Sparrows Dance (Noah Buschell, 2012)

sparrows-dance-poster

Beoordeling: 7

175.000 dollar is het budget waarmee een gemiddelde blockbuster de cateringkosten dekt. Denk ik. Ik heb het nooit nagevraagd. Het is in ieder geval bijna niks. Noah Buschel maakte er Sparrows Dance mee. Knap.

Een actrice (ze wordt nooit bij naam genoemd) heeft agorafobie en leeft al een jaar lang binnen de wanden van haar kleine appartement. Als haar toilet verstopt raakt moet ze een loodgieter laten komen en dan bloeit er iets moois op.

download

In de eerste plaats is Sparrows Dance een mooi en klein menselijk verhaal over twee mensen die schuchter en op kousenvoeten nader tot elkaar komen. Geen overdreven sentimenten; overtuigende personages, veel rust en een aangename sfeer.

In de tweede plaats is het een film over een psychiatrische stoornis en die zie ik uit beroepsmatig interesse graag. Vaak heb ik het idee dat een ziektebeeld erg dramatisch of weinig realistisch wordt voorgesteld maar dat is hier beslist niet het geval. De scenarist permitteert zich vanwege het verhaal enkele vrijheden, maar verder toont hij vooral een intelligente vrouw die op een eigen manier met problemen om gaat. Mooi gedaan.

7108427389_173df6f1d4

In de derde plaats is het een knap gemaakte film. Het verhaal speelt zich volledig af binnen de muren van één appartement en de regisseur maakt krachtig gebruik van het decor. Hij opent elke scene met een drie seconden durend overzicht en laat de camera veel stil staan. Op die manier ontstaat het idee dat je naar een theatervoorstelling kijkt. Dat klinkt mogelijk saai, maar het werkt juist verbluffend goed.

Hoogtepunt van deze theaterbenadering is een sleutelscene waarin de twee hoofdpersonages dansen. Hierbij gaat de camera zo ver naar achteren en is de belichting zo gefocust dat je letterlijk naar het podium van een theater kijkt. De scene is enorm indringend en bouwt heel langzaam op naar grote intimiteit. Alleen daarom al zou je moeten kijken.

SparrowsDance_webstill

Daarnaast zijn er ook andere inventieve momenten. Nachtelijke gesprekken die plaatsvinden bij aan- en uitknipperende neonlichten, gemaskeerde opnamen als de vrouw zich opmaakt voor haar eerste afspraak, het mooie laatste beeld. Buschel heeft de film in 10 dagen opgenomen: dat kan alleen maar als hij vooraf duidelijk heeft geweten wat hij wilde doen.

Het mooiste voorbeeld van de effectieve wijze van vertellen is voor mij de scene waarin de loodgieter afscheid neemt bij zijn eerste bezoek. Hij staat aan de deur, zij zeker vier meter daar vandaan, maar door de slimme plaatsing van een spiegel lijkt het net alsof de twee personages vlak bij elkaar staan. Een erg mooie vooruitwijzing naar hun latere contact.

Sparrows_Dance_2012_WEBRip_XVi_D_juggs_avi_thumbs

En tenslotte spelen ook Marin Ireland en Paul Sparks erg goed. Als dat niet zo zijn geweest, had een film als deze een beproeving kunnen zijn. Nu leef je mee en raakt je vervlochten met de twee karakters.

Toch mis ik iets. Ondanks de bovengenoemde voordelen en het feit dat ik de film absoluut waardeer, kruipt hij niet volledig onder mijn huid. Misschien is het de theatrale vorm die knap is maar ook afstand schept. Misschien het feit dat sommige scenariovrijheden begrijpelijk zijn maar niet heel realistisch: bijvoorbeeld hoe de loodgieter, nadat hij voor het eerst van de stoornis hoort, meteen een therapeutische uitdaging neerlegt, of het feit dat het slot met iets te veel gevoel voor drama van een toch al moeilijk voorstelbare zelfgekozen exposure ook nog regelrechte flooding maakt: ik moet dat in de werkelijkheid nog zien.

Onder de streep: absoluut de moeite waard.

We’re the Millers (Rawson Marshall Thurber, 2013

2296080

Beoordeling: 7

Komedies hebben niet zelden een simpel verhaal en weinig eeuwigheidswaarde. Dat geldt voor We’re the Millers óók, maar als je dat op de koop toe neemt hou je wel een erg grappige film over. You know what I’m sayin?

David Clarke (Jason Sudeikis) is een smalltime drugdealer die bij een overval zijn buit verliest en daardoor in de problemen komt met zijn opdrachtgever. Met het mes op de keel neemt hij een klus aan waarbij hij een enorme hoeveelheid drugs over de Mexicaans-Amerikaanse grens moet smokkelen. Dat lukt vast stukken beter – denkt hij – als hij zich samen met zijn stripper buurvrouw (Jennifer Anniston) , de eenzame en naieve zoon van de onderburen en een jonge zwerfster, voordoet als een modaal gezin.

we-re-the-millers05

Qua onwaarschijnlijkheid en simplisme doet “We’re the Millers” weinig onder voor de slechte “identity Thief” van eerder dit jaar: het gaat duidelijk om een geconstrueerde situatie die in de werkelijkheid nooit op deze manier voor zou komen. Blijven over: de kracht van een goed scenario, perfecte timing en komisch getalenteerde acteurs. Drie maal de spijker op de kop.

Het scenario behelst weliswaar een onmiddellijk na de aftiteling te vergeten verhaal, maar het geeft de karakters kans om te ademen, voorziet ze van grandioze dialogen en mijdt al te gladde oplossingen. De personages zijn allemaal niet erg sympathiek en kiezen regelmatig voor eigen gewin of pragmatisme, wat een verademing is binnen de lauwwarme Amerikaanse moraliteitscultuur.

Het maakt de toon van de film realistisch. Of realistisch, natuurlijk hebben we het hier over een komedie, maar op een of andere manier voelen de karakters écht aan en blijf je benieuwd hoe ze op situaties zullen gaan reageren. Telkens opnieuw maken ze daarbij keuzes of zeggen ze dingen die je net niet verwacht, die harder of botter zijn dan je in het genre gewend bent, die je onwillekeurig – of je dat nu wilt of niet – soms hardop doen lachen.

5E0A6256.dng

De timing is ongemeen goed. Vlot, altijd spot on the mark en niet zelden staccato. Telkens weer hebben blockbusters deze zomer laten zien dat humor veel moeilijker is dan het lijkt. Percy Jackson en The Lone Ranger verloren het gevecht tegen de humor niet alleen door flauwheid maar ook door verkeerde plaatsing, pijnlijke stiltes en genante overaccentuering. We’re the Millers laat zien hoe het wel moet.

De acteurs zijn sterk en doen stuk voor stuk verschillende duiten in het zakje. Sudeikes is een goede komiek, maar ook Anniston, die ik lang niet altijd even leuk vind, weet hier de plank altijd raak te slaan. De twee kinderen: eveneens niets te klagen. Emma Robberts (van Nancy Drew) is leuk en adequaat vervelend als opgroeiende tiener, maar Will Poulter steelt de show: toegegeven hij krijgt de beste momenten, maar hij weet ze ook met verve in te vullen. Zowel zijn reactie op de tarantulabeet als de rap in Waterfalls zijn nu al klassiek.

73594_10151571465678461_1664032562_n

Geen meesterwerk en ook niet zo doorwrocht (of genderkritisch) als The Heat, maar wel absoluut de moeite waard. Goed gemaakt, grappig, onderhoudend. En voor de mannen die dat verder weinig kan schelen is er altijd nog de striptease van mevrouw Anniston. Maar die is in de trailer ook al even te zien.

Kick-Ass 2 (Jeff Wadlow, 2013)

51f216b020965

Beoordeling: 5

De eerste kick-ass was alles wat de titel beloofde. Nieuw, ultragewelddadig, in your face en erg grappig. Deel twee is een herhalingsoefening die de scherpe tanden van het origineel vervangt door een kunstgebit. Op het nachtkastje.

Na de wervelende avonturen in het eerste deel probeert Kick-Ass (Aaron Taylor Johnsons) zijn leven weer op te pakken. Hij traint met Hit-Girl (Chloë Grace Moretz) en raakt betrokken bij de oprichting van een nieuw team met superhelden onder leiding van de memorabele Captain Stars and Stripes (Jim Carrey). Aan de andere kant van het spectrum begint Red Mist (Christopher Mintz Plasse) onder de codenaam Motherfucker een eigen team met übervillans. En dan wordt het pas echt tijd om kont te schoppen.

Kick-Ass 2

Voor mij was de eerste Kick-Ass van Matthew Vaugn in 2010 een donderslag bij heldere hemel. Ik had de strip nooit gelezen en ging plat voor de originaliteit, de hardheid en perfecte balans van de film. Uiteraard zat ik klaar om opnieuw te genieten. Maar nee. Dikke bummer.

Deel twee faalt. Niet op alle fronten – de relatieve nieuwkomer Jeff Wadlow heeft enkele elementen met succes getransplanteerd – maar wel op meer dan goed is voor mijn kijkplezier. What have you?

De film is te groot. Tuurlijk, deel één was geen intiem pareltje van nuancering en terughoudendheid, integendeel, maar de film concentreerde zich sterk op twee karakters en pakte vooral uit in de gevechten en het geweld, niet in de narratie. Deel twee stapelt verhaallijn op verhaallijn en introduceert een batterij karakters waar een Russische roman jaloers op zou zijn. Dat leidt automatisch tot oppervlakkigheid.

Film Title: Kick-Ass 2

Of het nu gaat om de verhaallijntjes van de twee hoofdrolspelers zelf, de introductie en ontwikkeling van de nieuwe helden en al helemaal die van de schurken: alles is even groot aangezet en even schetsmatig uitgewerkt. Nóg een ontwikkeling, nóg een karakter, nóg een nieuwe verhaallijn. Natuurlijk moet je dan als scenarioschrijver werken met cliche’s en grote bewegingen, anders verliest iedereen het overzicht.

Een eenvoudig voorbeeld vormen de worstelingen van Hit-Girl op school, nadat zij door haar opvoeder gedwongen is om de superheldenstatus af te leggen. De manier waarop zij pogingen onderneemt om bij de populaire groep te horen en de voorspelbare teleurstelling die daaruit volgt en de obligate wraak voelen onecht en simplistisch aan. Eerder makkelijke trucjes om het publiek op de hand te krijgen dan werkelijke pogingen om het karakter te verdiepen.

REASONS-TO-LOVE-KICK-ASS2-2v

Dat probleem kenmerkt de film als geheel en daardoor blijf je veel meer dan bij deel één op afstand. Wat zeg ik: af en toe krijg je het idee naar een kinderprogramma op Nickelodeon te kijken.

Het ligt absoluut ook aan het ontbrekende acteertalent van Moretz als Hit Girl. In de eerste film was ze nog erg jong en daar viel het minder op maar hier moet ze meer emoties laten zien en dat lukt haar nergens. De rest van de cast is misschien wat beter maar ook de karakters van mensen als Taylor-Johnson en Carrey  blijven grotendeels plastic. Dat zal ongetwijfeld voor een deel door de aanpak van de film komen en de moeilijk serieus te nemen kostuums. Maar toch.

Niets goed? Nee, zoals gezegd zijn een aantal elementen uit de oorspronkelijke film min of meer succesvol overgenomen. Het thema van de superheld in het gewone leven blijft boeiend, de vaart zit er wel degelijk in en het aanstekelijke geweld is nog steeds aanwezig (zij het een stuk minder pakkend en effectief). De vechtscenes zijn flitsend en zeer onderhoudend. Hier en daar heb ik absoluut ook wel moeten lachen, want de humor blijft anarchistisch. Plus, Jim Carrey mag dan plastic zijn, hij is wel een fantastische keuze voor captain stars and stripes en binnen het palet van de film doet hij het prima. Ik heb me niet verveeld.

kick-ass-2-kick-ass

Geen 4 dus. Maar het elan, de kracht en de originaliteit van het eerste deel zijn verdwenen. En dat is eeuwig zonde.

 

Elysium (Neill Blomkamp, 2013)

16280689368574712194

Beoordeling: 6,5

Deze film had eigenlijk een acht moeten krijgen. Tot ongeveer de helft was ik dat ook absoluut van plan. Maar toen raakten wat draadjes van het fraaie fabricaat los en alle pogingen die te verwijderen leverden alleen nog maar meer rotzooi op. Zonde. Eeuwig zonde.

Als rechtgeaarde sociale dystopie schetst Elysium een pessimistisch toekomstbeeld. De mensheid is in tweeen verdeeld. Een uitverkoren rijke bovenlaag woont zonder ziekte of veroudering hoog boven de aarde in Elysium, een paradijselijk ruimtestation, maar het grootste gedeelte leeft op de aarde, in één wereldwijde sloppenwijk. Arbeider Max (mat Damon) wordt bij een ongeluk op zijn werk blootgesteld aan dodelijke straling en probeert wanhopig een plek op de shuttle te krijgen.

elysium-660

In het eerste uur toont de originele jonge regisseur Neill Blomkamp zich in alle opzichten een meester van het metier en een vernieuwer van de sociale sciencefiction. Net als in zijn eersteling District 9 laat hij daarbij zien een kundig observator van de menselijke aard te zijn.

Grootste kracht in dat eerste uur is de wijze waarop Blomkamp de twee werelden neerzet. Het paradijselijke Elysium is pasgemaaid groen, strak gestyleerd en hypergezond, maar de aarde maakt de meeste indruk. Gefilmd in sloppenwijken in Mexico voelt deze stoffige en zwetende habitat zo écht aan dat je er acuut depressief van wordt.

120-1024x406

Hoe Blomberg het precies doet is onduidelijk. Hij zet de decors nergens vet aan maar net als in District 9 weet hij een volledig reële wereld te creeren. Prachtige overzichtsshots gevolgd door korte gedetailleerde observaties en vervolgens meteen door naar het verhaal. Dat is het volgens mij. En dan kleurrijke aanvullingen binnen de narratieve lijn. De Mexicaanse gesprekjes met de kinderen, de scene bij de bushalte, de eerste beelden van de massale en deprimerende fabriek (de herhaling de volgende dag): zo word je als kijker binnen geleid, opgeslokt en volledig geassimileerd. Knap.

Daarnaast is ook de verhaalopbouw sterk. Je zit snel in het hoofd van Max en leeft met hem mee. Misschien zou je de herinneringen uit de jeugd met de non en de eerste liefde wat sentimenteel kunnen noemen, maar ze werken wel. En bovendien: wanneer de twee werelden eenmaal met hun karakters zijn gedefinieerd begint al snel de actie en die is even knetterend als strak. Woeste, verpletterende gevechten, ruwe details en een hoge snelheid.

elysium-1

Dat komt absoluut ook door de geloofwaardigheid van de karakters. Mat Damon speelt kaal en gehavend alsof zijn leven er écht vanaf hangt, Jodie Foster is een heerlijke bitch en William Fichter zou je als malafide fabrieksbaas met plezier is een vleesvermaler duwen. Het is echter Sharto Copley (de onvolprezen Wykus uit District 9) die een plakplaatje in zijn schrift krijgt. Met zijn Zuid-Afrikaanse accent (boykie, boykie) zet hij een psychopathische huurling neer die zijn weerga niet kent. Tien volle punten.

fBEy8S7

Allemaal goed dus en zonder meer ver boven het gemiddelde niveau van de doorsnee science-fictionfilm. Net zo goed als World War Z zullen we maar zeggen. En dan begint het gezeik.

Breekpunt is wat mij betreft de scene waarin Max thuis wordt verzorgd door zijn jeugdliefde en begint te communiceren met haar dochter. Ik begrijp de narratieve noodzaak, maar de uitwerking is wel erg sentimenteel en ligt niet in het verlengde van de toon van de rest van de film. Daarna blijven de goede elementen uit het eerste uur weliswaar aanwezig, het is niet zo dat de film plotseling afzakt naar een bedenkelijk niveau, maar de smetvlekjes beginnen steeds meer te irriteren. Misschien wel juist omdát de film eigenlijk zo goed is.

la_ca_0605_elysium

Dat begint met scenariotechnische vragen. Waarom zou een berekenende huurling als Kruger de vrouw en het kind in gijzeling houden nadat Max naar hem toe is gekomen? Waarom volgen de zelfzuchtige en pragmatische rebellen Max naar de ruimte om hem te helpen? Waarom wordt hun ruimteschip niet afgeschoten, zoals eerder in de film gebeurde met andere schepen? Telkens weer zijn er met enige fantasie wel mogelijke antwoorden te bedenken, maar toch.. vervelende loshangende draadjes. Plus die vreemde jurkenwisseling van Foster.

Het grootste probleem en voor mij ook wel een beetje een afknapper is echter het einde. Alles wat Blomberg vooraf heeft opgebouwd aan sociaal realisme, karakteropbouw en individuele machteloosheid wordt met één pennestreek om zeep geholpen. Boem.

Ik bedoel niet eens het feit dat Max een zich als een moderne Christus opoffert om de mensheid te redden, dat wordt in het verhaal nog wel onderbouwd (en is stiekem ook wel mooi), maar meer dat plotseling alle overlevenden door een heilig filantropisch vuur bevangen worden en de mensheid redden door alle middelen universeel beschikbaar te stellen. Wat een ongelooflijke kul. De overgebleven rebellen zouden het ruimtestation voor zichzelf hebben gehouden en de shuttles met geneeskrachtige zonnebanken zouden binnen tien minuten door de wanhopige krioelende massa zijn kapotgebruikt.

elysium_concept

Misschien ben ik te veel aan het zeiken. Word ik de zure oude azijnpisser die ik vroeger altijd zo haatte als ik slechte recensies las over films die ik goed vond. Misschien moet ik over een half jaar nog eens kijken. Maar nu ben ik nog te zeer een moeder en is Elysium het prachtige, smetteloos witte communiejurkje waarop eerst een grasvlek komt en dan aardbeienijs en tenslotte blijkt er ook nog een gat in te zitten.

Percy Jackson, sea of monsters (Thor Freudenthal, 2013)

Percy-Jakson-La-mer-des-monstres_portrait_w858

Beoordeling 4

Deel 1, the lightning thief, was dan geen meesterwerk, de film hád in ieder geval wat. Dat kun je bepaald niet zeggen van Sea of Monsters.

Als de onzichtbare muur rond hun kleinschalige woonvorm voor Griekse halfgoden verdwijnt gaan Percy en zijn vrienden op zoek naar het Gulden Vlies. Daarbij moeten ze rivalen van zich afslaan, monsters bevechten en de herrijzenis van een oeroud kwaad zien te voorkomen. All in a days work voor de zoon van Zeus.

percy-jackson-sea-of-monsters-debut-trailer

Eigenlijk zou het prima moeten werken, die transitie van de Griekse Godenwereld naar de moderne tijd binnen een pubercontext. De boeken van Rick Riordan verkopen nog steeds als een tiet en de eerste verfilming door Chris Columbus was vlot, grappig en effectief. Hellehond in het bakkie zou je denken. Maar nee. Sea of Monsters háált het niet bij zijn voorganger en schiet op zo veel fronten te kort dat ik nauwelijks weet waar ik moet beginnen.

Het verhaal is slap, nergens echt spannend en slecht geconstrueerd. De ene korte scene volgt op de andere en een overstijgende spanningsboog ontbreekt. Losse verhaalfragmenten worden afgeraffeld en potentieel interessante confrontaties zijn voorbij voordat ze beginnen. Daarnaast lijken andere elementen, zoals bijvoorbeeld de taxirit met de drie schikgodinnen (pfff) of het ritje op het zeepaard enkel en alleen om het effect in de film te zijn gezet. Jaja, zal wel in het boek zitten, maar dan nog.

percy-jackson-sea-of-monsters-animation

De karakters lijken van bordkarton. Met gedachten half zo diep als de Maas in een tropische zomer en uitspraken waar je tenen elke twee minuten van krullen maken ze zichzelf volstrekt oninteressant voor iedereen die ouder is dan 12. Goed, Mr. D. is leuk en Percy en Annabeth irriteren niet voortdúrend maar de rest van de personages kunnen zo naar de stort.

De digitale effecten hebben beslist niet het grootste gedeelte van het budget opgeslokt of anders zijn ze te duur betaald. De stier beweegt armoedig, het zeepaard doet de berijders vreemd schokken, de taxirit is cartoonesk en de hond rent te duidelijk digitaal van hot naar haar. Charibdis en Kronos mogen er dan wel weer zijn.

Percy-Jackson-Sea-of-Monsters-percy-jackson-and-the-olympians-35048405-960-600

En even: sea of monsters? In de hele zee zit welgeteld één monster en dat blijkt relatief weinig problemen op te leveren. Sea of Monsters… vissekom of the afvoerputje!

Percy-Jackson-Sea-of-Monsters-2

Plus dan nog de humor. Normaliter het levensbloed van dit soort films, maar hier gewoon absoluut niet leuk. Je merkt het in de bioscoop als na duidelijk grappig bedoelde uitspraken geen hond lacht. Ronduit pijnlijk. Terwijl in het publiek toch echt de doelgroep aanwezig was. De enige uitzondering is Stanley Tucci die als Mr. D. de show steelt.

Nee, Sea of Monsters laat één ding duidelijk zien, Chris Columbus – de regisseur van het eerste deel – is een echte vakman is. Híj weet hoe je een publieksfilm voor jongeren moet maken. Thor Freudenthal heeft nog veel te leren.

Mud (Jeff Nichols, 2013)

MudPoster-1055x800

Beoordeling: 7,5

Ik come al jaren of age en als ik mezelf een beetje ken zal dat nog wel tot mijn dood duren. Misschien is dat de reden waarom ik boeken en films over de groei naar volwassenheid zo kan waarderen. Mud is daarbinnen een cadeautje. Niet zonder zwaktes maar wel mooi. Erg mooi.

In Arkansas groeien Ellis (Tye Sheridan) en zijn vriend Neckbone (Jacob Lofland) op aan de oevers van de Mississippi. Tijdens een van hun avontuurlijke boottochten varen ze naar een onbewoond eiland in de rivier en ontdekken daar de voortvluchtige zonderling Mud (Matthew McConaughey). Zo begint een eigenaardige vriendschap die de persoonlijke groei van de twee jongens sterk beinvloedt.

thumbnail_9452

Mooie voorbeelden? Les quatres cent coups, fietsendieven, The neverending story, The Road, The Return! Maar meer dan alle anderen: Stand By Me van Rob Reiner. De sfeer van lang vervlogen zomers, het verstrijken van de tijd, vriendschap en eerste liefde. Voelbaar overgebracht naar het celluloid. Zo mooi en treffend dat je aan het eind even zucht en blijft zitten omdat  je weer twaalf bent en dat gevoel niet kwijt wilt. Laat ik eerlijk zijn: helemáál zo onvoorwaardelijk naar het verleden heeft Mud me niet gekregen. Waarom niet leg ik uit in de laatste alinea. Eerst al het moois.

Regisseur Jeff Nichols weet hoe hij een verhaal moet vertellen. Ondanks grote emoties blijft hij – net als in zijn nóg betere voorganger Take Shelter (een van de tien mooiste films van 2012) – voortdurend klein. Nergens zet hij zaken zwaarder aan dan nodig. Geen knallen, geen overtrokken sentimenten, geen overdaad maar in plaats daarvan eenvoud en rust. Behalve in de climax, maar daarover straks.

Het gebruik van de omgeving is fenomenaal. Het zuiden van de Amerika komt verstild en poetisch tot leven. In de onopvallende maar fraaie beelden van cameraman Adam Stone maar ook in allerlei verhaalelementen, zoals de boot waarop het hoofdpersonage woont, de Mississippi die een belangrijke rol speelt in het verhaal, de kleurrijke karakters en de vanzelfsprekendheid van hun dagelijkse bezigheden. In die zin resoneert de film op de tonen van Winters Bone en Beasts of the Southern Wild. Alleen dáárom zou je al kijken.

mud

Dan zijn de acteurs stuk voor stuk geweldig. Oudgedienden als Sam Shepard en Joe Don Baker zorgen voor kleur, Witherspoon speelt in een kleine rol voortreffelijk, maar het zijn vooral McConaughey en de twee jongens, Tye Sheridan en Jacob Lofland, die de show stelen. McConaughy bewijst voor de zoveelste keer voor iedereen die het nog steeds niet wil geloven dat hij geweldig kan acteren (en speelt leuk met zijn eigen imago door een groot gedeelte sterk gehecht te blijven aan zijn enige shirt). De twee jongens zijn zo terughoudend en genuanceerd dat je gewoon volledig vergeet dat je naar een film kijkt.

6305_10151465577432123_413770563_n

De muziek is prachtig. David Wingo houdt zijn score in overeenstemming met de toon van de film klein, maar haalt met nadrukkelijke bluegrass- en Americana-elementen de sfeer van het Zuiden tastbaar naar voren.  Aanvullende tracks van Dirty Three en Ben Nichols zijn een extra snaar op de banjo.

Het verhaal kent vele lagen en vormt daardoor een rijke bron van herkenning en overpeinzing. Ik weet aan het eind van de film niet wat ik het mooist vind: de vriendschap tussen de twee jongens, de relatie met de ouders, de schets van het armoedige bestaan down south, de spanning van de voortvluchtige crimineel, zijn tragische verhouding met zijn geliefde en zijn “vader”, het verstrijken van de tijd, het einde van idealen? Wie zal het zeggen. En al die lagen zijn goed genoeg uitgewerkt om binnen te komen en overeind te blijven staan.

???????????????????????

Dan toch ook de minpunten. Snel, want het doet bijna pijn. De climax heeft – hoewel spannend – last van te veel anabolen. De afronding daarna had van mij niet gehoeven. Het haalt wat weg van de magie en verplaatst het perspectief van de jongens naar Mud: geen goede zaak. Misschien de lengte, iets langer dan twee uur: had korter gekund. Maar dat is het dan ook.

En nu doe ik alsof ik de bovenstaande alinea niet heb geschreven en slaak een aangename, diepe zucht.  Nog even in de sfeer blijven.

Man of Tai Chi (Keanu Reeves, 2013)

a7a82fb

Beoordeling: 6

In afwachting van de hopelijk veel leukere 47 Ronin moet Man of Tai-Chi maar even als opvullertje dienen. Is oneface-actor Reeves áchter de camera beter dan er vóór. Ja. Maar dat zegt niet veel.

Tiger Chen (gespeeld door, let op: Tiger Chen) probeert tijdens georganiseerde gevechten te laten zien dat Tai-Chi niet slechts een meditatievorm is of Chinese gymnastiek voor bejaarden, maar een echte vechtsport. Hij doet dat met zo veel succes dat de duistere onderwereldbaas Donaka Mark (Keanu Reeves) hem betrekt bij illegale gevechten op leven en dood. En succes corrumpeert, dan maak je fouten, gelukkig is er de oude wijze sensei, nederigheid, loutering blablablayaddayadda.

MAN_OF_TAI_CHI_Image_12

Reeves is een martial-arts fan. Hij houdt van kung-fu films en zijn rol in de Matrix (blijft een fantastische film) en de daaruit voortvloeiende vriendschap met choreografielegende Yuen Woo Ping wakkerde het vuur alleen maar aan. In Man of Tai Chi mag hij eindelijk – hij werkte vijf jaar aan het scenario – een persoonlijke visie op oosterse vechtsporten geven.

Voorzover het visuele stijl en de gevechten zelf betreft is hij daar prima in geslaagd. De film ziet er goed uit – half glad en half rauw – en de gevechten zijn even flitsend als bevredigend. Dat ligt voornamelijk aan de jonge held Tiger Chen (Chen Hu). Sinds zijn 8ste geschoold in vechtsporten, werkte deze protege van Woo Ping eerder mee als stuntman en choreograaf aan de twee laatste delen van The Matrix, Chroucing tiger, hidden dragon, Kill Bill en Charlie’s Angels. Dat staat garant voor ongemeen soepele bewegingen en fantastische kinetiek.

p_538342

Maar dan is er toch weer meneer Reeves zelf. Als regisseur mist hij de ervaring om een strak samenhangend verhaal neer te zetten en gewicht of geloofwaardigheid te leveren. Goed, misschien is dat logisch voor een debuterend regisseur en bovendien: er zijn echt wel slechtere debuten aan te wijzen. Maar er is een groter probleem.

Reeves heeft – commercieel verdedigbaar – er voor gekozen om zelf een belangrijke rol in de film te spelen. Die van bad guy Donaka Mark. En daar gaat het echt mis. Zodra hij in beeld verschijnt met zijn uitgestreken donkere contemplatieve look en nog meer als hij zijn bek open trekt, zakt de moed je kolossaal in de schoenen. Net als in alle voorafgaande films – je zou als je echt héél positief wil zijn van een consequente aanpak kunnen spreken – speelt hij de rol die hem op het lijf is geschreven: die van absolute non-presence. In de film draagt hij af en toe een masker, maar je weet nooit echt wanneer: het maakt geen verschil.

1eLok

Over zijn gevechtstechnieken kan ik moeilijk oordelen. Ik vind het er allemaal goed uit zien en er zijn fans op IMDB die dat delen maar andere struikelen over elkaar heen om tekortkomingen aan te wijzen. Erger is Tiger Chen zelf, die bij deze film ook als instructeur fungeerde: hij zei (waarschijnlijk met de beste bedoelingen) tegen een interviewer: “Keaunu Reeves isn’t gifted but hardworking”. Ik zou zeggen: burnnnn.

En dan is er nog het verhaal. Vijf jaar aan gewerkt? Pfff. Een verzameling misplaatste en volstrekt oppervlakkige clishés over hoe succes en macht kunnen corrumperen maar traditie en nederigheid uiteindelijk leiden tot inzicht. Karate Kid is er een bodemloze put van filosofische wijsheid bij. En dan hebben we het nog niet gehad over narratieve inconsequenties en het feit dat zowel de held als (vooral) de schurk nauwelijks uit de verf komen. Erg jammer, want er had beslist meer in gezeten.

Man-of-Tai-Chi-image-31

Maar ach, het is vakantie en ik heb me niet verveeld. Dan maar met gekruiste vingers wachten op 47 Ronin.

Harakiri (Masaki Kobayashi, 1962)

harakiri-poster_336297_28429

Beoordeling: 8,5

Tussen alle moderne bedrijven door is het soms aangenaam verpozen bij een een onbetwiste oude klassieker. Vooral als je die nog nooit eerder hebt gezien. Een eerste kennismaking met een oude vriend.

Hanshiro Tsugumo, een oude, werkloze Samurai, klopt aan bij het huis van de clan Ivy met het verzoek daar harakiri te mogen plegen. De clanoudste is skeptisch want dat gebeurt onder invloed van werkeloosheid en armoede wel meer, maar vooral in de hoop dat het verzoek wordt afgewezen en de gegadigde een klein geldbedrag krijgt. Tsugumo lijkt echter oprecht in zijn verzoek. Hij vraagt om twee gunsten: dat hij zijn secondant zelf mag uitkiezen en dat hij zijn verhaal mag vertellen. En dan blijkt dat er veel meer aan de hand is dan op het eerste gezicht lijkt.

harakiri800

Harakiri is een indrukwekkende film. Stil en rustig, met een perfect gevoel voor sfeer en stilistiek trekt regisseur Kobayashi de kijker het verhaal binnen, zet hem aanvankelijk op het verkeerde been en pakt dan genadeloos uit met een nihilistische beschouwing over eer, de hypocrisie van de samoeraiwetten en de ijzeren greep van armoede. Het is absoluut niet overdreven om hier te spreken van een meesterwerk.

Harakiri.1962.REPACK.1080p.BluRay.x264-CiNEFiLE.mkv_snapshot_01.50.08_2011.11.21_22.59.31

Eerst maar het verhaal. Dat is tegelijkertijd een filosofische beschouwing, een morele aanklacht, een rechtbankdrama en een menselijk verhaal over plicht en toewijding. Er is veel te bewonderen maar als ik probeer te analyseren wat op mij zo’n indruk heeft gemaakt dan is dat toch vooral het scenario van Shinobu Hashimoto (die ook het meesterlijke scenario voor Rashomon schreef).

In de bovenlaag vertelt deze geweldige schrijver een treurig verhaal over een vader die nadat hij werkloos is geworden vanuit oprechte liefde en toewijding wil zorgen voor zijn dochter en schoonzoon en voor zijn kleinzoon, maar die daar door de harde realiteit niet in slaagt. Dat is echter niet alles, want met behulp van verschillende tijdlagen en vertelperspectieven legt hashimoto steeds een nieuw stuk van de werkelijkheid bloot en ontleedt zo genadeloos precies de mythe van de nobele samoerai en de dubbele moraal van instituties. Voer voor een analysecursus!

harakiri-1024x576

En dan is er de prachtige vormgeving. Stilistisch gezien doet het camerawerk sterk denken aan de films van Ozu, met ongewoon lange shots en stille, statische interieurs, Spartaans ingericht om de nadruk op de handeling en het verhaal te leggen. Hoewel de camera hier en daar in tegenstelling tot bij Ozu ook regelmatig beweegt blijft het tempo laag en krijgt elke lijn tijd om te ademen. Voor menig modern kijker zal dat een aanslag zijn: ik vond het een verademing. Sommige scenes, zoals bijvoorbeeld het gevecht in het grasveld, zijn erg mooi, andere, zoals de eerste harakiri, ongemeen intens.

HARAKIRI

Kobayashi maakt het de kijker niet makkelijk. Hij wendt zijn camera niet af bij pijnlijke momenten en snijdt ook niet weg. Niet bij de intens pijnlijke harikiriscene maar óók niet – en vreemd genoeg maakt dat nóg meer indruk – op de meer stille momenten waarin personages niet meer weten wat ze moeten doen of volstrekt wanhopig in elkaar zakken. Minuten lang – zo lijkt het toch – veroordeelt hij de kijker tot de rol van getuige en dat veroorzaakt een existentieel ongemakkelijk gevoel. Ik kan het niet anders zeggen: ongelooflijk knap gedaan.

morr

Ook verder is er eigenlijk niets verkeerds aan de film te ontdekken. De acteurs zijn zonder uitzondering uitstekend. Ik kan ze hier noemen, maar dat zou erg snobistisch zijn: ik heb ze nooit eerder zien spelen en had er nog nooit van gehoord. Maar laat ik zeggen dat Tatsuya nakadai (als protagonist Hanshiro Tsugumo) wat mij betreft zo een Oscar zou mogen krijgen. De muziek is onheilspellend en effectief, de montage aangenaam traag en de kostuums en decors zien er prima uit. Ja, hier en daar zal een westerling wat al te zware dramatiek in de gezichtsexpressies zien en het tempo is waarschijnlijk ook niet voor iedereen, maar soit.

Ik heb het idee dat ik vandaag een meesterwerk heb gezien. Dat kun je beslist niet elke dag zeggen.

En voor de echte liefhebber is hier de hele film (Criterion-editie met de mogelijkheid tot ondertiteling in het Engels):

RED2 (Dean Parisot, 2013)

red2-poster-950

Beoordeling: 6,5

In 2010 maakte Robert Schwentke (van RIPD) de leuke stripverfilming RED. Nu is er het vervolg met een groot deel van de oude cast, een andere regisseur en nieuwe boeven. Een herhalingsoefening, maar zeker geen slechte.

De gepensioneerde CIA-agent Frank Moses (leuke rol van Bruce Willis) ziet zich gedwongen zijn burgerbestaan met Sarah (nog leukere rol van Mary Louise Parker) aan de wilgen te hangen en zijn oude team weer bij elkaar te roepen. Gezamenlijk binden ze de strijd aan met Anthony Hopkins die een nucleaire bom in het Kremlin wil laten ontploffen. En dan worden ze ook nog achterna gezeten door een aantal fantasierijke schurken.

Red-2

RED2 wil de spionagefilm net als de oorspronkelijke RED niet naar een tinkertailersoldierspyniveau tillen. Wat zeg ik: tegenover RED2 is James Bond een realistische documentaire en dat zal menige kijker wegstoten. Iedereen die op zoek is naar realisme – hetzij extern, hetzij binnen de verhaalwerkelijkheid zelf – heeft hier weinig te zoeken.

Wie daarentegen wil genieten van vermakelijke en goed gemaakte wervelende actie, kan het zonder meer slechter treffen. Net als Schwentke weet ook zijn collega Dean Parisot (van Galaxy Quest) een leuke verhouding te vinden tussen humor en actie en maakt hij goed gebruik van chemie tussen de verschillende karakters. Dat het verhaal volstrekt ongeloofwaardig is, weinig interne consequentie kent en soms erg snel verspringt is daarbij nauwelijks van belang.

red2-helen-mirren-guns

RED2 is een achtbaan die je het beste kunt ondergaan door het verstand op nul te zetten en gewoon languit te genieten. Ten opzichte van de oorspronkelijke RED zijn zowel de actie als de humor verdubbeld en ligt het tempo een stuk hoger. Logisch ook, want inmiddels zijn de karakters bekend en hoeft er geen tijd meer te worden besteed aan uitgebreide achtergronden.

De plezierige toon in de film is echter vooral te danken aan een krachtige team van rasacteurs. Zij lijken stuk voor stuk erg veel lol te hebben in elke over the top actiescene waarin ze verwikkeld raken. Morgan Freeman is in het eerste deel overleden, maar verder geeft iedereen acte de presence. Zoals gezegd spelen Willis en Parker erg goed, maar opnieuw krijgen Malkovich en Mirren veel ruimte en dat is bepaald geen slechte zaak.

red2-legends

Daarbovenop introduceert de film een aantal zeer vermakelijke nieuwe schurken. Anthony Hopkins is misschien wel wat karikaturaal (hoewel de scene in het vliegtuig veel goed maakt) maar Catherina-Zeta Jones als uberbitch en Byun Hung Lee als ijskoude martial-artskiller stelen de show. Daarnaast heeft ook David Thewlis een leuke rol als wijnkenner met bijzondere hobby’s.

Vlot, snel, grappig, onderhoudend. Probleemloos amusement. Goed, weinig nieuws en hier en daar misschien wel erg overtrokken, maar hé: het is zomer! Plus: de nieuwe overgangen met striptekeningen werken beter dan die met ansichtkaarten uit de voorganger. Toch blijft die wat mij betreft nét iets beter.

The Conjuring (James Wan, 2013)

the-co10

Beoordeling: 7,5

Het is niet makkelijk een goede horrorfilm te maken. Er kan zo veel mis gaan: te veel, te weinig, niet eng, belachelijk. Des te plezieriger als het goed gaat.

Ed en Lorraine Warren (Patrick Wilson en vera Zunniga) zijn een door de wol geverfd paranormaal onderzoekersechtpaar. Als zij echter bij de familie Perron belanden in een spookhuis aan de rand van een meertje worden hun vaardigheden danig op de proef gesteld.

IMG_0278.dng

Eerst maar even de historische achtergrond, dan hebben we dat gehad. De familie perron bestaat écht en moeder Carolyn schreef een lijvige trilogie over hun bovennatuurlijke beproevingen – House of Darkness, House of Light – die regisseur James Wan gebruikte als basis voor zijn film. Ook het ghostbustersechtpaar Warren kan met foto’s en al via Google opgezocht worden (ze lijken wat op van die evangelische countryzangers). Zowel Carolyn Perron als Lorraine Warren traden op als consultants voor de film.

ed-warren-lorraine-warren (1)

Dat is  leuk en aardig voor mensen die dat nodig hebben en het vormt ook een belangrijk uitgangspunt voor de promotiecampagne, maar ik heb er niets mee. Psychopathologie komt voor in veel vormen en dit is er één van. Dat wil echter absoluut niet zeggen dat de film daarom slecht is. Integendeel.

The conjuring is wat mij betreft juist een van de betere horrorfilms van de laatste jaren. Erg sfeervol, absoluut angstaanjagend en uitzonderlijk goed gemaakt. Drie pluspunten dus, die ik graag één voor één bespreek.

Sfeervol. De film rust nergens op brute moorden of vakkundig uitgevoerde martelingen maar enkel en alleen op spanningsopbouw en extreem effectieve schrikmomenten. Het camerawerk is zowel in de buitenlocaties als de interieurs meesterlijk (diepe kniebuiging voor John R. Leonetti). Boven alles is het echter de keuze van Wan om de sfeer van de jaren zeventig te gebruiken – en nadrukkelijk ook van de horrorfilms uit die tijd – die de film tot flink boven de middelmaat verheft.

8-the-conjuring

Angstaanjagend. The conjuring zit van voor tot achter vol met spanningsmomenten die het haar in je nek recht overeind zetten. Het is absoluut allemaal eerder gedaan maar Wan doet het zó ontzettend goed… Of het nu gaat om de dovende lucifers en de beelden die je verwacht als een nieuwe wordt opgestoken, de blikken onder het bed en achter de deur, het fantastische spel met de klappende handen of de scene’s in de kelder: telkens weer zit je op het puntje van je stoel. Timing en uitvoering zijn om je vingers bij af te likken. Echt: chapeau. Mijn favoriete scene is waarschijnlijk het moment dat Carolyn op klaarlichte dag naar het meer loopt en als ze zich omdraait achter haar man een heks ziet hangen. Of nou: alleen twee benen eigenlijk. Ongelooflijk krachtig moment.

The_Conjuring_Trailer_Banner_4_2_13

Goed gemaakt. Technisch gezien heeft deze film alle troeven in de hand. Uitstekende acteurs die geloofwaardige karakters neerzetten, sterke timing, vakkundige montage, zorgvuldig uitgesponnen spanningsopbouw en sterke muziek en geluidseffecten. Zelfs in de climax, waar veel horrorfilms echt de mist in gaan door een overdaad aan effecten of het “tonen” van het monster –  weet Wan te verassen met een origineel gefilmd exorcisme en het heen en weer schakelen tussen drie verschillende perspectieven. Nou ja: ik vond dat erg boeiend, ik las ook recensenten die zich daar juist aan stoorden, maar dit is mijn blog dus dat zijn amateuristische azijnpissers.

Nee, Wan bewijst zich opnieuw. Na zijn meesterlijke en vernieuwende Saw en het zeer verdienstelijke Insidious laat hij wéér zien dat hij het horrorgenre niet alleen beheerst maar ook nog eens van nieuw bloed kan voorzien (pun intended). Ik ben benieuwd of hem dat met Insidious 2 opnieuw gaat lukken (lijkt me sterk, maar goed).

The-Conjuring

Niets dan lof? Nou ja, zoals gezegd: er is weinig nieuws onder de zon. Het is allemaal uitstekend gedaan maar de film voelt nergens fris of anders aan. En hoewel de climax zeker niet slecht is en absoluut niet zo teleurstellend als die in menige andere horrorfilm, mist hij toch wel een beetje de intensiteit van de rest van de film. Plus het moment daarná, als het gezin huilend op het grasveld nederzijgt en de Warrens op de Veranda glimlachend toekijken, dat had wel wat minder melodramatisch gemogen. Maar eerlijk gezegd maakt dat allemaal weinig uit. De rest van de film compenseert dat wel.

Ik kan het niet anders zeggen: ik heb genoten. Met kippenvel.