOs (Steffen Haars en Flip van der Kuil, 2013)

bros_before_hos_2013_poster

Beoordeling: 7

Van Bart moest ik hem minstens een 8 geven want: “je hebt zo hard gelachen, het was af en toe zelfs irritant”. En het klopt: regelmatig bleef ik er in, ook als de rest van het publiek al stil was. Maar die romantiek hè.

De broers Max (Tim Haars) en Jules (Daniel Arends) houden van drank, joints en vrouwen. Ooit hebben ze een pact geloten om nooit een relatie te beginnen want daar komt toch alleen maar gezeik van. Dan loopt Anna (Sylvia Hoeks) hun leven binnen.

BBH-0630

Bro’s before Ho’s komt uit de koker van Steffen Haars en Flip van der Kuil, het illustere duo dat verantwoordelijk is voor New Kids. Ik had de tv-serie nooit gezien maar viel als een blok voor de films. Botte, anarchistische humor van het laagste plan die niets van doen wil hebben met alles wat cultureel verantwoordelijk of politiek correct is. Heerlijk!

En Bro’s before ho’s pakt die draad gelukkig probleemloos op. Geen hogere dimensies hier, maar scheten, foute grappen over seksueel gefrustreerde mongolen, masturbatie om de drie scenes, alle vrouwen zijn kuthoeren en dialogen van het type: Douwe Kroese met aids maar zonder condoom of Viola van Emmenes overreden door een vrachtwagen maar met het onderlijf nog perfect intact (Douwe Kroese). Doodgewone maandagmiddagse mannendingen eigenlijk.

62479_754231257926576_400007291_n

In die stukken zijn Haars en Van der Kuil meesterlijk. Ja, het is de goedkoopste vorm van humor, maar hij is bevrijdend eerlijk en werkt aanstekelijk enthousiasmerend. Het tempo is steeds hoog, de timing perfect en het anarchisme uit New Kids blijft overeind.

Nóg beter zijn de wtf-moment. In de eerste New Kids was dat de hond die plotseling uit het niks wordt neergeschoten en hier vooral de geweldexplosies van de seksueel gefrustreerde Huub Smits en het moment dat Clint Eastwood wordt besproken op het balkon en Henry van Loon uit het niets naar beneden duikt.

Trouwens: Van Loon als de huisvriend Rene: geweldig! Zijn misplaatste rappersteksten maar vooral zijn relatie met de nuffige Suzanne (een heerlijk schmierende Jennifer Hoffman) behoren tot de hoogtepunten van een toch al erg leuke film. Vooral omdat hij als cabaretier exact weet hoe hij zijn teksten moet uitspreken en wat hij er bij moet doen: een groot komisch talent. En dan hebben we het nog niet eens gehad over de bijrol van Theo Maassen. Of die van Birgit Schuurmans: een zelfgeschreven verjaardagskaartje is nooit meer hetzelfde.

BBH-0855

En als filmliefhebber geniet je natuurlijk in overdrive van alle verwijzingen naar klassiekers als First Blood, Escape from Alcatraz, Clerks en Dirty Dancing. Wat dat betreft is de aftiteling meer dan de moeite waard. Daarin worden beroemde filmscenes  à la “Be Kind, rewind” nagespeeld – inclusief New Kids – door verstandelijk beperkte medemensen (niet de term die in de film wordt gebruikt). Dus blijf even zitten.

Dat is ook wel een groot pluspunt: het absolute plezier aan het filmmaken dat werkelijk van alle scenes af spat. Chaos ja, weinig subtiliteit, geen hoge filmkunst, maar een grote liefde voor het medium en een compleet gebrek aan respect voor alles wat met normen en waarden te maken heeft.

bro-s-before-ho-s-1

Tenminste: als daar niet dat onzalige idee was geweest om toch óók een romantische komedie te maken. Een lief verhaaltje waarin uiteindelijk de hoofse liefde zegeviert. Getverderrie. Let op: ik heb daar zo doordeweeks niets op tegen, maar hier is het wel een beetje de spreekwoordelijke tang op het varken.

En laat dan dit varken maar gewoon rustig zelfstandig in de modder rondwentelen. Daar is beslist geen tang bij nodig.

Homefront (Gary Fleder, 2013)

tv-spot-for-statham-and-francos-homefront

Beoordeling: 6

Sommige films kijk je omdat je weet wat je kunt verwachten. Geen verassingen en geen originaliteit maar puur entertainment in hapklare brokken. Helmaal niks mis mee.

Jason Statham speelt een ex-agent die samen met zijn dochter de rust opzoekt van een kleine plattelandsgemeenschap om vijanden uit het veleden kwijt te raken. Als zijn dochter de zoon van een lokale drugsbaas tegen de grond slaat zorgt diens moeder er voor dat ze toch weer in beeld komen. Jammer voor Statham, leuk voor de kijker.

9383_w800

Het scenario van Homefront is van Sylvester Stallone, die het oorspronkelijk schreef als onderdeel van de Rambo-reeks. Dat is ook wel herkenbaar, zeker als je de uitstekende “First Blood” er naast zet: stille, teruggetrokken ex-professionals, die eigenlijk vooral rust willen maar dan toch door een vijandige en agressieve omgeving uitgedaagd worden om hun oude talenten nog eens in te zetten. Puur uit zelfverdediging natuurlijk.

Statham doet het helemaal niet onaardig. Anders dan in de veel hoger (mis-)grijpende Hummingbird gaat hij hier niet op de filosofische toer en hoeft hij alleen maar laten zien dat hij goede vader is en een aanwinst voor de gemeenschap, met leuke vriendschappen en een gezond oogje op de schoolpsychologe. Dat gaat hem prima af.

homefront-jason-statham-1

Daarnaast is het psychologische stramien van het verhaal aangenaam simplistisch en voorspelbaar. Eerst wordt de dochter volstrekt onheus bejegend, vervolgens laat Statham zelf allerlei onaardigs over zich heen komen en als je als kijker echt vurig brandt van verlangen naar woeste klappen slaat de vlam ook daadwerkelijk in de pan. Heerlijke handgevechten, aangenaam harde geweldsuitbarstingen en bevredigende shoot-outs. Zoals het hoort.

Het probleem is eigenlijk vooral dat afgezien van die leuke primaire verhaallijn verder niets is uitgewerkt. De karakters hebben erg te leiden onder gebrek aan achtergrond en het verhaal kent te veel schurken. Kate Bosworth speelt een overtuigende bitch maar zou beter in de verf gezet kunnen worden en dat geldt ook voor het personage van haar man (Marcus Hester). Vervolgens blijkt echter haar broer (James Franco) een veel grotere schurk. Of is het toch diens vriendin (Wynona Ryder)? Of nee, misschien de corrupte sherrif? Of de bendeleider uit Stathams verleden? Stuk voor stuk effectieve kanonnenvoerpersonages maar dramatisch hebben ze weinig te bieden.

home6

Hetzelfde geldt voor de lijnen in het verhaal die wat meer bespiegelend moeten lijken. De stukjes over opvoeding en de liefde tussen een vader en zijn kind bijvoorbeeld. Die zou je met plezier fast forwarden maar ze duren nooit lang genoeg om de afstandsbediening op te pakken, zelfs als die direct naast je hand ligt. Of de stukjes die voor afronding moeten zorgen: altijd al clichés maar hier ook vaak wat genant.

Toch maakt dat onder de streep niet veel uit. Laten we eerlijk zijn: wie dit soort films kijkt weet welk vlees er in de kuip zit en als je daar vervolgens over gaat zitten zeuren moet je gewoon naar prisoners kijken.

Dus een 6 ja, maar wel een dikke, vette, lekkere zes. Met ballen.

Last Vegas (John Turtletaub, 2013)

826bdc2a7e21bf0b3d6c02cd421c447d

Beoordeling: 6,5

Vier acteurs van dit kaliber bij elkaar in één film, dan valt er wel wat te smullen zou je zo denken. En dat is ook zo. Plus de nodig humor, zwembaden en gokkasten. Mooi allemaal, maar helaas is er ook nog het verhaal.

Las Vegas is een mannenfilm. Vier jeugdvrienden doen in de herfst van hun leven nog één keer een verwoede poging om voor korte tijd te ontsnappen aan de sleur van het dagelijkse leven. Wanneer één van hen trouwt reizen ze naar Las Vegas voor een vrijgezellenfuif. Drank, vrouwen, 50 cent en een confrontatie met het verstrijken van de tijd.

1_3116

Het grootste pluspunt van de film is de cast. Vier kanonnen – De Niro, Kline, Douglas en Freeman – plus de weergaloze Mary Steenburgen bij elkaar: wie wil dat nou niet zien? En het moet gezegd: de heren (en de dame) zijn op dreef: tijdens de beste momenten spelen ze hun beroemdheid zó weg uit je belevingswereld en zelfs als ze vreselijk clichématige dialogen moeten uitspreken weten ze nog steeds tot op zekere hoogte overtuigen. Daarnaast hebben ze zichtbaar lol aan de samenwerking, wat zich vertaalt in een enthousiasmerende en aanstekelijk warme sfeer.

1380508824695_bo-lao-xi-tin-last-vegas-e2b041

Ook als komedie blijft de film tot aan het einde overeind. De humor is nergens subtiel maar ook niet grof of bot. Het gaat eigenlijk altijd om het beruchte Peter Pan syndroom en de scenarioschrijver Dan Fogelman weet hier vooral in de dialogen maar ook wel in de situaties veel waarde alle geinvesteerde dollars te realiseren. De trailer geeft een indruk  van de scherpte en dimensies maar sommige scenes moet je in de opbouw zien.

Een goed voorbeeld is de zwembadscene, waarin de heren out of the blue een bikiniwedstijd jureren. Welbeschouwd is daar niet zo heel veel grappigs aan, maar de medewerking van LMFAO en vooral het plezier dat de acteurs tentoon spreiden werkt echt ontwapenend. Onwillekeurige begin je mee te bewegen en “everybody’s shuffeling” te neurieen. Plus kijk die Michael Douglas toch eens op zijn kruk op en neer wippen.

last-vegas

Maar dan is daar toch het verhaal. Dat blijft van voor tot achter plat, eendimensionaal en storend oppervlakkig. Met zo’n cast zou dat echt niet nodig zijn. Soms lijkt het even een beschouwelijke of wat meer schrijnende kant op te gaan maar het duurt nooit lang of een gemeenplaats smoort die potentie volledig in de kiem. Snelle oplossingen, wandtegelfilosofietjes en scenariotruckjes. Vooral tegen het einde moeten de losse eindjes bij elkaar worden geknoopt en dat gebeurt niet echt genuanceerd. Jammer.

960x595

Ach ja. Je verveelt je niet. En het korte optreden van 50 cent is alléén al de prijs van het kaartje waard.

47 Ronin (Carl Rinsh, 2013)

47-ronin-japanese-poster

Beoordeling: 7

Toen ik de trailer voor het eerst zag dacht ik: daar heb ik wel zin in. Naarmate het langer duurde voordat de film in premiere ging nam de twijfel toe: zou het een soort airbenderdisaster worden? Bij het verlaten van het theater waren er gemengde gevoelens: 1) viel dat even mee en 2) wat had dit nog veel beter kúnnen zijn.

47 ronin is een oerjapans verhaal van een groep verstoten samoerai die een wrede Shogun trotseren om de eer van hun meester te herstellen. Daarbij moeten ze niet alleen diep door de knieen maar ook de strijd aanbinden met een overweldigende meerderheid aan tegenstanders en zelfs bovennatuurlijke krachten.

47-ronin-photo-2

De debuutfilm van regisseur Carl Rinsh is de inmiddels de zevende adaptatie van het in Japan “wereldberoemde” en in de kern waargebeurde verhaal van de 47 Ronin maar de eerste Hollywoodversie. Daartoe zijn wat nieuwe karakters geïntroduceerd (waaronder dat van de bastaard Kai – Keaunu Reeves – en dat van de heks – Rinku Kikoshu). Puristen zullen dat vreselijk vinden en daar kan ik me beslist iets bij voorstellen maar eigenlijk valt het best mee.

Dat hangt natuurlijk ook sterk af van wat je wilt zien. Ben je op zoek naar filosofie, geschiedenis en strakke beschouwelijke contemplatie over begrippen als eer en loyaliteit, dan kom je er hier wat bakaaid vanaf. Ze zijn er wel, maar toch sterk ten dienste van het spectakel en de wensen van een groter publiek. Voor wie diepgang wil in dit soort thema’s is er gelukkig altijd nog een meesterwerk als Harakiri van Masaki Kobayashi.

Als je daarentegen gewoon een spannende en goed gemaakte samoeraifilm wilt zien, met flitsende gevechten, sterke special effects (beter dan de trailer doet vermoeden) en toch nog hier en daar wat Japanse smaakjes, dan is 47 Ronin beslist geen tegenvaller. Wat zeg ik: dan heeft hij heel wat te bieden.

47-ronin-two-action-packed-tv-spots

Vakmanschap is er vrijwel op alle terreinen. Misschien wat minder in de regie van debutant Rinsh, die ongetwijfeld onder druk van producenten vaak behaagzuchtig de jonge westerse kijker wil plezieren maar wel op alle andere vlakken. De technische kant is uit de kunst. Ik noem maar eens wat.

De sets werden verzorgd door de Nederlander jan Roelfs die eerder films als Gattaca en Alexander hun typische uiterlijk gaf maar die vooral beroemd werd als vaste decorman van Peter Greenaway. Samen met kostuumontwerpster Penny Rose, die voor elke belangrijke acteur een aangepast kostuum maakte weet hij de sfeer van het oude Japan perfect op te roepen.

47-Ronin-HD-screenshots-16-800x450

Ook de andere technische aspecten zijn zwaar in orde. Het camerawerk, het geluid, de zware maar prachtige muziek en de effecten: om je vingers bij af te likken. In een film als deze zijn die elementen zeer bepalend voor je plezier als kijker en dat het af en toe door de reisscenes lijkt of je naar een Japanse versie van Lord of the Rings aan het kijken bent, neem je dan graag op de koop toe.

En natuurlijk de acteurs. Mijn ideeën over de acteerprestaties van Keanu Reeves heb ik al eerder uit de doeken gedaan, maar laat ik hier eens aardig zijn en zeggen dat je hem een volgens mij oprecht interesse in martial arts en Japanse cultuur niet kunt ontzeggen. Dat laat niet verlet dat hij af en toe toch wel ijdeltuitert en daarnaast compleet wordt weggespeeld door de Japanse cast, hoofdrolspeler Hyroyuki Sanada (Oishi) voorop. Maar zelfs acteurs van het tweede en derde plan (zoals bijvoorbeeld Shihoko Nagai, die de vrouw van Oishi speelt, nota bene zonder credits) streven hem op alle fronten voorbij.

filmz.ru

Ook de gevechten zijn erg mooi uitgewerkt. Wervelend en vlot, voldoende psychologisch ingebed en emotioneel bevredigend. De spanning is goed verdeeld, het tempo valt niet tegen en de opbouw is gericht op een voortdurend duidelijker in zicht komende climax die vooral in de belegering van het kasteel erg choreografisch en indrukwekkend wordt verbeeld.

Blijft alleen dat ene probleem over: die kniebuiging voor het grote publiek. Niet zozeer de toevoeging van bovennatuurlijke elementen of de nadruk op effecten, dat werkt voor mij wel. Ik bedoel de simplificatie van culturele elementen, de wat houten uitwerking van karakterconflicten, het gebrek aan poezie (anders dan in de mooie beelden). En misschien nog wel het meest: de manier waarop thema’s als trouw en loyaliteit behandeld worden: als bijzaken.

Plus: wat zou het indrukwekkend zijn geweest als die sepukus mooier en indringender in beeld waren gebracht. Daar kun je werkelijke pijn en opoffering laten zien. Nu snijdt de regisseur weg voordat er iets gebeurt. Kijk dan toch maar naar Haikiri. En zoiets hád het misschien wel kunnen worden. Frustrerend.

Inside Llewin Davis (Joel and Ethan Coen, 2013)

INSIDE-LLEWYN-DAVIS-POSTER

Beoordeling: 9

De Coen Brothers – Jan schrijft het in zijn recensie van deze film – zijn met enige ruimte om te discussieren het beste wat de Amerikaanse cinema te bieden heeft. Al 30 jaar leveren zij constante kwaliteit, ongemeen boeide films en volstrekt eigenzinnige observaties van Amerikaanse levens. Inside Llewin Davis is een nieuw juweel aan hun kroon.

Losjes gebaseerd op het leven van de mij onbekende Dave Van Ronk, volgt de film een week lang de dagelijkse beslommeringen van Llewin Davis (Oscar Isaac), een jonge singer-songwriter in Greenwich Village aan het begin van de jaren zestig. Het gaat om mislukte relaties, onvermogen om werkelijk contact te maken, New York in de winter, een weggelopen kat en de kracht van Amerikaanse  folkmuziek. Als je het zo hoort lijkt het niet echt veel soeps, maar het tegendeel is waar.

Inside-Llewyn-Davis1

Net als in hun beste films (The Big Lebowski, Brother where art thou, True Grit, A serious man en vooral No country for Old Men) weten de gebroeders Coen namelijk een klein wonder te bewerkstelligen. (En Fargo. En The Hudsucker Proxy.) Ze snijden een thema aan dat vooral lijkt uit te blinken in alledaagse betekenisloosheid, draaien het door de molen van hun eigenzinnige talent en hop: pure cinematografische magie. (Oh, en Miller’s Crossing. En Blood Simple natuurlijk.)

Inside Llewin Davis is het verhaal van een onbekende Amerikaanse folkzanger met een onaangenaam karakter en een gezonde portie zelfoverschatting. Dat zou hem onsympathiek moeten maken, maar je gaat toch van hem houden. Misschien omdat hij uitgroeit tot het symbool van middelmatigheid en zo een soort voorbeeld wordt voor iedereen die ooit probeerde maar nooit slaagde. En zelfs voor hen die nooit probeerden.

InsideLlewynDavis_010

Want de Coens oordelen niet. Ze tonen enkel wat is. Onmacht en twijfel. Talent maar net niet genoeg. En tegelijkertijd veel mededogen en warmte. De ex-vriendin (fantastische Carey Mulligan) die ondanks alles toch blijft helpen. De vrienden die ondanks onbeschoft gedrag de deur toch weer open zetten. Mededogen is een mooi woord in dit verband. Het wordt prachtig verbeeld in de scene waarin de zanger een nummer speelt voor zijn demente vader. Klein, onsentimenteel, onder de huid kruipend.

Maar er is ook veel humor. Van het Coen-type dan. Vreemde karakters die met hun eigenzinnige afwijkingen kleur verlenen aan de film, krachtige, absurdistische dialogen waar je soms over moet nadenken en andere keren van uit je stoel valt, alledaagse onhebbelijkheden die het leven nu eenmaal met zich meebrengt.

158288-thumb-1024x576

En dan hebben we het nog niet gehad over het filmische vakmanschap. De vaste cameraman van de Coens (Roger Deakins) was bezig met Skyfall, maar Bruno Delbonnel levert fantastische sfeerbeelden van een winters New York in de jaren zestig. Ook het decor is prachtig aangekleed en de timing van de montage is perfect, zowel in de rustigere, meer sfeervolle passages als bij de humor.

7_6624_L

En de muziek. De soundtrack is ronduit fantastisch en ik heb het idee, dat net als bij Brother where art thou opnieuw een opleving van Americana zal ontstaan, dit keer minder gericht op bluegrass en meer op folk. Geweldige optredens, die af en toe tegelijkertijd bijna belachelijk en ontroerend zijn. Plus koude rillingen als in de laatste scene een niet met naam genoemde Bob Dylan het podium betreedt.

Maar het is toch vooral de overstijging. De metafysiek van de Coens. Het feit dat zij iets ogenschijnlijk gewoons tot iets universeels weten te verheffen. Ik denk dat het komt doordat ze vrijwel altijd films maken over Amerikaanse werelden die inmiddels zijn verdwenen, maar op zo’n manier dat het ook voor niet-Amerikanen herkenbaar is. Het onafwendbare verstrijken van de tijd. Niets vast kunnen houden. Alles voorbij moeten laten gaan. En dat niet erg vinden. Niet echt.

The Hobbit, The desolation of Smaug (Peter Jackson, 2013)

ELHOBBIT1252_poster

Beoordeling: 8,5

Je hebt goede films en je hebt grootse evenementen. Af en toe vallen die twee samen en dan verandert mijn kijkgedrag. Dat is een even geestvernauwende als ongelooflijk aangename ervaring.

The Hobbit, the desolation of Smaug begint niet helemaal waar An unexpected Journey ophield. Jackson biedt de kijker heel slim even rust met een kleine proloog rondom dwergkoning Thorin die Gandalf voor het eerst ontmoet in een donkere taveerne om daarna de draad weer op te pakken na de strijd met de witte Orc. Bilbo en het gezelschap dwergen zetten hun reis voort en vanaf dat moment blijft de vaart er voortdurend in zitten. Spinnen vallen aan, Legolas maakt zijn opwachting, er is een wilde tonnenvaart over een woeste rivier, een stad aan het meer blijkt een broeinest van complotten en opportunisme en eindelijk komt de draak in beeld.

Hobbit-desolation-of-smaug-barrels-scene

Wat is dat toch met de Lord of the Rings trilogie en nu met de Hobbit films? Ik ben er weerloos tegen. Vanaf de openingsscene word ik meegesleept en als de aftiteling begint denk ik: nee, verder, het moet verder. Ondertussen maak ik werkelijk fysiek deel uit van de wereld die me wordt voorgeschoteld en kijk ik met de ogen van een kind dat niet in staat is technieken en filmische trucks te onderkennen. Of niet in staat: ik sluit me er voor af. Geen bewuste handeling, het gebeurt gewoon. En het is heerlijk.

Misschien komt het in de eerste plaats door de manier waarop de wereld wordt neergezet. De epische schaal, de altijd weer imponerende decors, de grandioze landschappen. En door mijn persoonlijke favoriet: de prachtige shots van reizende gezelschappen die langs bergkammen op paarden of te voet enorme afstanden afleggen. Wat mij betreft zou je alleen dáárvan al een montage mogen maken en die zou ik dan met veel plezier bekijken. Aangenaam verdrinkend in dimensies, kleuren en intensiteit.

THE HOBBIT: THE DESOLATION OF SMAUG

Of anders door alle vakmanschap dat met bakken over je wordt uitgestort. De details in de kostuums, de snelheid van de montage, de prachtige muziek en de geliktheid van de animaties. De geluidscoulissen. De sprookjesachtige belichting. Het realisme van maquettes en interieurs. De choreografie van de gevechten. Weinig andere films bereiken zo consequent een dergelijk hoog niveau van visuele en technische perfectie.

Maar het is zoveel meer dan dat. Vakmanschap is één ding en daar kun je bewondering voor hebben maar dat maakt van een vijftigjarige man nog geen twaalfjarige jongen. Er moet ook een hulpeloze bereidheid zijn om het verhaal te volgen en dat heeft veel te maken met de op- en uitbouw van karakters en met de manier waarop je als regisseur en scenarioschrijver een verhaal meeslepend vertelt.

THE-HOBBIT-THE-DESOLATION-OF-SMAUG-EXC-DI-04

De karakters dan. Oude worden van meer vlees en bloed voorzien en nieuwe krijgen kleur en structuur. Met name Thorin en Bilbo groeien maar ook een aantal andere dwergen. Het mooiste voorbeeld is Kili (Aidan Turner) die van de grijze muis in deel 1 uitgroeit tot een volstrekt tastbare presence door de relatie die hij aangaat met een nieuw karakter, de elf Thauriel (prachtige rol van Evangeline Lily uit Lost). Een heerlijke verhaallijn die midden in alle grootschalige actie voor de nodige intimiteit en betrokkenheid zorgt.

kili-aidanturner

Of het meeslepend maken van het verhaal. Het is echt niet voor iedereen: dwergen, elfen, tovenaars, draken, orcs en monsters, en toch weet Jackson steeds opnieuw weer interesse te wekken voor alles wat er gebeurt. Door spanning, spectakel, afwisseling van groot en klein, ontroerende details, humor, strakke spanningsbogen. Door Joost mag het weten want eerlijk: dit zou allemaal zo gruwelijk fout kunnen lopen. Des te bewonderenswaardiger dus.

Maar ik vraag me af of het dat allemaal is. Zijn het niet ook de jeugdherinneringen aan eindeloos spannende films als Ulysses, Sindbad, Journey to the centre of the earth, Tarzan, The wizzard of Oz? Films die je als kind weghaalden uit de huiskamer en transporteerden naar naar exotische landschappen en adembenemende avonturen?  Individuele psychologische behoeften. Ontsnappingsdrift?

the-hobbit-desolation-of-smaug-hd-trailer-stills-movie-14-1024x422

Ongetwijfeld. Maar wat heb je eraan om dat te weten? Het weegt in geen duizend jaar op tegen het plezier dat een dergelijke film kan bieden. Ik ga gewoon nog een keer kijken en dan wachten tot volgend jaar het laatste deel verschijnt. Was het maar al zo ver.